Frisse neus halen langs de Amstel: Van Ouderkerk naar Ouderkerk

Even de spreekwoordelijke ‘frisse neus halen’ is er soms noodgedwongen niet bij. Maar loop of fiets dan in gedachten even mee met een mooi tochtje van de Berlagebrug in Amsterdam naar de Bullewijk in Ouderkerk aan de Amstel. Pakweg tien kilometer met verrassende verhalen. Deel 4: van Ouderkerk naar Ouderkerk.

Van Ouderkerk naar Ouderkerk, dat schiet niet op, zou je zeggen. Maar in dit laatste stukje overbruggen we toch maar even enkele eeuwen. Komend van de buitenplaatsen Wester-Amstel en Oostermeer stap je op de Amsteldijk bij de entree van Ouderkerk een beschermd dorpsgezicht binnen. Met als blikvanger brasserie Paardenburg.

De Amstel met wat toen de nieuwe herberg Paardenburg was, de brug en op de achtergrond de kerk van Ouderkerk. Een prent van omstreeks 1715. Collectie Stadsarchief Amsterdam.

In 1702 is aan de rivier, op de plek waar ooit een hofstede stond, een herberg gebouwd. Op een strategische locatie, want hier passeerden veel trekschuiten. De Amstel was immers de snelweg tussen Amsterdam, Gouda en Leiden. Ook schippers met bestemming Utrecht kwamen hier langs.

In de herberg konden reizigers zich laven. De jagers die de paarden voor de trekschuiten begeleidden, stalden hier de paarden. De herbergier had een stal laten bouwen voor maar liefst achttien paarden.

Rustende Jager

Dat het druk was met verkeer over de Amstel, valt af te leiden aan het aantal cafés en uitspanningen aan de Amstelzijde, de Amstelveense kant van Ouderkerk. Aan de zuidelijke rand van de bebouwing stond De Rustende Jager, later omgedoopt tot Jagershuis.

Met schieten heeft dat niets te maken, het slaat op de jager die de paarden begeleidt die de schuit trekken. De paardenhoeven hadden langs de rivier een jaagpad uitgesleten.

Voor restaurant Paardenburg aan de Amstelzijde in Ouderkerk legde de stoomboot uit Amsterdam aan. Afbeelding uit 1894. Collectie Stadsarchief Amsterdam.

Bij de bouw kreeg Paardenburg meteen al een opvallend lange gevel met een laag dak, daarop topgevels. Jarenlang was Paardenburg in trek vanwege de kolfbaan, een destijds geliefde sport.

Na de trekschuiten kwamen stoomboten die bij Paardenburg aanlegden. Exploitant Lindeman van Paardenburg adverteerde vorige eeuw dat een tochtje per boot over de Amstel ‘naar het lieflijk gelegen dorp Ouderkerk behoort tot een der aangenaamste uitstapjes in de omgeving van de hoofdstad’.

Ouder-Amstel

Steek de brug over en je wandelt van het Amstelveense deel van Ouderkerk naar het Ouderkerk dat de hoofdplaats is van de gemeente Ouder-Amstel. Dit is naar Ouderkerkse begrippen de nieuwe brug en dateert uit de jaren van de aanleg van de provinciale weg kort voor de Tweede Wereldoorlog.

In de bloeitijd van Paardenburg lag er in Ouderkerk een andere – lagere – brug.

Tussen 1775 en 1800 tekenden H.P. en J. Schouten het dorpje Ouderkerk. Links de Amstel met de Lange Brug die de Amsteldijk (rechts) verbindt met het dorp (links). Collectie Stadsarchief Amsterdam.

De entree van Ouderkerk (Ouder-Amstel), komend van de brug, heet Hoger Einde. Dit was in een ver verleden een uitloper van een smalle landrug in een uitgestrekt moerasgebied. Het ligt voor de hand dat de eerste mensen die zich in deze contreien waagden een betrekkelijk droge en dus hoger gelegen plek zochten om zich te vestigen.

Eeuwen later volgden rijke kooplieden dat voorbeeld. Zij ontvluchtten graag in de zomermaanden Amsterdam met zijn stinkende grachten. Bovendien was men ook in die tijd bevreesd voor besmettelijke ziekten die vooral in de steden toesloegen.

Achter de theekoepels aan de Amstel staat in Ouderkerk het statige Hooger-Lust. Of zoals de titel destijds luidde: ‘Hofsteede Hoogerlust toebehoorende Juffr. van der Els en dHr. Blok’. De prent dateert uit 1726. Collectie Noord-Hollands Archief.

En dus lieten welvarende notabelen uit de stad onder meer in Ouderkerk, makkelijk bereikbaar dankzij de Amstel, hun hofsteden optrekken. Zoals Hooger-Lust dat omstreeks 1700 is gebouwd.  Met een theekoepel aan de oever van de rivier. Het oogt op prenten bijzonder romantisch.

Van de buitenplaatsen die aan Hoger-Einde hebben gestaan, vallen nog twee als zodanig goed te herkennen: Hooger-Lust en Schoonzicht. Schoonzicht dateert uit het begin van de 18e eeuw.

