Frieda groeit op in een muzikaal milieu. Vader Aaron (Ary) ziet het wel zitten dat zijn derde kind cello gaat studeren, haar oudere zusjes speelden al piano en viool. Zelf is hij een begenadigd pianist, maar brood op de plank moest de particuliere muziekschool brengen, die hij in 1903 had opgericht. Omdat Frieda’s ouders scheiden als ze nog maar dertien jaar is en Ary overlijdt op haar twintigste, moet zij jong haar eigen weg zoeken.
In 1920 is haar eerste optreden in de Kleine Zaal van het Concertgebouw, een jaar later wint zij de Prix d’Excellence in Brussel. Meer vastigheid geeft haar aanstelling bij het Haarlems Orkest. Er volgen optredens met violiste-componiste Henriëtte (Jetty) Bosmans en Jo(han) Feltkamp, die samen met Frieda het Amsterdams pianotrio vormden.

Ita Rosenzweig met haar nicht Frieda Belinfante, 1937. Collectie United States Holocaust Memorial Museum, via Wikimedia Commons (publiek domein).
Relatie met een vrouw
Jetty was ook de eerste vrouw op wie Frieda verliefd werd en met wie ze ging samenwonen. Zo is Jetty’s tweede celloconcert opgedragen aan Frieda, die op 3 februari 1924 met het Haarlems Orkest in het Amsterdams Concertgebouw soleert. Jo trekt ook als huisgenoot in bij Frieda en Jetty. Later stuurt hij aan op een verstandshuwelijk met Frieda in 1930, dat zes jaar standhield.
Maar eigenlijk lonkt het dirigentschap meer. Frieda valt in bij school- en studentenorkesten. Kans om zich echt te kunnen bewijzen, biedt in 1939 een concours in Neuchâtel (Zwitserland) waar Frieda in een crash course les neemt bij de Duitse dirigent Hermann Scherchen. En zowaar de eerste prijs wint als enige vrouw van twaalf mannen.

Frieda Belinfante en Henriëtte Bosmans, ca. 1927-1929. Collectie United States Holocaust Memorial Museum, via Wikimedia Commons (publiek domein).
Geen compromissen
Zo vlak voor de oorlog dirigeert ze het VARA-Omroeporkest en Klein Orkest in Concordia Bussum en het Concertgebouw. Daar vindt ook op 24 april 1940 de première plaats van Leo Smits’ concert voor Altviool en strijkorkest.
In de oorlog komt Frieda er al snel achter dat voor haar geen halve compromissen kunnen bestaan. Ze heft daarom het Klein Orkest op. Voor Frieda geen inschrijving bij de opgelegde Kulturkammer, maar solidariteit met de ontslagen joodse kunstenaars en ondergedoken verzetsmensen. Ze wordt actief voor het Steunfonds Kunstenaars, die niet buigen voor de bezetter, en begint persoonsbewijzen na te maken.

Foto gemaakt in opdracht van de SD van personen die verdacht werden van het verzet: Helena Suzanna van Hall, Maarten van Gilse, Frieda Belinfante, Gustave Rubsaam en Willem Jacob Henri Berend Sandberg, 1943. Collectie Archief Politie Amsterdam, Stadsarchief Amsterdam.
Aanslag op het Bevolkingsregister
Zo komt ze in contact met de verzetsgroep van Willem Sandberg, Gerrit van der Veen en Willem Arondeus, met wie ze mede het plan voorbereid om het Amsterdams Bevolkingsregister onklaar te maken. De aanslag vindt plaats op 27 maart 1943 en geldt, naast de Februaristaking van 1941, als een van de belangrijkste verzetsdaden, waarvoor twaalf personen een zeer hoge prijs hebben betaald.
Frieda, die op de dag van de aanslag niet mee mocht van Sandberg, wordt door de Gestapo streng in de gaten gehouden. Ze duikt onder en vermomt zich als man, compleet met bril en hoed. Maar de nazi’s komen haar toch op het spoor en ze moet vluchten. Via een moeizame tocht bereikt ze de Frans-Zwitserse grens. Veilig, maar wel ontgoocheld, moet ze het eerst uithouden in een vluchtelingenkamp tot een appèl op de haar bekende dirigent Scherchen haar daaruit haalt.

Frieda Belinfante, als man vermomd. Collectie Atelier J. Merkelbach, Stadsarchief Amsterdam.
Dirigent in Amerika
Na de oorlog kan ze niet meer aarden in het mistroostige Nederland, waar onverschilligheid heerst tegenover teruggekeerde landgenoten. In de Verenigde Staten, waar ze in 1947 naartoe emigreert, ervaart ze vrijheid en nieuwe energie. Ze ruilt al snel New York (te veel hectiek!) in voor het meer relaxte zonnige Pasadena (Californië). Daar kan ze als dirigent van het Orange County Philharmonic Orchestra vele jaren successen boeken.
In 1955 wordt ze Amerikaans staatsburger en woont met nog verschillende relaties samen. Ze krijgt lof maar roept ook jaloezie op, zoals van het meer prestigieuze concurrerende Los Angeles Symphony Orchestra.

Voor Frieda’s oude huis aan de Jacob Obrechtstraat 64 3 hoog in Amsterdam is een struikelsteen geplaatst om haar rol in het verzet te herdenken. Foto: Christian Michelides, CC BY-SA 4.0, via Wikimedia Commons.
Frieda was voor velen een voorbeeldfiguur. Op cruciale ogenblikken wees zij de anderen de weg om hun rug recht houden voor hun principes, door zelf het juiste voorbeeld te geven.
Auteur: Jan Vollers
Lees meer over Frieda Belinfante op de website van het Stadsarchief Amsterdam.
Publicatiedatum: 05/03/2026
Vul deze informatie aan of geef een reactie.