‘Zuur is hier een ding van gewicht’
Van oudsher waren er veel joodse venters en straathandelaren. Voordat er volledige beroepsvrijheid was, was dat een van de beroepen waarmee joden in hun onderhoud konden voorzien, en ook na het ontstaan van een joodse middenklasse eind 19e eeuw bleef de augurkiesman een vertrouwd beeld in de oude Jodenbuurt. Venters huurden een kar van een karrenbaas en kochten in de vroege ochtend een lading fruit die ze in de loop van de dag aan de man trachtten te brengen. Niet alleen fruit, ook aardappelen, melk, mierikswortel, kastanjes, kool, uien, wortelen en allerhande gepekelde waren werden op straat en van deur tot deur verkocht.
>