Tweede Wereldoorlog

De sporen van de Tweede Wereldoorlog zijn overal terug te vinden in Noord-Holland. De verdedigingswerken van de Atlantikwall, de historische panden die door de Duitsers gevorderd werden, de beelden en monumenten die de slachtoffers herdenken en de archeologische vondsten die herinneren aan deze donkere periode. Maar de Tweede Wereldoorlog heeft niet alleen fysiek haar sporen nagelaten. De gebeurtenissen van de oorlog staan bij de ooggetuigen in het geheugen gegrift. Die verborgen verhalen bewaart Oneindig Noord-Holland, opdat ze nooit verloren gaan.

Verhalen

‘Ik had mijn eigen Canadees!’

'Ik had mijn eigen Canadees', grapte Netty Pieneman-de Jonge na de herdenkingsdienst. Het was 1974 en ze wandelde met haar dochtertje Evelyn en een groepje kinderen uit de buurt terug naar huis. Nog altijd woonde ze in het huis op de Kloosterstraat 22 in Duivendrecht. Na de bevrijding was nummer 17 bewoond geweest door Canadese soldaten. Thuis haalde Netty een beige envelop tevoorschijn, met daarin een briefkaartfoto van een knappe jongeman in uniform. Achterop is in potlood gekrabbeld: '28/5 1923 – E.G. Glover – Hillsdown – Alberta – Canada'. Dat had hij er zelf op geschreven vertelde ze.

>

Zo verging het Schiphol tijdens de oorlog

Schiphol heeft flink te lijden onder de Tweede Wereldoorlog. Waar de luchthaven eind jaren dertig nog een van de modernste en drukste van Europa was, is er in 1945 helemaal niets meer van over.

>

15 maart 1945: een zwarte dag voor Enkhuizen

Half maart 1945 was het einde van de oorlog al in zicht. Enkhuizen had het geluk dat Ortskommandant Preusz een betrekkelijk redelijke man was en kwam tot dan toe relatief goed door de oorlog. De stad was wel drie keer gebombardeerd, maar de schade viel mee. Er was 'maar' één dode te betreuren. Toch was de dreiging van een bombardement nooit ver weg. Met zijn belangrijke haven vormde Enkhuizen een strategisch doel voor de geallieerden. Zo bleek ook in deze nadagen van de oorlog.

>

Oorlogsherinneringen uit de Kroon van Holland

'Marten Snoodijk stond bekend als vreselijk anti-Duits. En hij was bepaald niet bang uitgevallen,' herinnert Henk Cornelissen zich. De Wieringer kan zich de oorlog op het voormalige eiland nog scherp voor de geest halen. Marten had een fietsenmakerij in de Smidsteeg in Hippolytushoef, amper dertig meter van de Hoofdstraat vandaan. Daar klonk altijd Radio Oranje. 'Dat was in de oorlog dus levensgevaarlijk. Als de Duitsers het hoorden was je de klos. Maar daar zat hij niet mee. Hij nam dat risico. Bewust.'

>

Oorlogsherinneringen van een kind

Vanaf het najaar van 1944 maakten de geallieerden een snelle opmars. Om hun kant van de linie te kunnen verdedigen hadden de Duitsers steeds meer mensen nodig. Door middel van razzia's verzamelden ze mensen die voor ze moesten vechten en werken.

>

Verzetslieden genadeloos in de val gelokt

'De aap is los.' Iedereen die dinsdag 10 oktober 1944 naar Radio Oranje luistert hoort deze vreemde boodschap. Het is een droppingscode. Die nacht zullen de Britten een nieuwe wapenzending lossen boven het afwerpterrein Lobster in de Wogmeer. Verzetslieden staan daar klaar om de pakketten te verzamelen, maar de dropping blijkt uitgelekt. De nacht mondt uit in een bloedbad: de Slag bij Rustenburg.

>

Engelse vliegers in het Landsmeerderveld

Toen de brandstof op was sprongen de zes bemanningsleden uit hun Engelse tweemotorige Vickers Wellington bommenwerper van het 99e squadron. Ze vlogen boven de Noordzee en dachten vlakbij Engeland te zijn. Geen van de mannen overleefde het. Het vliegtuig stortte zonder bemanning neer in het Landsmeerderveld, maar toch leven de vliegers voort in Landsmeer.

>

Herinneringen aan de oorlog

Hij was bijna tien jaar oud toen de Tweede Wereldoorlog begon. Nicolaas Niele is geboren op 25 augustus 1930 in het dorp De Weere. Dit is zijn verhaal. 'De familie Niele is een familie van zwijgers. Daarom zie ik het als mijn taak om te vertellen over wat mijn ouders in de oorlog hebben gedaan voor joden en onderduikers. Onze familie heeft namelijk nog een andere eigenschap, we kunnen niet tegen onrecht.'

>

Herinneringen aan de Binnenlandse Strijdkrachten

In de herfst van 1944 voegde de regering vanuit Londen verschillende verzetsorganisaties samen tot één militaire organisatie: de Nederlandse Binnenlandse Strijdkrachten. De NBS (of BS) stond onder bevel van prins Bernhard. Op 12 september, de eerste dag van de bevrijding van Zuid-Nederland, besloot Klaas Groeneveld om een plaatselijke BS-groep op te richten in het dorp Opperdoes. Dick Huis was er lid en vertelt over zijn belevenissen.

>

De tien van Zijpersluis

Tijdens de Tweede Wereldoorlog is in Amsterdam de knokploeg Linie-West actief. Het is een verzetsgroep met zo'n vijfhonderd leden en 1500 onderduikers. Vader Dirk en zoon Antonie (Ton) Bons zijn twee van die leden. Op de Händelstraat 1 komen ze eens in de zoveel tijd met onder anderen David Blom, Johannes van Kan, Jacobus Heeren en Dirk Botterwerg bijeen. Een veilige plek is het echter niet, de huisbaas blijkt een actief NSB'er.

>

‘Als je de mensen zag smullen, brak je hart’

Drommen magere mensen, strompelend door de polders, op zoek naar iets te eten. In de winter van 1944-1945 wordt het bijna een gangbaar beeld. Een hongersnood is in Nederland al lang niet meer voorgekomen, maar nu is het de dagelijkse realiteit voor vrijwel alle stedelingen.

>

‘Geen knoop van mijn gulp voor de Winterhulp!’

De meeste winters van de Tweede Wereldoorlog waren streng. De winter van 1941-1942 was zelfs de koudste sinds 1789 en te vergelijken met die van 1963. Veel mensen leefden in armoede en daar maakte de Duitse bezetter gebruik van. De Duitsers richtten op 22 oktober 1940 de Winterhulp Nederland op, een kopie van de Winterhilfswerk des Deutschen Wolkes. Ze wilden laten zien dat ze de zwakkere Nederlanders steunden, om zo een wit voetje te halen bij de bevolking.

>