Vondst van de maand: waterrijke wandtegel

Elke maand presenteert Huis van Hilde, het archeologiecentrum van de provincie Noord-Holland, de vondst van de maand. Daar krijgen deze bijzondere bodemvondsten een eigen vitrine, op Oneindig Noord-Holland worden ze met een verhaal in het zonnetje gezet. Deze maand staan de opgravingen uit het duingebied van PWN centraal.

Schoon drinkwater is van levensbelang. Toch is het nog niet al te lang geleden dat een waterleiding in huis een luxe was. Tot diep in de negentiende eeuw dronk men zonder bewaren van hetzelfde water waarin men ook afval en ontlasting loosde. Vooral de armere inwoners van de grote steden hadden weinig keus. Het is dan ook niet verwonderlijk dat er geregeld besmettelijke ziektes uitbraken, die in de vervuilde volkswijken vele slachtoffers maakten.

Een eerste initiatief kwam van de ingenieurs C.D. Vaillant en W.C. Brade, die rond 1840 een plan ontwikkelden om Amsterdam van schoon drinkwater te voorzien. Dat drinkwater zou via leidingen vanuit de duinen en de Vechtstreek naar de stad toe stromen. In 1849 kreeg de met Engels geld gefinancierde Duinwatermaatschappij toestemming voor het aanvoeren van water uit het duingebied. Kroonprins Willem stak op 11 november 1851 persoonlijk de eerste spade in de grond op landgoed Mariënduin, bij Vogelenzang, een stuk land dat door Jacob van Lennep beschikbaar was gesteld.

De Oranjekom in de Amsterdamse Waterleidingduinen, 1909. Op deze plek stak de 11-jarige prins Willem de eerste spade in de grond voor de aanleg van de waterwinning. Collectie Kennemerland, Noord-Hollands Archief.

Vervolgens werd een 23 kilometer lang buizenstelsel aangelegd, om het water vanuit de ‘Waterleidingduinen’ te transporteren naar de Willemspoort. Daar konden Amsterdammers voor een cent per emmer schoon water tappen aan de fontein. Het waternet werd langzaam uitgebreid naar huizen en bedrijven. Het effect was direct te merken: een cholera-epidemie in 1866 eiste aanzienlijk minder slachtoffers onder de Amsterdammers dan onder inwoners van andere steden. Rond 1900 waren zo’n 40.000 Amsterdamse huizen en bedrijven aangesloten op het waterleidingnet.

Archeologische opgraving bij het Slot op den Hoef te Egmond, 1932-1935. Collectie Provincie Noord-Holland.

Opmars van duinwater

Het Amsterdamse voorbeeld werd in de tweede helft van de negentiende eeuw door verschillende lokale bedrijven gevolgd. Duinwater kwam langzaam bekend te staan om zijn hoge kwaliteit en zijn positieve effect op de gezondheid. Daarom werd in 1919 het besluit genomen dat de provincie Noord-Holland een eigen waterleidingbedrijf moest krijgen. Zo ontstond in 1920 het Provinciaal Waterbedrijf Noord-Holland (PWN), dat dit jaar zijn honderdjarig jubileum viert. Heiloo werd als eerste gemeente van de provincie aangesloten op het leidingnet. De andere gemeentes zouden snel volgen. In 1965 werd de 200.000ste aansluiting gevierd. Tegenwoordig levert PWN water aan ruim 800.000 huishoudens, bedrijven en instellingen in Noord-Holland.

Het oppervlaktewater wordt in Andijk, Heemskerk en in het duingebied tot schoon drinkwater gezuiverd. Vooral het duingebied is onmisbaar in de drinkwatervoorziening. Hier wordt een kwart van al het water van PWN gezuiverd. Daarnaast dienen de duinen als reservebron. Daarom ontwikkelde PWN zich in de loop van de tijd ook tot beheerder van de Noord-Hollandse duinen. PWN houdt onder meer toezicht op de staat van de planten en dieren in het gebied.

Werk aan het Slot op den Hoef te Egmond, jaren 1930. Collectie Provincie Noord-Holland.

Liefde bij de fontein

In 1933 verwierf PWN het terrein van het Slot op den Hoef te Egmond, voor een werkverschaffingsproject in de crisistijd. Een archeologische opgraving op het kasteelterrein volgde, onder toezicht van de heer H.J. van Elven, toenmalig PWN-beheerder van het Heemskerkse duingebied. Ook archeologen van het Rijksmuseum van Oudheden in Leiden werkten mee aan het blootleggen van materiaal van het kasteel.

Tijdens de opgraving werden veel interessante vondsten gedaan, zoals een aardewerken wandtegel uit de periode 1660 tot 1725. Op de wandtegel is met kobaltoxide een lieflijke voorstelling aangebracht van een man en een vrouw bij een fontein. De vrouw, een herderin, geeft de man een kom met water uit de fontein. Zou het fonteinwater schoon zijn geweest? De vindplaats van het tegeltje, middenin het frisse duingebied bij Egmond, stemt in ieder geval hoopvol.

Wandtegel met pastorale scène, 1660-1725. Gevonden bij het Slot op den Hoef te Egmond. Archeologische collectie Provincie Noord-Holland.

Wil je het wandtegeltje eens in het echt zien? De Vondst van de Maand is vanaf 21 januari gratis toegankelijk en tijdelijk te bezichtigen in Huis van Hilde. Op de website van het archeologisch depot kun je alle vondsten in detail bekijken.

Tekst: Sarah Remmerts de Vries

Bronnen:

  • Goedkoop, Hans en Kees Zandvliet, De IJzeren Eeuw. Het begin van het moderne Nederland (Zutphen 2015) 95-98.
  • PWN.nl

Publicatiedatum: 22/01/2020