Oneindig Noord-HollandBeleef de geschiedenis van jouw provincie

Nieuw-Valkeveen als centrum van een familielandgoed

Naast de Viersprong (de kruising tussen de Naarderstraat, Meentweg, Flevolaan en de Huizerstraatweg) staat het landhuis Nieuw-Valkeveen. Omgeven door wegen, industrie (noordelijk van het landhuis), een Kwekerij en andere buitenplaatsen ligt het landhuis midden in wat eens haar grondgebied was.

>

Buitenplaats Berghuis

De rijksmonumentale buitenplaats Berghuis in Naarden ligt vrij in een landschapspark. Tegen het park aan liggen een tuindersbedrijf, een overslagplaats, een villawijk en niet ver de A1. Het landhuis uit 1913 staat op de plek waar al in de zeventiende eeuw een buitenhuis was gebouwd.

>

Buitenplaats Berg en Vaart

Berg en Vaart is een van de kleinere buitenplaatsen in de provincie. Dit rijksmonumentale complex van huis met tuin, bijgebouw en interieur is bijna onveranderd sinds de bouw van het huis. Ook al wordt de omgeving tegenwoordig gedomineerd door kleinere huizen en nieuwe buitens, de uitstraling van Berg en Vaart naar de Cannenburgerweg is onveranderd.

>

Buitenplaats Het Oude Hof in Bergen

De buitenplaats heeft deel uitgemaakt van de Heerlijkheid Bergen die in 1642 door Anthonis Studler van Zurck is gekocht en die in de 19e eeuw in handen kwam van de familie Van Reenen. De Van Reenens hebben grote invloed gehad op de ontwikkeling van Bergen door onder andere de stichting van de badplaats Bergen aan Zee en de ontwikkeling van villawijk ‘Van Reenenpark’. De huidige eigenaar van de buitenplaats is de gemeente Bergen. De zeventiende-eeuwse structuur is nog vrij gaaf en duidelijk te onderscheiden.

>

Zomerlust

De Wagenweg waarlangs buitenplaats Zomerlust is gelegen was de doorgaande straatweg van Haarlem naar Leiden. Langs deze weg waren diverse herbergen en tapperijen gelegen. Zomerlust, een afsplitsting van de buitenplaats Bos en Vaart, is gelegen op het terrein van zo’n voormalige herberg.

>

Woestduin

Woestduin vormt samen met Leyduin en Vinkenduin een aaneengesloten complex van buitenplaatsen op de overgang van de duinen naar de lager gelegen strandvlakte. Meest bekend is Woestduin van de periode 1901-1911 toen de eerste renbaan van Nederland hier werd gevestigd.

>

Vinkenduin

Vinkenduin is tot 1919 een onderdeel geweest van de buitenplaats Leyduin. De nieuwe eigenaresse laat op de voormalige vinkenbaan een nieuw hoofdhuis met bijgebouwen bouwen door architect A. de Maaker. Het huis vormt samen met de bijgebouwen een goed voorbeeld van een vroeg twintigste-eeuwse buitenplaats.

>

Het Huis Ter Coulster in Heiloo

Het landgoed Ter Coulster midden in Heiloo kent een lange geschiedenis die zeker teruggaat tot de 14e eeuw. In 1404 wordt het Huis ter Coulster voor het eerst genoemd. Het is dan in het bezit van een zekere Willem van der Coulster. Een eeuw later laat Gerrit van Zuylen van Nijevelt een nieuw en luisterrijk huis bouwen nadat het oude is verbrand. In de 18e eeuw raakt het kasteel in verval en in 1788 wordt het gesloopt. In 1808 laat een nieuwe eigenaar op de grond van Ter Coulster een landhuis bouwen maar ook dit bestaat niet meer, het wordt halverwege de 19e eeuw afgebroken. Landgoed Ter Coulster is nu een landschappelijk parkbos met twee boerderijen. In het voorjaar geven de bloeiende stinsenplanten het bos een kleurig aanzien.

>

Spanderswoud

Diep verscholen in het hout tussen boompartijen en rododendrons ligt aan het eind van een lange oprijlaan met beuken het huis van de buitenplaats Spanderswoud. Het landgoed, dat sinds 1957 het eigendom is van Natuurmonumenten, is vooral bekend vanwege het wandelbos met waterpartijen en kronkelende paden.

>

Leyduin

Leyduin is gelegen in de binnenduinrand op de grens van strandwal en weilanden. Het landgoed is lange tijd in handen geweest van de familie Van Lennep en heeft een belangrijke rol gespeeld in de watervoorziening van Amsterdam. Nu is het een bos met wandel- en fietsroutes waar je en grote kans hebt een groep reeën tegen te komen.

>

Buitenplaats Ananas

Buitenplaats Ananas is, samen met Het Wildrijk één van de twee laatste buitenplaatsen in de Zijpe. Eens was het zomerverblijf van de bekende familie Van Strijen. Nu is het een natuurbos en is er een zuivelboerderij en minicamping gevestigd.

