Heb je deel I nog niet gelezen? Lees dan hier Heiligen van de Lage Landen I: van Cunera tot Lambertus.
5. Willibrord (ca. 658 – 739)
De heilige Willibrord wordt vaak gezien als de pionier van de missionarissen. Hoewel hij niet de eerste was die het geloof in de Lage Landen verkondigde, was zijn missie waarschijnlijk wel de meest succesvolle. In de herfst van het jaar 690 kwam hij vanuit Engeland met twaalf metgezellen aan bij het huidige Katwijk, dat destijds onderdeel was van het Friese koninkrijk van koning Radboud. Hij nam het oude Romeinse castellum van Traiectum (Utrecht) in gebruik als missiepost. Van daaruit stichtte hij kerken in Vlaardingen, Oegstgeest, Velsen en Heiloo in een poging de heidense Friezen te bekeren. In 695 werd Willibrord door de paus in Rome gewijd tot aartsbisschop der Friezen. Hiermee legde hij de basis voor de bisschopszetel in Utrecht.
Willibrords eerste kerkjes waren eenvoudige bouwwerken, gemaakt van hout en leem. Veel meer dan een kleine ruimte voor de eredienst was die eerste tijd ook niet nodig. Inderdaad zijn bij archeologisch onderzoek in Heiloo paalkuilen van houten voorgangers aangetroffen onder de tufstenen muren van het Witte Kerkje. Bij de ingang van de kerk staat ook nog altijd de Willibrordusput. Volgens de legende zou Willibrord deze bron zelf door een vurig gebed hebben laten ontspringen. Aan het water worden allerlei geneeskrachtige eigenschappen toegeschreven, die in het verleden veel bedevaartgangers naar de put hebben getrokken.

Sint Willibrord geknield bij een put aan het strand bij Heiloo, waar hij door gebed het water laat ontspringen, 691. Collectie Provinciale Atlas Noord-Holland, Noord-Hollands Archief.
6. Adelbert van Egmond († ca. 740)
De heilige Adelbert was één van de twaalf metgezellen van Willibrord, die vooral werkzaam was in Kennemerland. Hij werd geroemd om zijn voorbeeldige gedrag, want ‘wat hij anderen nadrukkelijk met woorden aanraadde, voerde hij eerst zelf in zijn daden uit’, zo werd over hem geschreven. Na zijn dood geloofde men dat hij door zijn hemelse status wonderen op aarde kon verrichten. Hij zou macht hebben over de natuur en de tijd, maar ook gelovigen beschermen tegen ziektes, geweld en duistere krachten. Niet voor niets was hij de huisheilige van het Hollandse gravenhuis, dat hij meerdere malen met wonderen zou hebben geholpen. Zo redde hij graaf Dirk I van de verdrinkingsdood, genas hij zijn kleindochter Erlinda van blindheid en haar broer Egbert van een hardnekkige koortsaanval.
Adelberts naam is verbonden geraakt met zijn sterfplaats Egmond. In de Abdij van Egmond, de oudste abdij van Holland, wordt nog altijd de schedel van de heilige Adelbert bewaard. In het begin was dit een simpel houten vrouwenklooster, maar graaf Dirk II liet hier rond het jaar 975 een mannenklooster met een stenen abdijkerk bouwen. In de middeleeuwen groeide de abdij uit tot een belangrijke religieuze hotspot met een enorme bibliotheek. Daarnaast was de abdij het familieheiligdom van de Hollandse graven, van wie er enkele begraven liggen. Ook aan de heilige Adelbert worden bronnen met heilig water toegeschreven, zoals de Adelbertusput, iets ten westen van Egmond-Binnen, en de Sint-Adelbertusbron in het Noord-Hollandse dorpje Eenigenburg.

Twee miniaturen in het Evangeliarum van Egmond, circa 975. Op de linkerafbeelding zien we hoe Dirk II en zijn vrouw Hildegard het evangeliarium op het altaar van de Abdij van Egmond neerleggen, op de rechter smeken ze tot de heilige Adelbert om voorspraak bij Christus. Collectie Koninklijke Bibliotheek.
7. Werenfried van Elst († ca. 760)
Ook de heilige Werenfried was afkomstig uit het gevolg van Willibrord. Zijn missie voerde hem onder meer naar de Betuwe. In Elst liet Werenfried een nieuwe kerk bouwen op de plek van twee grote Romeinse tempels: een duidelijk symbool van de overwinning van het nieuwe geloof. Hier predikte hij en leefde er tussen de dorpsbewoners. Pas eeuwen later werd hij heilig verklaard, vanwege een wonder dat na zijn overlijden plaatsvond. Hij overleed namelijk niet in Elst, maar in het nabijgelegen Westervoort, waar hij ook een kerk gesticht had. Beide dorpen claimden zijn lichaam. Om het geschil te beslechten, werd het lichaam van Werenfried op een bootje in de rivier geplaatst. Als teken van God dreef het bootje tegen de stroom in naar Elst, waar de heilige zijn laatste rustplaats vond.
Maar Werenfried is niet alleen de beschermheilige van Gelderse dorp Elst. Ook van de Noord-Hollandse plaats Wervershoof wordt wel gedacht dat het dorp genoemd is naar de heilige. Uit archeologisch onderzoek is gebleken dat het gebied van het dorpje al voor de jaartelling bewoond was. Werenfried zou, na zijn aankomst in de Lage Landen, ook in deze streek het geloof verspreid hebben. Daarom is niet alleen de kerk in het dorp naar hem vernoemd, maar is Werenfried ook de beschermheilige van Wervershoof.

