10 dingen die je moet weten over Admiraal Michiel de Ruyter
Het indrukwekkende portret van Admiraal Michiel Adriaenszoon de Ruyter kent iedereen. Maar wat voor man ging er eigenlijk schuil achter dat grote harnas?
>Het indrukwekkende portret van Admiraal Michiel Adriaenszoon de Ruyter kent iedereen. Maar wat voor man ging er eigenlijk schuil achter dat grote harnas?
>In 1900 werd in Amsterdam de Nederlandse Cocaïnefabriek (NCF) gevestigd waarmee Nederland de daaropvolgende jaren een zeer lucratieve handelspositie zou vergaren. Cocaïne werd toen al enige tijd veel gebruikt als geneesmiddel; het was goedkoop, vrij verkrijgbaar en zelfs artsen schreven het voor.
>De bakermat van het moderne boekhouden lag in het vijftiende-eeuwse Italië, maar ook Holland droeg een steentje bij aan de ontwikkeling ervan. Zo verbeterde Simon Stevin hier de zogenaamde ‘dubbele methode’ en bracht een Hollandse koopman de Zweedse overheidsadministratie op orde.
>In 1902 ontstond door fusie een rederij die een aanzienlijke rol vervulde bij het streekvervoer in Noord- en West-Nederland. De heer Verschure zag in dat goede aansluitingen en doorgaande verbindingen, ook met concurrenten, in het belang waren van de reiziger. En daarom ook goed voor zijn bedrijf.
>Parade van de Jeugdstorm in de Reguliersbreestraat Bron: BeeldbankWO2 – NIOD – 79136 Parade van de Jeugdstorm in de Reguliersbreestraat Parade van de Nationale Jeugdstorm in de Reguliersbreestraat. Op de achtergrond de Munttoren en rechts de Cineac bioscoop waar veel Polygoon journaals met Duitse en NSB propaganda te zien waren. De Jeugdstorm werd als jongerenorganisatie […]
>Het beloofde een prachtige dag te worden, Nederland was weer vrij! Maar dat werd het niet. Op vrolijke, zwarte maandag werden 32 feestvierende mensen de laatste slachtoffers van de oorlog.
>Op deze foto zie je het raadhuis van de gemeente Nieuwer Amstel, de voorganger van de gemeente Amstelveen, uit 1892, aan de Amsteldijk 67 in Amsterdam. Net als de pastorie van de dorpskerk en café ’t Hert in de Dorpsstraat is dit gebouw opgetrokken in een architectonische stijl die destijds erg populair was. Typisch voor deze architectonische stijl is de symmetrische vormgeving, met de entree in het midden en de ramen aan weerszijden. Vroeger was de gemeente Nieuwer Amstel veel groter dan Amstelveen nu, en liep door tot ver in het huidige Amsterdam-Zuid. De gemeente had haar raadhuis expres op de grens van haar grondgebied laten bouwen, om de gemeente Amsterdam te imponeren. Dat is helaas niet gelukt, want al twee jaar na de bouw, in 1894, werd het grondgebied geannexeerd door de gemeente Amsterdam en trok het gemeentebestuur van de gemeente Nieuwer-Amstel zich noodgedwongen terug in het oude dorp. Daar werd direct gestart met de bouw van een nieuw raadhuis aan de Dorpsstraat 75.
>In de achttiende eeuw telde Amsterdam zo’n tachtig buitenhuizen voor de rijke burgerij. In de zomer kon men zo de stank van de grachten ontvluchten. Van al die buitenhuizen is er nog maar één over: Huize Frankendael, in de Watergraafsmeer. Een huis dat verbonden is met een lange geschiedenis en vele kleurrijke bewoners. Het huis is prachtig gerestaureerd en sinds 2008 toegankelijk voor publiek! Tegenwoordig wordt in de oude stijlkamers prachtige hedendaagse kunst tentoongesteld: een heel bijzondere combinatie. Vier keer per jaar wisselt de expositie.
>Er waren nog geen auto’s en reclames en er liepen nog Paarden door de stad. Dit was het Amsterdam van George Hendrik Breitner: het Amsterdam waar hij zo verzot op was. Door vele Amsterdammers wordt hij dan ook gezien als een van de kunstenaars die de sfeer in de stad het beste wist te vangen. De kunstenaar, die vele schilderijen maar ook foto’s van onze hoofdstad maakte, was gefascineerd door de steeds moderner wordende stad.
>Voor het geliefde schilderij drommen steevast vele toeristen samen. Het is vaak vechten om een plekje voor het Winterlandschap van Hendrick Avercamp (1585-1634) in het Rijksmuseum.
>”t is hier zoo’n mooi café. Weet je nog wel, dat we hier samen hebben zitten praten, over de extase van de kwast. De rook van jaren heeft ’t goud hier zoo mooi oud gemaakt, en ’t rood als in moskeeën die ‘k heb gezien.’n
Het café waar Isaac Israels het in dit citaat over heeft heette eigenlijk Milles Colonnes, maar men noemde het simpelweg ‘Mast’, naar de eigenaar Joseph Mast. Voor Isaac Israels was het een van de plekken waar hij in zijn geliefde Amsterdam zo graag kwam. Hij heeft de hoofdstad veelvuldig geschilderd. Dienstmeisjes, naaimeisjes, de ‘café-chantants’, de grachten, en de nieuwe wijken: het waren zijn beste onderwerpen.