Klapbrug

De Brugstraat in Ouderkerk dateert uit de tijd dat hier een klapbrug lag. Een mooie als we de plaatjes mogen geloven, helaas klapte er nog wel eens een schip tegenaan met alle ellende van dien.

De Brugstraat leidt nu slechts naar de oever van de rivier. Maar kijk eens hoe fraai de vroegere brugwachterswoning aan de overzijde er bij staat. Sinds de 17e eeuw markeerde dit opvallende pand de plek waar je de Amstel veilig over kon steken. Wie er overheen ging moest natuurlijk betalen. Evenals de schipper die de brug wilde passeren. Van deze gelden werd het onderhoud van de brug betaald.

Het was een bedrijvig gedoe op en aan de Amstel, vastgelegd door Hendrick Avercamp (1585-1634). Collectie Noord-Hollands Archief.

Al in het midden van de 14e eeuw heeft hier een brug gelegen. Mocht de brug zijn beschadigd en verwijderd, zoals in het midden van de 16e eeuw, kwam je aan de overzijde dankzij een pont. Omdat de Amstel hier niet diep is, kon de grote schuit zonder grote problemen worden voortgeboomd.

De klapbrug over de Amstel mag dan tegenwoordig niet meer in het verlengde van de Brugstraat liggen, ga naar het Openluchtmuseum in Arnhem en je kunt de Ouderkerkse brug nog bewonderen. De brug ligt er wat verdwaald in de Zaanse buurt, maar toch is het hem wel degelijk. Na de aanleg van de nieuwe brug over de Amstel bij Ouderkerk is het oude exemplaar uit elkaar gehaald en gedeeltelijk weer opgebouwd in het museum.

Stadswapen

Het dorp binnenwandelend via Hoger-Einde over de Dorpsstraat zie je links het nieuwe gemeentehuis van Ouder-Amstel. Op het vroegere gemeentewapen prijken maar liefst vijf andreaskruisen. Zulke kruisen voerde de familie Persijn eeuwen geleden. Jan Persijn is, zij het maar enkele jaren, heer van Amsterdam geweest.

Eén van de verhalen is dat Ouder-Amstel als oudst bewoonde plek in Amstelland vijf kruisen in zijn wapen mocht voeren, Amstelveen (jarenlang Nieuwer-Amstel geheten) was iets jonger en kreeg vier kruisen. Amsterdam, de benjamin, heeft slechts drie kruisen in het stadswapen.

Het vroegere Rechthuis in Ouderkerk, op de hoek van de Dorpsstraat (rechts) en het Kerkpad (links). Geheel rechts, aan de noordzijde van de Dorpsstraat, het gerecht met de galg. Deze prent dateert uit het midden van de 17e eeuw. Collectie Stadsarchief Amsterdam.

Het café De Vrije Handel, tegenover het gemeentehuis, staat op de plek waar vroeger het Rechthuis te vinden was. Op de hoek van de Kerkstraat en de Dorpsstraat. Plaatselijke historici herkennen in de gevellijn van De Vrije Handel nog die van het Rechthuis. En waar nu het gemeentehuis staat, had je blijkens oude tekeningen een galg.

Ronde Hoep

De dorpskern van Ouderkerk heeft nog altijd iets van de gemoedelijke sfeer behouden die je op oude tekeningen en schilderijen ziet. Pakweg een halve eeuw geleden heb ik meegemaakt dat burgemeester Visser bij de gemeentebode informeerde of die nog post had voor iemand in het dorpje De Waver, hij moest toch die kant op fietsen. Letterlijk! Natuurlijk op zijn degelijke herenrijwiel.

Wat fietsen betreft naar de Ronde Hoep was deze burgemeester een voorloper van de stroom wielrenners die soms in het weekend door het dorp heen racen op weg naar het favoriete ‘rondje Hoep’. Een mooie rit over de dijk rond de polder De Ronde Hoep. De Ronde Hoep is nooit uitgeveend en heeft daarom de oorspronkelijke middeleeuwse ontginningsstructuur behouden. Met sloten die van de dijk naar het hart van de polder zijn gegraven.

Somberzicht

Dorpsstraat 1 is een boerderij. Eeuwen geleden (om exact te zijn in 1699) gebouwd in opdracht van de Portugees-Israelitische Gemeente. Deze boerderij verving de hoeve die aan het riviertje de Bullewijk had gestaan en daar weg moest. Veel joden die in 1492 uit Spanje en later ook uit Portugal werden verdreven, zijn in Amsterdam neergestreken. Ze mochten er wel wonen, maar hun overledenen in de stad begraven mocht onder geen beding.

Prent die een spiegeling is van een tekening van Jacob van Ruisdael. De titel luidde ‘Begraef-plaets der Joden, buyten Amsteldam’. Collectie Noord-Hollands Archief.

