De Rijp

Onze Jan in Korea Drie families verbonden door graan Noord-Hollandse kerken: levend religieus erfgoed Land van Leeghwater, haringvissers en Betje De laatste Rijper reder van formaat Tijden van welvaart en armoe op 't Schermereiland De Grote Kerk in De Rijp Leeghwater: kleine ster met grote reputatie 'Dat zal stijf aankomen!' ‘Een land druipende van walvisch traan’

Streekdracht, van kust tot kust

Museum In ’t Houten Huis heeft een tentoonstelling over diverse Noord-Hollandse streekdrachten opgezet. Op geheel eigentijdse wijze worden streekdrachten en op streekdrachten geïnspireerde kledingstukken van vissers, agrariërs en kooplieden gepresenteerd. Vanuit het heden wordt er teruggeblikt op het verleden. Na de opening door burgemeester A.M.C.G. (Anja) Schouten van Alkmaar zijn de streekdrachten vanaf 12 oktober tot 24 april te bewonderen in Museum In ’t Houten Huis in De Rijp.

>

Onze Jan in Korea

Op weg naar Japan strandt de Noord-Hollandse zeevaarder Jan Janszn. Weltevree in Korea. Dat hij het daar tot adviseur van de Koreaanse koning wist te schoppen, weten we dankzij Hendrick Hamel, een andere Hollander. Diens verblijf op het geïsoleerde schiereiland verliep heel wat minder prettig.

>

Drie families verbonden door graan

Op het Schermereiland kreeg in de zeventiende eeuw de welvaart een voet aan de grond. Het nieuwe boek ‘Koopman in De Rijp’ van Leo den Engelse neemt ons mee in het leven van drie opeenvolgende koopmanfamilies in de Rijp, die door graanhandel en persoonlijke relaties met elkaar verbonden waren. De bedrijvigheid van De Rijp krijgt in zijn boek een gezicht.

>

Noord-Hollandse kerken: levend religieus erfgoed

Soms zijn ze klein, soms juist heel groot. Soms staan ze aan een plein in een drukke stad, soms in het midden van een klein dorpshart. En in uitzonderlijke gevallen beperkt het zich tot een zoldertje. Geen gebouw zo divers als de kerk.

>

Land van Leeghwater, haringvissers en Betje

Dit is het land van Leeghwater. De Rijp, ooit centrum van de haringvisserij. Van hier vertrokken walvisvaarders. Schippers kwamen aan uit Baltische havens. De Rijp bruiste van het leven. Met stank, stof en lawaai.

>

IJzige winters in Noord-Holland

Vele strenge winters hebben Noord-Holland in het verleden wit gekleurd. Dat ging gepaard met veel ijspret, maar soms ook met gevaarlijke situaties.

>

De laatste Rijper reder van formaat

Rond 1780 is De Rijp een schim van het welvarende dorp uit de 17e eeuw. Toch zijn er nog enkele rijke families die de walvisvaart en haringvangst gaande houden. Zo ook de doopsgezinde familie Boon. Vooral Jan Boon junior ontpopt zich als groot reder, handelaar en fabrikant en wordt een van de rijkste mannen van het Schermereiland.

>

Tijden van welvaart en armoe op ’t Schermereiland

De havenplaats De Rijp wordt in 1400 gesticht en maakt zich twee eeuwen later los van Graft. Het raadhuis uit 1630 staat symbool voor die zelfstandigheid en de welvaart. Het ‘Schermer Eylandt’ is dan nog écht een eiland: vanuit De Rijp zeilen schepen rechtstreeks de Zuiderzee op. De grote brand maakt daar een einde aan.

>

De Grote Kerk in De Rijp

‘De kleurrijke ramen van de Grote Kerk in De Rijp zijn een feest voor het oog, vooral als de zon schijnt. De glorie van de kerk wordt gevormd door de schitterende reeks van 23 gebrandschilderde ramen.’ Aldus een greep uit een van de lofzangen op de beglazing. De oorsprong van deze pracht gaat zes eeuwen terug naar slechts één houten kruis.

>

Leeghwater: kleine ster met grote reputatie

Jan Adriaensz. Leeghwater: iedereen kent zijn naam. Hij is met afstand de beroemdste waterbouwkundige uit onze geschiedenis. Er zijn in Nederland maar liefst 61 straten naar hem vernoemd. Hij gaat immers door voor de man die eigenhandig in de ‘Gouden’ zeventiende Eeuw de Beemster, Purmer, Schermer en al die andere meren droogmaakte.

>

‘Dat zal stijf aankomen!’

Wie kent hem niet: Jan Adriaensz. Leeghwater uit De Rijp. Hij werkte mee aan de droogmaking van de Beemster, Purmer, Wijde Wormer en diverse andere grote meren. In 1634 was hij in het buitenland aan de slag.

>

‘Een land druipende van walvisch traan’

Van tientallen meters afstand moet het de bezoeker al zijn opgevallen. Dat grote ivoorkleurige gevaarte, lichtjes gekromd en enkele meters lang. Als een sierlijke trofee hing het daar, aan de gevel van het in 1630 gebouwde raadhuis. Niet voor niets hing het op de meest prominente plek van het dorp. Dit walvisbot, want dat was het, stond symbool voor de bedrijvigheid die het nietige dorpje De Rijp in korte tijd op de kaart had gezet en rijkdom had gebracht: de walvisvaart.

>