Kunstige klanken: kamermuziek op Paviljoen Welgelegen

Paviljoen Welgelegen is tegenwoordig de zetel van het provinciaal bestuur van Noord-Holland. Maar het imposante paviljoen is ooit gebouwd als buitenverblijf van de puissant rijke bankier Henry Hope (1735-1811). Hope hechtte veel waarde aan zijn schilderijencollectie, maar ook aan de andere schone kunsten. In de muzieksalon konden zijn gasten genieten van privéconcerten op hoog niveau.

Muziek was een belangrijk onderdeel in het leven van de hogere kringen in de achttiende eeuw. In de stadspaleizen van de aristocratie werd volop gemusiceerd. Op genrestukken van schilders als Cornelis Troost en Adriaan de Lelie zien we talloze nette gezelschappen in huiselijke kring muziek maken. Vaak gegroepeerd rondom een klavecimbel, maar ook fluiten, violen en snaarinstrumenten zoals gitaren en cisters werden bespeeld. Alleen instrumenten die elegant zittend bespeeld konden worden, werden geschikt geacht voor vrouwen. Blaasinstrumenten waren uit den boze. Muziekbijeenkomsten waren immers ook belangrijke plaatsen om potentiële huwelijkspartners te ontmoeten. Musiceren en dansen werden dan ook gezien als onmisbare onderdelen van een nette opvoeding.

Het toenemende belang van muziek is ook terug te zien in de professionalisering van theater en opera in de tweede helft van de achttiende eeuw. Amsterdam kreeg in 1774 een nieuwe stadsschouwburg en in 1788 cultureel centrum Felix Meritis. Maar ook op straat, tijdens parades, begrafenisstoeten en andere officiële processies, speelde muziek een centrale rol. Bijvoorbeeld bij de aankomst van de nieuwe Nederlandse ambassadeur Colyer in Constantinopel (1718) of de lijkstatie van stadhouder Willem IV in Delft (1752). Wie zijn goede smaak ook thuis aan zijn gasten wilde etaleren, liet een muzieksalon in huis aanleggen. De kamermuziek was in opkomst en kleine muziekgezelschappen brachten aan huis stukken van Vivaldi, Scarlatti en Biber ten gehore.

Cornelis Troost, Familiegroep bij een klavecimbel, 1739. Collectie Rijksmuseum Amsterdam.

Ode aan de schone kunsten

Minstens zo belangrijk als muziek waren de schone kunsten. Rijke families lieten zichzelf portretteren en legden een kunstverzameling aan in hun stads- of buitenhuis. Zo ook de schatrijke koopman-bankier Henry Hope, hoofd van de handelsbank Hope & Co in Amsterdam. Echter ontbrak het hem aan een plaats om zijn groeiende kunstcollectie onder te brengen. Dus kocht hij de hofstede Welgelegen en omliggende huisjes en tuinen aan de rand van de Haarlemmerhout op, om er een nieuwe buitenplaats te laten bouwen. Zijn schilderijen kregen drie grote museumzalen op de bel-etage (eerste verdieping) van het neoclassicistische paviljoen. Zelf woonde Hope ook op deze verdieping, maar dan in de Dreef-vleugel.

Het hele interieur van Paviljoen Welgelegen is een ode aan de schone kunsten, met als hoogtepunt de ovale muzieksalon, uitgevoerd in blauw en wit. Aan de muren bevinden zich acht stucwerkpanelen met symbolische voorstellingen van de vier elementen (aarde, water, lucht en vuur) en de tijden van de dag (ochtend, middag, avond en nacht), geïnspireerd op de decoraties van opgegraven villa’s in het Romeinse Pompeii. Daarboven een gestuukt fries met grisailles van de Amsterdamse schilder Jacques Kuyper (1761-1808). De schilderingen verwijzen naar de vier windrichtingen en de vier seizoenen. Door de speciale schildertechniek in grijstinten lijken ze haast 3D. De natuurlijke thema’s van de decoraties en de ingelegde parketvloer maken de muziekzaal tot een prachtige eenheid.

De muzieksalon van Paviljoen Welgelegen. Foto: Sarah Remmerts de Vries.

Mysterieus muziekspektakel

Henry Hope nodigde geregeld belangrijke gasten en zakelijke relaties uit om zijn kunstcollectie te bewonderen. De ontvangst vond altijd plaats op de bel-etage van Welgelegen. Via de ingang aan de tuinzijde betraden gasten het gebouw, om vervolgens door de marmeren entreehal en het monumentale trappenhuis met drie grote mythologische voorstellingen van Guy Head (1753-1800) naar de antichambre (ontvangstkamer; de huidige werkkamer van de commissaris van de Koning) te worden geleid. Hier kregen ze sloffen uitgereikt, om de parketvloeren in de museumzalen te beschermen tegen beschadigingen. Vervolgens werden ze door Hope ontvangen in de naastgelegen muzieksalon.

