Tweede Wereldoorlog

De sporen van de Tweede Wereldoorlog zijn overal terug te vinden in Noord-Holland. De verdedigingswerken van de Atlantikwall, de historische panden die door de Duitsers gevorderd werden, de beelden en monumenten die de slachtoffers herdenken en de archeologische vondsten die herinneren aan deze donkere periode. Maar de Tweede Wereldoorlog heeft niet alleen fysiek haar sporen nagelaten. De gebeurtenissen van de oorlog staan bij de ooggetuigen in het geheugen gegrift. Die verborgen verhalen bewaart Oneindig Noord-Holland, opdat ze nooit verloren gaan.

Verhalen

Alles Rembrandt in de Tweede Wereldoorlog

Nederlanders moeten zich een vanzelfsprekend deel voelen van het groot-Germaanse rijk. Om dat te bereiken draaien de Duitse propagandamachines op volle toeren. De Duitsers zoeken naar een nieuw nationaal symbool, iemand die de typisch Germaanse 'volkse kracht' belichaamt.

>

Kamp Schoorl: de woelige geschiedenis van de Schoorlse Duinen

Een middagje wandelen door de Schoorlse Duinen is natuurlijk nooit weg. Lekker een luchtje scheppen in de zon, omringd door een uitgestrekt natuurgebied. Verschillende wandel- en fietsroutes beginnen bij het bezoekerscentrum. Wat weinig mensen weten is dat dit centrum op een stuk grond staat dat een roerige geschiedenis kent.

>

Het verhuizende monument van Den Helder

We herdenken de slachtoffers van de Tweede Wereldoorlog nog ieder jaar. Vaak doen we dat bij monumenten die kort na de oorlog zijn opgericht, maar in Den Helder hebben ze recent nog een nieuw monument geplaatst. Het monument Rijkswerf 1940-1945 herdenkt de werknemers van de voormalige Rijkswerf Willemsoord die in de oorlog om het leven kwamen.

>

De uitbarsting van naoorlogse volkswoede

Het mag dan vrede zijn in mei 1945, vredig is de situatie zeker niet. Nederland verkeert in totale chaos. Een uitbarsting van volkswoede richt zich op iedereen die maar van collaboratie wordt verdacht. Alle verdachten moeten worden opgepakt, met gezin en al. Als eind juni 1945 het eerste naoorlogse kabinet aantreedt, zijn al meer dan 100.000 mensen geïnterneerd. Ze worden hard aangepakt en de situatie in de 'kampen' waarin ze terecht komen is tergend. Een historicus schrijft later: 'Het lijkt erop alsof de bewakers de methodes van de voormalige bezetters willen evenaren.'

>

De massale klopjacht op oorlogscrimineel Pieter Menten

Het is nog vroeg als een kolonne politiewagens op 15 november 1976 de Vliegweg in Blaricum opdraait. De stoet stopt bij nummer 7. Veel agenten zijn uitgerukt om ondernemer, kunstverzamelaar en multimiljonair Pieter Menten te arresteren.

>

Het einde in zicht: de laatste oorlogsdagen in Loosdrecht

In april 1945 komt het eind van de oorlog steeds dichterbij, maar dat betekent niet dat alle spanning uit de lucht is en de wapens direct worden neergelegd. Jacob Streefkerk uit Loosdrecht beschrijft de oorlogstijd gedetailleerd in zijn dagboek. Lopen kan de invalide Jacob niet, maar luisteren des te beter. Hij verzamelt veel gegevens over wat er in de Tweede Wereldoorlog gebeurt en tekent alles wat hem ter ore komt nauwgezet op.

>

Hoe Artis de Tweede Wereldoorlog doorkwam

Artis is in de Tweede Wereldoorlog een van de weinige plekken in Amsterdam waar mensen nog kunnen ontspannen. De dierentuin blijft de hele oorlog open en ook veel Duitsers komen om er een middagje te spenderen. Ondertussen zitten er tussen 1940 en 1945 twee- tot driehonderd mensen in het dierenpark ondergedoken.

>

Het Gooi Bevrijd

Ooit vochten ze mee tijdens de invasie van Normandië of zorgden ze voor meer dan 535.000 kilo voedsel voor het westen van Nederland tijdens ´Operation Manna´ en ´Operation Chewhound´. Nu komen ze terug naar Nederland, samen met een aantal medeveteranen die andere delen van Europa probeerden veilig te stellen. Tijdens Het Gooi Bevrijd staan de geallieerde troepen én hun voertuigen centraal.

>

Velsen: het vertrek van het prinselijk gezin

Het is midden in de nacht van 11 op 12 mei 1940 als majoor Roest van Limburg, controleur-generaal van De Nederlandsche Bank wakker wordt gebeld. Generaal Best van de Vesting Holland vraagt hem of De Nederlandsche Bank een gepantserde geldauto heeft die ook geschikt is voor het vervoer van enige volwassenen en twee kinderen. Op dat moment weet hij nog niet zeker welke kostbare lading er vervoerd moet worden, maar de majoor heeft wel het donkerbruine vermoeden dat het om Prins Bernhard, Prinses Juliana en hun dochtertjes Beatrix en Irene zal gaan.

>

Zo waren de uitbundige bevrijdingsfeesten in Oostzaan

'The Germans in North-West Germany, Holland, Denmark, and the Frisian Islands accepted unconditional surrender, to go into effect at 0800 hours 5 May 1945.' Iedereen die op 4 mei 1945 stiekem naar de BBC luistert hoort woorden van deze strekking. Het is zo ver: de Duitsers hebben gecapituleerd en vanaf de volgende ochtend acht uur is Nederland weer vrij. Na het bericht gaan veel mensen juichend de straat op. Zo ook Andries Claasen en Jan Hottentot uit Oostzaan. Ze vertellen het nieuws aan iedereen die het wil horen. De voorbereidingen voor een groots bevrijdingsfeest kunnen beginnen.

>

De Wehrmacht en het verzet hadden één ding gemeen: Hilversum

Het is april 1942. De kans op een invasie is niet gering. Generaal Friedrich Chistiansen besluit daarom zijn Wehrmacht van Den Haag naar Hilversum te verhuizen. Daar vestigen ze zich in het raadhuis, dat in de jaren twintig is ontworpen door de beroemde architect Willem Dudok. Hilversum wordt voor zowel de Duitsers als voor het verzet een belangrijk communicatieknooppunt, van waaruit ze hun contacten met de wijde omgeving kunnen onderhouden.

>

‘Geen demonstratieve jodenknechtschap voor de klas’

'Het afscheid van de Weesper Joden, van wie hij sommigen goed en al heel lang kende, greep mijn vader erg aan. Hij stond te huilen op het perron. We hebben de ons bekende families een hand gegeven en gewacht totdat de trein vertrokken was. Dat was de laatste keer dat we ze hebben gezien.' Op 29 april 1942 verhuisden de Weesperse Joden naar Amsterdam. Vrijwillig was dat niet, de verplaatsing was in opdracht van de Duitse bezetters. De Joden hadden zelf woonruimte moeten vinden en hun spullen moesten ze achterlaten in Weesp, huisraad en al. De enige spullen die ze mee mochten nemen waren enkele stukken handbagage. Het gebeurde allemaal geruisloos. De enige twee niet-Joden op het perron waren Arend Bouhuys en zijn zoon Daan.

>