Oneindig Noord-HollandBeleef de geschiedenis van jouw provincie

Historische Vereniging Amstelveen zoekt mensen op

In een wereld van snelle sociale media worden historische verenigingen uitgedaagd om mensen op een andere manier warm te maken voor geschiedenis. Vereniging Historisch Amstelveen slaat daarom andere wegen in.

De vereniging beschikt over een fraaie ruimte in een voormalige bibliotheek vlakbij tramstation Meent. We praten er met secretaris Maureen van Munster, die al vanaf de oprichting, op 25 september 1990, bij de vereniging is betrokken.

“Ik ben heel graag met geschiedenis bezig, omdat je steeds weer nieuwe dingen ontdekt,” vertelt ze. “Mensen komen regelmatig binnen met een onbekende foto of een voorwerp van hun grootouders. Wanneer ze ergens naar op zoek zijn is het leuk als je ze daarbij kunt helpen.”

De historische vereniging heeft er voor gekozen om nieuwe wegen te bewandelen om mensen voor de Amstelveense geschiedenis te interesseren. Maureen: “We doen een hele boel, maar we zoeken nu vooral samenwerking met andere groepen. Het wordt namelijk steeds lastiger om vrijwilligers te vinden. We hebben zo’n 310 leden. Dat aantal is vrij stabiel, maar we merken dat mensen niet altijd lid willen worden van een vereniging. Dat lijkt wel iets van vroeger. Ze denken dat ze allerlei verplichtingen hebben als ze lid worden, dat ze bijvoorbeeld achter de bar moeten staan, terwijl je ook gewoon lid kunt zijn.”

Prentbriefkaart van het voormalige raadhuis van de gemeente Nieuwe-Amstel aan de Amsteldijk, dat nu een deel uitmaakt van de gemeente Amsterdam. Foto via Vereniging Historisch Amstelveen.

Geen dikke pillen

Mensen zijn sowieso niet meer zo ‘lezerig’, heeft ze gemerkt. “Vroeger gaven we wel eens een boek uit en dat was dan meteen zo’n pil, maar daar hoef je nu niet meer mee aan te komen. We zoeken het nu dus vooral in korte teksten, zowel op de website als in het blad dat we vier keer per jaar uitgeven. Het moet vooral kort en snel zijn; op dat breukvlak zitten we nu.”

“Het honderdjarig bestaan van het Keizer Karelpark hebben we samen met wijkbewoners georganiseerd. Dan wordt je doelgroep meteen breder. Wijkbewoners komen niet alleen voor geschiedenis; je moet geschiedenis naar de mensen toe brengen. We hebben dus geen tentoonstelling, maar een film van een half uur gemaakt. Mensen vinden dat leuk. Een film is toegankelijker dan borden met foto’s. Bovendien is het iets blijvends, terwijl je een tentoonstelling uiteindelijk weer moet afbreken.”

Samen met ‘Amstelveen Oranje’ maakte Vereniging Historisch Amstelveen een tentoonstelling in Museum Cobra over Amstelveen 80 jaar bevrijd. De burgemeester van Amstelveen en Anne-Rose Bantzinger, dochter van Jetty Paerl, beter bekend als Jetje van Radio Oranje, openden de tentoonstelling. Foto via Vereniging Historisch Amstelveen.

Naar het Cobra Museum

Wat niet wil zeggen dat het maken van een film een peulenschil is. “Voor een film heb je beeld én geluid nodig. Geluid is het lastigste, heb ik me laten vertellen, dus wij hadden het geluk dat iemand zich bij ons aanmeldde die geluid als specialisme had.”

Ze heeft nog een voorbeeld. “We hebben ook met het Cobra Museum contact gezocht, toen we vorig jaar mei iets wilden doen met tachtig jaar bevrijding. Samen met Amstelveen Oranje hebben we van het museum een zaal gekregen voor een tentoonstelling, waarbij we gebruik hebben gemaakt van gesproken tekst, interviews op video en QR-codes die naar de website verwijzen. We zetten nu dus meer moderne middelen in.”

