Dialecten van Noord-Holland
Noord-Holland heeft geen officieel erkende streektaal, zoals het Fries of Limburgs, maar kent wel een tiental dialecten. De dialecten zijn weer onder te verdelen in dorpstalen en streektalen.
>Wat is typisch Noord-Hollands? Stel deze vraag aan een willekeurige toerist en die zal ongetwijfeld klompen, molens, tulpen en kaas noemen. Maar wat de mensen in een streek écht bindt, zijn de tradities. Plaatselijke gebruiken en feesten, klederdracht en dialect. Deze vormen het immaterieel erfgoed van de provincie. Ga mee op reis langs de tradities van Noord-Holland.
Noord-Holland heeft geen officieel erkende streektaal, zoals het Fries of Limburgs, maar kent wel een tiental dialecten. De dialecten zijn weer onder te verdelen in dorpstalen en streektalen.
>Buurtdialecten verdwenen in de loop van de twintigste eeuw en het overgebleven stadsdialect werd nationale folkore. Minder vaak gebruikt, maar nog wel een element in de moderne taal van het schoolplein. Dat alles zien we in dit slotverhaal van een korte serie (zie gerelateerde verhalen) over het Amsterdams door de eeuwen heen.
>Gappen, geintje, schlemiel, mesjokke. Als dat geen algemeen-plat-Amsterdams is. Om preciezer te zijn, het is Jodenhoeks. Die Mokumse spreektaal is hier al eeuwen ingeburgerd. Maar waar komen die woorden en uitdrukkingen toch vandaan?
>Het aantal geboren Amsterdammers in de stad daalt en het opleidingsniveau stijgt. Het plat Amsterdams wordt daardoor steeds minder gesproken. Maar iedereen herkent het nog, al is het maar van het Jordaanfestival of een lied van André Hazes. Het volkse Amsterdams heeft niet altijd zo geklonken, vele invloeden van buiten gaven de stadstaal vorm. Zo was de invloed van immigranten uit de Zuidelijke Nederlanden en uit de Duitse gebieden in de zeventiende eeuw aanzienlijk.
>Hoe bouw je aan een gemeenschap waarvan de leden uit alle windstreken van het land komen? Friezen, Zeeuwen en Limburgers werden in de nieuw ingerichte Wieringermeer elkaars buren. Verschillen in taal, afkomst en gebruiken moesten plaatsmaken voor een gezamenlijk poldergevoel.
>Geertje van Eerden-Kroon (1928-2009), een geboren en getogen Wieringse is opgegroeid in de Elftstraat in Hippolytushoef. Zij heeft enkele herinneringen aan haar jeugd opgeschreven in het Wieringer dialect en bij een bijzondere gelegenheid voorgedragen. De Elftstraat en omgeving heette vroeger in de volksmond de ‘Poepenbuurt’. Alles wat op Wieringen gebeurde en leefde lag Geertje nauw aan het hart.
>Op Wieringen kende men, voor de oprichting van de Rouwkoetsvereniging Westerland rond 1920, de burenplicht. Hoe sober ook, het medeleven van de eilandbewoners bij teraardebestellingen was door de eeuwen heen een ontroerend schouwspel. Het waren allen rouwdragenden: de buurman, die met zijn boerenwagen en paard het lijk vervoerde en de buren die achter de wagen liepen. Zo volbrachten zij hun ‘burenplicht’ en bewezen hem of haar, die ze van nabij hadden gekend, diep bedroefd de laatste eer.
>De eerste keer dat Nederland op 4 mei stilstond bij de Tweede Wereldoorlog was in 1946 – in 2016 dus zeventig jaar geleden. Dat gebeurde in het Olympisch Stadion, waar ook dit jaar weer een herdenking is. Bijna niemand weet eigenlijk nog dat deze nationale traditie in het Olympisch Stadion is begonnen. Oude filmbeelden staan hier.
>Vraag een Groninger, Fries of Limburger naar zijn volkslied, en goede kans dat hij zonder haperen losbarst in ‘Grönnens Laid’, ‘De âlde Friezen’ of ‘In’t bronsgroen Eikenhout’. Maar hoe staat het met de lied-vastheid in Noord-Holland? Wie zingt met de hand op het hart spontaan de volgende regels mee?
>Maki Zeeman (1940) woont met haar man in een huisje op Marken, dat al een eeuw in de familie is. Vroeger stelde haar moeder het huisje open voor toeristen, gewoon om wat bij te verdienen.
>