>

Strandvliet: hoeve met chique sfeer

Rond boerderij Strandvlied hangt nog de chique sfeer van de buitenplaats die hier ooit stond. De geschiedenis van de hoeve gaat terug tot 1682. Gijsbert de David Strantwijk, regent van het aalmoezeniershuis in Amsterdam, kocht toen aan de Amstel een stuk grond en een boerderij. Hij noemde de hoeve naar zichzelf: Strandvlied. Wijk betekent hetzelfde als vlied, namelijk een plaats om toevlucht te zoeken.

>

Karssenhof: buitenplaats met grafmonumenten

Karssenhof en Zorgvlied hebben een verleden gemeen. Beide begraafplaatsen waren in een vorig bestaan namelijk fraaie buitenplaatsen. Van Karssenhof is een kleurrijke prent bewaard gebleven uit 1793. Je ziet een imposant gebouw, half verscholen achter een groene haag. Aan de Amstel prijkt een elegante theekoepel met veranda. Terwijl de hoge heren en hun dames daar aan hun thee nipten, zagen ze de trekschuiten passeren.

>

Tulpenburg trok hoge gasten

Tulpenburg was de naam van een nu niet meer bestaande buitenplaats aan de Amstel. In het begin van de 17e eeuw bouwden veel rijke kooplieden uit Amsterdam een fraai buiten aan de Amstel. Volgens de overlevering verbleef Benedictus de Spinoza hier enige tijd, nadat hij 1656 uit Amsterdam was verbannen. Iets voorbij de banpaal en buiten het rechtsgebied van de stad Amsterdam: dat mocht nog net.

>

Oostermeer: juweel aan de Amstel

Een juweeltje om te zien is de buitenplaats Oostermeer. Het statige gebouw is nu bijna 300 jaar oud. De tuin is begin 1900 gereconstrueerd door tuinarchitect Leonard Springer. Hij combineerde daarbij symmetrische Franse elementen met landschappelijke Engelse stijlkenmerken.

>

Hofstede Beemsterlust

Voor 1612 stroomde er water door de Beemster. De kleine rivier de Bamestra groeide in de Middeleeuwen uit tot een ware binnenzee die in verbinding lag met de toenmalige Zuiderzee. Aan het begin van de Gouden Eeuw vatte de rijke koopman Dirk van Os, samen met zijn broer Hendrik, het plan op om de Beemster droog te leggen, om deze vruchtbare grond te bebouwen. Hiervoor was toestemming nodig van een aantal burgemeesters en kooplieden. In 1607 gaven de Staten van Holland en West-Friesland groen ligt voor de inpoldering. Ook een aantal rijke kooplieden waren hierbij betrokken, waaronder Jacob Poppen. In totaal bestond de groep uit vijftien man uit Amsterdam en Den Haag.

>

Landgoed Duin en Kruidberg

Het landgoed Duin en Kruidberg, dat beheerd wordt door Natuurmonumenten, kent een geschiedenis van splitsing en samenvoeging. De dubbele naam dateert van het begin van de twintigste eeuw en is een combinatie van namen van de oude hofsteden Duin en Berg en De Kruidberg.

>

De historie van buitenplaats Elswout

Één van Nederlands mooiste en best bewaarde buitenplaatsen is Elswout, tegenwoordig beheerd door Staatsbosbeheer. Op deze 400 jaar oude buitenplaats zijn overal sporen uit het verleden te zien. De verschillende landschapsstijlen zijn tekenend voor afzonderlijke periodes en stijlopvattingen en de gebouwen herinneren aan de vele eigenaren die Elswout heeft gekend.  De statige oude bomen geven onderdak aan verschillende holenbroeders zoals de specht, boomklever en bosuil. Op de velden en onder de bomen bloeien in het voorjaar veel stinsenplanten. In de oude ijskelder huizen vleermuizen en op het landgoed groeien bijzonder veel paddenstoelen, waaronder zeer grote tonderzwammen.

>

Buitenplaats Swaenenburgh in ’s-Graveland

Het buiten is elf hectare groot en omvat naast een door d.r P.J.H. Cuypers (architect van Rijksmuseum en Centraal Station in Amsterdam) gebouwde villa met koetshuis, onder meer een aantal bijgebouwen, tuinen met daarbij behorende tuinhuisjes, weide, bos en vijvers.  

De hoofdstructuur van het buiten wordt gevormd door een deel van een lanenstelsel dat hoofdzakelijk dateert uit de vorige eeuw.

>

De tuinmanswoning van buitenplaats Kareol

Kareol werd tussen 1907 en 1912 gebouwd in opdracht van J.C. Bunge door de Zweede architect Anders Lunberg, in samenwerking met een andere Zweedse architect en een Nederlandse collega. In 1977 werd het op de rijksmonumentenlijst geplaatst, maar door leegstand is het in 1979 gesloopt. Van de buitenplaats zijn alleen nog enkele onderdelen in de tuin, de portierswoning (Van Lennepweg 14) en de tuinmanswoning over.

>