Slot Zuylen: Amsterdams ontwerp aan de Utrechtse Vecht

Het buitenplaatsenlandschap langs de Vecht begint bij Slot Zuylen. Hoewel het kasteel een echte Utrechtse geschiedenis heeft, is het ontworpen door een Amsterdamse architect. Elke volgende generatie bewoners paste de inrichting vervolgens naar eigen smaak aan.

Langs de rivier de Vecht, die begint bij de Weerdsluis in Utrecht en uitmondt in het IJmeer bij Muiden, liggen vele statige buitenplaatsen. De meeste zijn tijdens de zeventiende en achttiende eeuw aangelegd als buitenverblijven van welgestelde Amsterdamse kooplieden en regenten. Hier vertoefden ze tijdens de zomermaanden om de drukke, stinkende stad te ontvluchten. Deze ‘buitens’ worden gekenmerkt door de deftige classicistische bouwstijl van het huis en de prachtige aangelegde siertuinen, waar gewandeld kon worden of genoten van een kopje thee in modieuze theekoepels.

Slechts enkele buitenplaatsen kennen een geschiedenis die nog verder teruggaat. Ooit lagen er elf versterkte huizen en kastelen langs de Vecht, die dienden als verdedigingslinie tussen het sticht Utrecht en het graafschap Holland. Eén van de oudste kastelen is Slot Zuylen, waarvan de historie terug te voeren is tot de dertiende eeuw. Rond 1250 liet de familie Van Zuylen, waar het slot haar huidige naam aan overgehouden heeft, op deze plek een woontoren bouwen. De toren werd twee eeuwen later tijdens de Hoekse en Kabeljauwse Twisten door opstandige Utrechters verwoest. De fundamenten van de ruïne zijn nog altijd zichtbaar op het terras van het kasteel.

Slot Zuylen met het poortgebouw, dat toegang geeft tot de kasteelgronden. Foto: Sarah Remmerts de Vries.

Van versterkt kasteel naar elegant landhuis

In 1522 liet de nieuwe eigenaar van het terrein, Willem van Rennenberg, er een imposant kasteel bouwen met toegangspoort en koetshuis. Het poortgebouw, waardoor men de kasteelgronden betreedt, stamt uit 1530. Het kasteel is meerdere malen van eigenaar gewisseld, voordat het in 1665 in bezit kwam van het adellijke geslacht Van Tuyll van Serooskerken. Aanvankelijk gebruikte de familie het slot als zomerverblijf, om na de zomer terug te keren naar hun stadshuis aan de Kromme Nieuwegracht in Utrecht. Later werd Slot Zuylen permanent door de familie bewoond – en wel tot 1952.

Het huidige uiterlijk van Slot Zuylen is een creatie van de Amsterdamse architect Jacob Marot, die in 1752 van de familie de opdracht kreeg om het kasteel tot een modern landhuis in Franse stijl te verbouwen. De slotgracht werd deels gedempt en de ingang verplaatst. Het slot kreeg een statig voorplein en een nieuwe linkervleugel werd opgetrokken om het huis een symmetrische uitstraling te geven. Binnen kreeg het kasteel een grootse hal en een vernieuwd trappenhuis. Slot Zuylen ging met de mode van haar tijd mee.

Vanuit de hal kijkt men uit over het voorplein van het kasteel. Foto: Sarah Remmerts de Vries.

Voorname voorouders

Het interieur van het slot is een interessante verzameling van meubilair en gebruiksvoorwerpen daterend uit de vijftiende tot en met de twintigste eeuw. In de loop van de tijd is een grote collectie glaswerk, boeken, oosters porselein en schilderijen opgebouwd door de bewoners. Er hangen werken van de bekende schilders Gerard van Honthorst, Nicolaes Maes en Gerard Hoet, maar ook betoverende wandtapijten van Maximiliaan van der Gucht. Elke generatie voegde zijn eigen smaak aan het slot toe, waardoor de stijlkamers een boeiend tijdsdocument van zes eeuwen bewoning vormen.

De woonvertrekken van de familie bevinden zich op de eerste verdieping, het souterrain is het domein van het personeel. Via een marmeren trap komt men terecht in de hal, dat door Marot in de achttiende eeuw toegevoegd is aan het huis. De portretten in de hal vertellen het verhaal van de familie Van Tuyll van Serooskerken, waarvan de leden vooraanstaande posities in de maatschappij bekleedden. Zo hangt er een groot schilderij door de gebroeders Saftleven uit 1634, met daarop Godard van Reede van Nederhorst, die met zijn kinderen en toekomstige vrouw afgebeeld is rondom het sterfbed van zijn eerste echtgenote.

Familieportret van Godard van Reede van Nederhorst, die met zijn kinderen en toekomstige vrouw afgebeeld is rondom het sterfbed van zijn eerste echtgenote. Schilderij door de gebroeders Saftleven, 1634. Foto: Sarah Remmerts de Vries.