In arren moede wisten joden een stukje grond in het dorpje Groet (bij Schoorl) te krijgen om daar hun doden te begraven. Dat betekende een eindeloze reis in die tijd.

Pogingen om dichter bij huis een begraafplaats in te richten, lukten in 1614 toen ze in Ouderkerk land ter grootte van een half voetbalveld konden kopen. De plaatselijke autoriteiten maakten geen bezwaar en vanuit Amsterdam werd het stilzwijgend goedgekeurd.

De boerderij die is gebouwd in 1700 in opdracht van de Portugees-Israëlitische Gemeente te Amsterdam. Later is de boerderij door Beth Haim verkocht. Foto van Martin Alberts uit 2005. Collectie Stadsarchief Amsterdam.

In de loop van de tijd is het terrein van de joodse begraafplaats danig uitgebreid. De boerenhoeve die aan de Bullewijk stond moest wijken, vandaar dat in 1699 een nieuwe aan de Dorpsstraat verrees. In de volksmond ‘Somberzicht’ geheten, vanwege het zicht op de grafstenen van Beth Haim (Huis des Levens).

Vanuit Amsterdam kon men nu met de boot de joodse overledenen naar hun laatste rustplaats brengen. Op de oever van de Bullewijk was hiertoe een speciale entree aangelegd.

De aankomst van een begrafenisstoet op Beth Haim per boot over de Bullewijk. Prent van Romeyn de Hooghe, 1675. Collectie Stadsarchief Amsterdam.

Kasteeltje

Aan de Bullewijk, in Ouderkerk, heeft vermoedelijk ooit een kleine burcht gestaan van Gijsbrecht II van Aemstel. Het was een zogenaamd ‘mottenkasteel ’, dat wil zeggen een toren gebouwd op een aarden wal. Uitgerekend op de plek waar nu de joodse begraafplaats is. En op deze begraafplaats mag je niet gaan graven om archeologisch onderzoek te doen.

Wandelend over Beth Haim zie je inderdaad enkele bescheiden heuveltjes in het landschap die misschien aangeven waar de versterkte burcht gestaan heeft. Cartografisch onderzoek zou daar ook op wijzen.

Zeer fantasievolle historiserende afbeelding van de verwoesting van het slot van de Heren van Amstel in Ouderkerk in 1204, door Kennemer boeren die in opstand waren gekomen tegen Gijsbrechts II van Amstel, leenheer van Amstelland. Prent van Simon Fokke uit 1782. Collectie Stadsarchief Amsterdam.

Hoe dan ook, een woeste bende Kennemers heeft in 1204 deze burcht verwoest. Ze waren met een hele vloot naar Ouderkerk komen varen om Gijsbrecht mores te leren. Zijn kasteeltje ging in vlammen op, de appelbomen ernaast zouden dermate verschroeid zijn dat er geen vruchten meer aan kwamen. Dat staat althans opgetekend in de jaarboeken van het klooster van Egmond.

Eerste kerkje

Hiermee zijn we inmiddels in de tijd terug gegaan van de 21e tot de 13e eeuw. Loop even mee naar de plek achter de protestantse kerk waar Bullewijk en Amstel samenstromen. Naar alle waarschijnlijkheid hebben zich hier de eerste pioniers van Amstelland gevestigd.

In het uitgestrekte woeste, vrijwel ondoordringbare veengebied lag hier een bult, goed bereikbaar via het water. En je had hier tenminste droge voeten.

De ingekleurde gravure van de in 1775 in gebruik genomen kerk in Ouderkerk. Op de voorgrond de Amsteldijk. Collectie Noord-Hollands Archief.

De ontginning van de hele regio is op deze plek begonnen. Het ligt voor de hand dat de stoere mannen en vrouwen van destijds hier hun eerste kerkje bouwden. Waar de kerk uit de 18e eeuw een nakomer van is.

In de schaduw van de dorpskerk staat een rijtje diaconiehuisjes. Al in 1687 is er sprake van dergelijke onderkomens van de diaconie, in 1733 vervangen door de huisjes die je nu ziet. Met de entree aan de achterzijde, maar dat is in de tegenwoordige tijd. Vroeger liep er een straat tussen de kerk en de huisjes.

In 1649 was al een bakkerij tussen de rij huisjes en de Korte Brug of Kerkbrug over de Bullewijk. Dat is in al de eeuwen zo gebleven. Niet alles vervaagt gelukkig in de loop van de tijd.

Prent van de plek waar Bullewijk en Amstel samenstromen, bij de kerk van Ouderkerk. Getekend door Abraham Rademaker in 1725. Rechts het bruggetje over de Bullewijk, de vaarroute naar Utrecht. Collectie Noord-Hollands Archief.

Dit was het vierde deel van de wandeling langs de Amstel. Lees hier alle delen:
1. Van Berlage naar vrijend paartje
2. Van vliedende zorgen naar de kalfskop
3. Van ’t Kalfje naar Oostermeer
4. Van Ouderkerk naar Ouderkerk

Tekst: Jan Maarten Pekelharing

Publicatiedatum: 20/05/2020