Geïmponeerd door zoveel schoonheid bewonderen Hopes gasten de stucwerkpanelen op de muren, het rijk gedecoreerde fries, de verlichte plafondkoepel. En dan ineens… muziek. Zonder dat er muzikanten te zien zijn, stromen de zoete klanken van strijkinstrumenten de ruimte binnen. Ze spelen een sonate, of misschien wel een concerto. Waar komt de muziek vandaan? Hopes gasten kijken zoekend om zich heen. Maar muzikanten zullen ze niet vinden, want die zitten verborgen in de krappe ruimte boven de koepel. Via onzichtbare gaten in de koepel komt de muziek de zaal in en biedt zo een welklinkende introductie op de kunstwerken die de gasten straks in de museumzalen zullen aantreffen. Eén ding is zeker: Hope beschikte over een sterk gevoel voor drama.

Het plafond van de muzieksalon met de ‘Welgelegen-kroon’, die tijdens de restauratie van 2007/2008 een plaats in de zaal kreeg. Foto: Sarah Remmerts de Vries.

Museum aan huis

Natuurlijk werden er ook geregeld traditionele concerten in de muzieksalon gegeven, waarbij het strijkje in het midden van de zaal zat en het publiek daaromheen. Maar een muzikale verrassing zoals hierboven beschreven, vormde natuurlijk het beste voorspel op de rondleiding door Hopes museum. In drie grote, door daklantaarns verlichte museumzalen was zijn indrukwekkende collectie schilderijen uit de zestiende, zeventiende en achttiende eeuw ondergebracht. Zeker de helft bestond uit werken van Italiaanse meesters, zoals Rafael, Titiaan en Veronese. Maar er hingen ook werken van bekende Hollandse en Vlaamse schilders, zoals Rembrandt, Breughel en Rubens, evenals Engelse en andere kunstenaars. Naast de schilderijen had Hope een verzameling beelden, boeken en bijzondere artefacten. Zijn collectie was zo omvangrijk dat ook andere belangstellenden graag een bezoek brachten aan het privémuseum. Hiervoor kon een verzoek ingediend worden bij Hope & Co.

Hope heeft niet lang van zijn privémuseum kunnen genieten. Toen het Franse leger in 1794 oprukte naar Nederland, vluchtte de prinsgezinde Hope naar Engeland. Zijn kunstverzameling werd overgebracht naar Londen. Alleen de drie enorme schilderijen in het trappenhuis bleven achter op Welgelegen. Hopes aangenomen zoon John Williams Hope verkocht het gebouw in 1808 aan Lodewijk Napoleon (1778-1846), koning van Holland en broer van de Franse keizer. Tegenwoordig zijn de museumzalen in gebruik als vergaderzalen voor de Provinciale Staten. In de muzieksalon vergadert sinds 1930 het college van Gedeputeerde Staten (het dagelijks bestuur van de provincie Noord-Holland), zittend op het oorspronkelijke meubilair uit de tijd van Henry Hope. Alleen de muziek ontbreekt nog.

Wil je zelf eens ronddwalen door Paviljoen Welgelegen? Er worden op aanvraag rondleidingen door het gebouw georganiseerd door de provincie Noord-Holland. De muzieksalon en andere kamers zijn echter ook middels een virtuele tour vanuit je luie stoel te bewonderen. Kijk rond in de grote zalen, zoom in op de decoraties en lees leuke feitjes over het provinciehuis!

Tekst: Sarah Remmerts de Vries.

Met dank aan Simone Memel, conservator bij de provincie Noord-Holland.

Bronnen:

  • Gerrit Bosch, Paviljoen Welgelegen. Buitenplaats, paleis, museum en provinciehuis (Haarlem 2011).
  • H.E. Zoetmulder, ‘Het paviljoen Welgelegen als woonhuis; het interieur in de periode 1789-1820’, in: Jhr. F.W.A. Beelaerts van Blokland e.a., Paviljoen Welgelegen 1789-1989 (Haarlem 1989).
  • Provincie Noord-Holland: Geschiedenis Paviljoen Welgelegen.
  • Paviljoen Welgelegen: de muzieksalon.
  • Lezing ‘De klank van de achttiende eeuw: Muziek en materiële cultuur’, door Timothy De Paepe (Museum Vleeshuis) en Giovanni Di Stefano (Rijksmuseum Amsterdam). Georganiseerd door de Werkgroep 18de eeuw.

Publicatiedatum: 25/10/2021

Aanvullingen

Vul deze informatie aan of geef een reactie.

Plaats een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Vereiste velden zijn gemarkeerd met *. Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.