Flaneren en dineren

De bel-etage (eerste verdieping) is het hart van het huis. Hier bevinden zich onder meer de keuken, eetkamer en bibliotheek. Maar ook de indrukwekkende gobelinzaal, misschien wel de mooiste ruimte van het kasteel. De wanden van dit ‘groot salet’ zijn bekleed met laat zeventiende-eeuwse wandtapijten van de Delftse wever Maximiliaan van der Gucht. Op de tapijten is een paradijselijke voorstelling te zien van een bosrijke omgeving met veel groen, wild en in de verte een landhuis. Het perspectief doet de kamer nog groter lijken dan hij al is.

De gobelinzaal van Slot Zuylen is een wereld op zich. Foto: Sarah Remmerts de Vries.

In de ernaast gelegen eetkamer, die hoofdzakelijk in negentiende-eeuwse stijl is ingericht, kijken levensgrote portretten van voorouders op de dinergasten neer. Op tafel staan delen van een achttiende-eeuws porseleinen servies, dat op bestelling in China is gemaakt. Dat de keuken op dezelfde verdieping ligt, in plaats van in het souterrain, zoals in de meeste landhuizen gebruikelijk is, moet handig zijn geweest bij het serveren van de gerechten. De lichte keuken is met zijn voorraadkasten, kelder en eenvoudig theehoekje onmiskenbaar de plaats voor het personeel.

In de eetkamer kijken voorouderportretten op de dinergasten neer. Foto: Sarah Remmerts de Vries.

Belle van Zuylen

Op de tweede verdieping bevonden zich de slaapkamers van de bewoners en hun gasten. Omdat reizen nog niet al te lang geleden een tijdrovende aangelegenheid was, bleef er vaak hooggeplaatst bezoek logeren. Maar ook de familie zelf maakte graag reizen door Europa, zo bewijzen stickers van onder meer kuuroord Baden-Baden op de hutkoffers in de logeerkamer. Achter de logeerkamer liggen de zogenaamde ‘Bellekamers’, waar Isabella Agneta Elisabeth van Tuyll van Serooskerken, beter bekend als Belle van Zuylen, tot haar dertigste de zomers doorbracht.

De schrijfkamer van Belle van Zuylen. Foto: Sarah Remmerts de Vries.

Belle van Zuylen staat tegenwoordig bekend als een verlichte, haast feministische schrijfster, wiens vooruitstrevende opvattingen in haar vele brieven naar voren komen. Ze was haar tijd ver vooruit en het is dan ook niet verwonderlijk dat haar ideeën dikwijls botsten met die van haar familie. Naast schrijven hield ze zich bezig met dichten, musiceren, tekenen, handwerken en tuinieren – een ware alleskunner. Toen ze in 1771 met Charles Emmanuel de Charrière, de huisleraar van haar broer, trouwde en naar Zwitserland verhuisde, liet ze Slot Zuylen achter zich. Ook in dit nieuwe thuisland wist ze haar naam te vestigen in de letterkunde. Hier stond ze bekend als Madame de Charrière.

Portret van Belle van Zuylen in de Bellekamers. Foto: Sarah Remmerts de Vries.

Onderduikers op het slot

Het contrast tussen de lichte achttiende-eeuwse Bellekamers en de ernaast gelegen ‘stenenkamer’ kon haast niet groter zijn. Deze zware ruimte, ingericht met veel donker hout en jachttrofeeën aan de muur, was duidelijk het domein van de heren van Slot Zuylen. Heren die hier, onder het genot van een pijpje of sigaar, gezeten bij het haardvuur belangrijke zaken konden bespreken. Het houten meubilair is in de jaren twintig speciaal voor de stenenkamer vervaardigd in het atelier van de Utrechtse meubelmaker Johannes Rietveld, vader van de beroemde modernistische ontwerper Gerrit Rietveld. Maar nog interessanter is de houten hoekkast op de plek van de oude wenteltrap, die na Marots verbouwing overbodig werd. Slot Zuylen bood tijdens de Tweede Wereldoorlog namelijk onderdak aan onderduikers, die tijdens razzia’s in deze kast konden schuilen.

De stenenkamer was het domein van de heren van Slot Zuylen. Foto: Sarah Remmerts de Vries.

Met al deze historie is het niet verbazingwekkend dat Slot Zuylen naast een geliefd cultureel uitje ook een sfeervolle ontvangst- en trouwlocatie is. Daarnaast kan er gewandeld worden in de kasteeltuin, waar onder meer een slangenmuur, stinsen-planten en historische fruitrassen te zien zijn, of kan men voor een drankje terecht in het museumcafé, dat gevestigd is in het oude koetshuis. Het beheer en de exploitatie van het slot zijn tegenwoordig in beheer van twee verschillende stichtingen. Maar de familie Van Tuyll van Serooskerken woont nog steeds op het terrein, zij het iets kleiner dan vroeger.

De Tuinmanswoning van Slot Zuylen, gelegen naast het poortgebouw. Foto: Sarah Remmerts de Vries.

Tekst: Sarah Remmerts de Vries

Bronnen:

Publicatiedatum: 13/04/2021

Aanvullingen

Vul deze informatie aan of geef een reactie.

Plaats een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Vereiste velden zijn gemarkeerd met *. Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.