>De Amsterdamse kunstenares Thérèse Schwartze (1851-1918) was een uitzondering in haar tijd. Niet alleen was zij een begenadigd schilderes, maar ook nog eens een gewiekste zakenvrouw. Haar vader had haar leren schilderen, en Thérèse werkte al sinds haar zestiende in het atelier van haar vader en was vanwege diens vroegtijdige dood al snel gedwongen de rol van kostwinner op zich te nemen. Hierin is ze meer dan geslaagd. Ze groeide uit tot een ware society-schilderes die voornamelijk portretten maakte van mensen in de hogere kringen. Ze woonde, werkte en ontving belangrijke klanten in haar huis en atelier aan de Prinsengracht.
>Wassen in een teiltje, één keer per week douchen in het badhuis en uitgejouwd worden buiten de poorten van je eigen wijk. Tot in de jaren zeventig was dit dagelijkse kost voor de Vogeldorpers van Amsterdam-Noord. In de volksmond werden delen van Amsterdam-Noord ook wel ‘de rimboe’ genoemd. Hier zouden de asocialen wonen, dacht men.
>Al eeuwen geleden was het druk op het kruispunt van de Amstelveenseweg met de Kalfjeslaan. De oude veendijk tussen Amsterdam en Amstelveen was toen dé weg die je nam als je van Amsterdam naar Leiden reisde. Het alternatief was over Haarlem. Hoe dan ook, je moest om het grote Haarlemmermeer heen.
>De Kalfjeslaan is een historische route die al op kaarten uit de zeventiende eeuw stond aangeduid als het ‘Kleine Loopveld’, tussen de Amstel en de Amsterdamseweg. Waar nu het Kleine Kalfje staat, zag de reiziger ooit een tolhuis. De Amsteldijk was toentertijd net als de Amsterdamseweg één van de weinige toegangsroutes naar de hoofdstad, wat van de Kalfjeslaan een populair wandelpad maakte. Dit merkte Jan Claeszoon Kalf toen hij hier rond 1670 de deuren opende van zijn café ‘Het Kalfje’. Hij had niet gedacht eeuwenlang beroemd te zijn als caféhouder. De herberg van Kalf groeide in de negentiende eeuw uit tot een favoriete uitspanning, met een mooie tuin en een doolhof. Koetsjes van de clientèle stonden tot ver langs de Kalfjeslaan.
>Een dak boven je hoofd en een boterham in je hand zijn twee dingen die voor veel van ons vanzelfsprekend zijn. Zo’n honderd jaar geleden was dit echter heel anders. Nederland kende heel wat gebieden waar grote armoede heerste. Misschien wel het beroemdste voorbeeld hiervan is de Amsterdamse Jordaan. Deze volksbuurt, die volkszangers en volksverhalen voortbracht, werd een icoon voor de hoofdstad. Het plat Amsterdams dat hier gesproken werd, de Westertoren en Johnny Jordaan vormen het romantische beeld dat velen tegenwoordig van de Jordaan hebben. Wat in dit beeld echter vaak wordt weggelaten is de bittere armoede waarin de Jordanezen leefden.
>Rond 1885 beleefde de Amsterdamse Jordaan een aantal roerige jaren. Tussen 1885 en 1887 moest de politie maar liefst 15 keer de hulp van het leger inschakelen.
>Zou het Amsterdam Noord net zo vergaan als de Jordaan? De Amsterdamse Jordaan stond lang bekend als arbeidersbuurt met uiterst verpauperde toestanden. Toch heeft het in de twintigste eeuw relatief snel een enorme transformatie ondergaan. Tegenwoordig is het een zeer gewilde plek om te wonen. Toen de Jordaan opknapte werden de armste en ‘a-sociaalste’ Jordanezen overgebracht naar de andere kant van het IJ, waar ze in zogenaamde woonscholen moesten leven. Hier werden zij opgevoed om zelf een net huishouden te leiden. De mensen die hier woonden hadden vaak een levenslang stigma. Amsterdam Noord stond om hen bekend.
Tegenwoordig is Noord echter aan een opkomst bezig en worden er steeds meer creatieve initiatieven gestart. Sinds mei 2014 is Amsterdam Noord weer zo’n cultureel initiatief rijker: de net heropende Tolhuistuin. Deze plek, waar ooit de Amsterdamse ter dood veroordeelden werden opgehangen, is een mooi voorbeeld van de ontwikkeling die Noord in de afgelopen eeuwen heeft meegemaakt.
De Stelling van Amsterdam is een historisch monument voor Nederland en staat sinds 1996 op de lijst van UNESCO Werelderfgoed. De 135 km lange kringlinie was destijds het neusje van de zalm op het gebied van militair-waterstaatkundige techniek in Europa. Andere steden, zoals Antwerpen en Parijs kenden ook kringstellingen, maar in geen enkel ander land werden steden beschermd door waterlinies.
>“Ik weet zeker dat wie dit niet gezien heeft, niet zou kunnen geloven van welk een pracht en schoonheid zowel de architectuur van huizen en bruggen is als de aanleg van de grachten”, aldus Willem Lodewijk van Nassau, Stadhouder van Friesland, na een boottochtje door de grachten in 1617.
>