Acht heilige patronen van het bisdom Haarlem, 1632. Afgebeeld zijn Bavo, Willibrord, Jeroen, Gangulfus, Wolfram, Engelmundus, Werenfried en Adelbertus. Collectie Rijksmuseum Amsterdam.
8. Bonifatius (ca. 675 – 754)
De heilige Bonifatius behoorde tot de tweede generatie missionarissen, die na Willibrord en zijn gevolg de oversteek naar de Lage Landen maakte. In 716 voer hij over de Noordzee van Engeland naar het gebied dat destijds Frisia heette. Maar door onrustige politieke omstandigheden mislukte deze eerste missie. Na de dood van de Friese koning Radboud in 719 en met steun van de Franken kon Bonifatius zijn missiewerk voortzetten. Een bekende bekeringstactiek die hij inzette, was het omhakken van de heilige Donareik. Maar Bonifatius moest zijn preken uiteindelijk met de dood bekopen. In 754 werd hij tijdens zijn laatste missie naar Friesland bij Dokkum vermoord.
In Dokkum is sinds 1934 een bedevaartskapel voor Bonifatius ingericht. Maar niet alleen in Friesland leeft de heilige voort. Ook in het Noord-Hollandse plaatsje De Rijp staat nog altijd de rooms-katholieke Sint-Bonifatiuskerk, gebouwd tussen 1860 en 1863 naar een ontwerp van de architecten Johannes van Straaten en zijn schoonzoon Wilhelmus Jacobus Johannes Offenberg. Deze verving een oude schuilkerk, gevestigd in een gebouw dat eruit zag als een schuur. Sinds december 1975 is de kerk een rijksmonument. Ook Zaandam kent een eigen Sint-Bonifatiuskerk, in dezelfde neogotische stijl. Deze is gebouwd tussen 1899 en 1900, maar de gelijknamige parochie bestaat al veel langer.

Bonifatius laat de Donareik in Geismer omhakken, om de Germanen te overtuigen van het nieuwe geloof. Beeld: Alois Dirnberger, via Wikimedia Commons (publiek domein).
9. Liudger (742 – 809)
Vanaf de tweede helft van de achtste eeuw zien we ook voor het eerst heiligen van eigen bodem. De heilige Liudger, rond 742 geboren in een voorname familie te Zwesen (het huidige Zuilen), was een van hen. Als twaalfjarige jongen werd hij naar de Domschool in Utrecht gebracht, gevolgd door de kathedraalschool van York, waar hij alles over het geloof leerde. Na zijn opleiding werd hij tot priester gewijd en later zou hij het zelfs tot bisschop schoppen. Door Karel de Grote werd hij op verschillende missiereizen gestuurd om heidenen te bekeren. Maar hij was niet alleen predikant, maar een van de meest geleerde mannen van zijn tijd. Zo schreef hij onder meer de Vita Gregorii Abatis (Leven van abt Gregorius), die hem de titel ‘oudste Nederlandse schrijver’ opleverde.
Liudger predikte onder meer in het gebied tussen Naarden en Muiden. Dat deed hij steevast ‘met in zijn hand zijn kruis, en gebeden offerend aan de Heer met lofprijzingen’. Op een bezittingenlijst van de door Liudger gestichte abdij van Werden (nu een stadsdeel van de Duitse stad Essen) treffen we beschrijvingen van de kerken van Nederhorst den Berg, Muiden en Naarden aan. De kerk van Nederhorst, de oudste van de Gooi- en Vechtstreek, was namelijk rond 840 in opdracht van zijn grootmoeder Adelberga door Liudger gesticht. Haar naam is nog altijd te lezen in de stenen lijst van het noorderportaal: ‘Wie deze kerk betreedt, bidde voor het zieleheil van Adelberga’. Opvallend genoeg draagt de kerk niet de naam van Liudger, maar van zijn voorganger Willibrord.

Liudger wordt tot bisschop gewijd. Miniatuur uit Vita Sancti Liudgeri (Leven van de Heilige Liudger).
Tekst en omslagfoto: Sarah Remmerts de Vries
Bronnen:
- Marco Mostert, ‘Veelkleurige devotie en zakelijk schriftgebruik. Religie en schrift in middeleeuws Holland’, in: Thimo de Nijs en Eelco Beukers red., Geschiedenis van Holland – Deel I: tot 1572 (Hilversum 2002) 149-196.
- 326x Noord-Holland. Van Aagtdorp tot Zwanenburg (Utrecht 2007).
- ‘Het wonder van het bootje dat tegen de stroom in naar Elst voer’, GLD.
- Sint Bonifatiuskerk De Rijp, RK Parochie Maria Moeder van God.
Publicatiedatum: 20/08/2026
Vul deze informatie aan of geef een reactie.