De eerste katholieke inwoners van het dorp aan het Kruis (Hoofddorp) moesten naar de kerk in Heemstede, Bennebroek of Aalsmeer gaan. Dat was soms wel erg ver weg en men zat daar niet altijd te wachten op die onbeschaafde lieden uit De Meer. Een landeigenaar in het midden van de Haarlemmermeer bood daarom zowel voor de katholieken als de protestanten een grote loods aan die ze zondags konden gebruiken. Ideaal was dat niet, want protestanten en katholieken deelden toen nog niet de oecumenische gedachte. Toen de katholieken in 1856 een stuk land geschonken kregen, lieten ze er direct een houten noodkerk op zetten. Op 5 oktober 1856 droeg pastoor Steenvoorden de eerste mis op.
>
3 min