Schooltje wordt kinderboekenmuseum

Het schooltje van Dik Trom is een eenklassig schoolgebouwtje uit de late 19e eeuw. Schrijver C. Joh. Kieviet gaf er les en schreef er zijn beroemde Dik Trom reeks. Dankzij de inspanningen van velen is het sinds 2013 een kinderboekenmuseum.

>

Herinneringen van naoorlogse walvisvaarders

Als scholier werkte Anne-Goaitske Breteler in een voormalig walvisvaarderscafé, waar ze gefascineerd raakte door het recente walvisvaartverleden. Een verleden waaraan tegenwoordig niet graag meer wordt gedacht, terwijl de walvisvaart tijdens de wederopbouw een trotse bijdrage leverde aan de Nederlandse economie en identiteit.

>

Het eerste Sinterklaasboek

“Zie ginds komt de stoomboot, uit Spanje weer aan. Hij brengt ons Sint Niklaas, ik zie hem reeds staan!” Al meer dan honderd jaar zingen we deze regels luidkeels mee wanneer Sinterklaas half november een pittoreske haven in Nederland komt binnenvaren. Het is één van de meest toonaangevende sinterklaasliedjes en werd geschreven door de Amsterdamse schrijver, onderwijzer en humorist, Jan Schenkman. Het aanvankelijke versje werd door Schenkman geïntroduceerd in het eerste Sinterklaasboek, gevuld met fraaie handgekleurde litho’s en vrolijke anekdotes op rijm, uitgegeven in 1850 door Gerrit Theodoor Bom.

>

‘Welkom in het land van Dik Trom’

Kinderboekenmuseum ‘Het Schooltje van Dik Trom’ ligt midden tussen de weilanden. Als je een bord passeert met : ‘Welkom in het land van Dik Trom’, weet je dat het niet ver meer is naar het oude schooltje, waar kinderboekenschrijver Johan Kieviet van 1883 tot 1902 les gaf. Alle dorpskinderen, van de eerste tot en met de zevende klas, kregen in dat ene lokaal les. In de naastgelegen onderwijzerswoning schreef Kieviet zijn eerste boek over Dik Trom, dat ondeugende jongetje met een hart van goud.

>

Eduard Douwes Dekker alias Multatuli

Op 2 maart 1820 werd in de Korsjespoortsteeg in Amsterdam Eduard Douwes Dekker geboren. Hij ontwikkelde zich tot een intelligent kind dat de Latijnse school bezocht en al vroeg kritische vragen kon en durfde te stellen. Een reis naar Nederlands-Indië in 1838 zou het leven van de jonge Douwes Dekker voor altijd veranderen.

>

Hansje Brinker

Voor de Amerikaanse toeristen is hij een held, maar onder Nederlanders is hij veel minder bekend: Hansje Brinker, de jongen die zijn vinger in een dijk stopte en zo Nederland redde. Dat Hansje nooit bestaan heeft, is niet belangrijk. En wist je dat hij eigenlijk de creatie is van de Amerikaans kinderboekenschrijfster Mary Mapes Dodge? En dat al in 1865. In 1950 kreeg Hansje een welverdiend monument op de Woerdersluis in Spaarndam.

>

Dik Trom en de ezel

Het beroemdste avontuur van Dik Trom is natuurlijk het omgekeerd ezeltje rijden. De ezel trok overdag de kar van Bertels, een koopman die handelde in stoffen, garen, band en spelden. De ezel van Bertels was een bijzonder dier dat heel hard kon lopen, vooral wanneer hij ’s avonds terug naar het land ging. Ondanks vele pogingen van de dorpsjongen was het niemand gelukt om op de rennende ezel te blijven zitten.

>

Hans Brinker: de beroemdste inwoner van Broek?

De persoon van Hans Brinker is ontsproten aan de fantasie van de Amerikaanse kinderboekenschrijfster Mary Mapes Dodge. Zoals in het verhaal van het Noordhollands Archief op deze website wordt uitgelegd, is Hans Brinker niet de jongen die zijn vinger in de dijk steekt. Dat is immers een anonieme jongen die in Haarlem woont. Maar waar komt Hans Brinker zèlf vandaan?

>

Het verhaal van Hans Brinker

In Amerika was hij een held, maar in Nederland, het land waar hij woonde, was hij veel minder bekend. Dat was lange tijd het lot van Hansje Brinker, de jongen die het land zou hebben gered door zijn vinger in een lekkende dijk te stoppen. In 1950 kreeg deze mythische held zijn welverdiende monument. Sindsdien is zijn beroemde daad in drie dimensies te bewonderen op de Woerdersluis in Spaarndam. Niemand minder dan Prinses Margriet onthulde dit beeld. Het is natuurlijk allemaal fictie. Dit schijnbaar o zo Hollandse verhaal kennen we alleen maar omdat het in 1865 opdook in een Amerikaans kinderboek van de schrijfster Mary Mapes Dodge.

>