Dan vragen we wat de meeste mensen niet weten van de geschiedenis van Amstelveen, dat begin dit jaar 95.840 inwoners telde. “Ook mensen die hier wonen weten niet dat Amstelveen vroeger véél groter was; Amsterdam heeft veel van het Amstelveense grondgebied geannexeerd.” Het is dan ook niet voor niets dat het raadhuis van Nieuwer-Amstel, zoals de gemeente Amstelveen tot 1964 nog heette, aan de Amsterdamse Amsteldijk lag. Het Amsterdamse stadsarchief heeft daar nog in gezeten. “Sinds 1921 ligt de grens bij de Kalfjeslaan, maar in 1896 liep Amstelveen nog door tot aan het Concertgebouw.”

Zo zag het oude dorp van Amstelveen er in 1663 uit. Stadsarchief Amsterdam / Collectie Atlas Dreesmann, Afbeeldingsbestand

Nieuwer-Amstel

Dat Nieuwer-Amstel in 1964 Amstelveen ging heten is overigens minder dramatisch als het lijkt. Maureen: “Amstelveen was de naam van het oude dorp, maar de namen Nieuwer-Amstel en Amstelveen werden door elkaar gebruikt. Dat was een beetje verwarrend, met name voor de post. Uiteindelijk is er voor gekozen om de naam van het oude dorp aan de hele gemeente te geven.”

In juni, we stipten het al even aan, vierde de vereniging samen met bewoners het honderdjarig bestaan van het Keizer Karelpark. Dat deden ze onder andere met een workshop over hoe je de Charleston danst. Maureen: “Hoogtepunt was de opening van de festiviteiten, waarbij Keizer Karel V, naar wie de wijk is vernoemd, een dialoog aanging met Karel de Grote, nadat hij was gearriveerd met de oude T-Ford brandweerauto van de gemeente uit 1925.”

Volgens Maureen geeft de geschiedenis van het Keizer Karelpark goed weer hoe Amstelveen zich heeft uitgebreid. “Een deel van de wijk is in 1926 gebouwd en dat was precies te periode dat hier mensen kwamen wonen die vooral in Amsterdam werkten. Na de oorlog werden hier woningen gebouwd voor mensen die onder andere op Schiphol werkten. Dat de woonwijk een park wordt genoemd, komt omdat het als tuinstad is opgezet, met veel groen. Dat geldt sowieso voor heel Amstelveen, want het is een stad in het groen. Dat stond zelfs op de poststempels.”

VHA vierde samen met bewoners van het Keizer Karelpark het eeuwfeest van deze woonwijk. Foto via Vereniging Historisch Amstelveen.

Chris P. Broerse

Dat is vooral het werk van Christiaan Pieter Broerse (1902-1995), die landschapsarchitect was en directeur van de Amstelveense plantsoenendienst, naar wie later nog een park is vernoemd. “Hij heeft de gemeente zijn groene identiteit gegeven. Dat zie je bijvoorbeeld aan de prachtige oude bomen in het Keizer Karelpark.”

Broerse, die zelfs nog eens tot ‘Amstelvener van de Eeuw’ is uitgeroepen, is ook verantwoordelijk voor de aanleg van de heemparken, zoals het Dr. J.P. Thijssepark, waar ze heel graag komt. “Heempark betekent dat er veel inheems groen is gebruikt, dus groen dat hier thuishoort en goed gedijt. Het park heeft een grote variatie aan zichtlijnen. Mensen komen uit het hele land om er naar te kijken. In elk seizoen ziet het er anders uit. Ook als je er in januari komt, is het nog mooi, terwijl je misschien een kale boel zou verwachten. Je komt er écht tot rust. Het knappe is ook dat het oorspronkelijk maar een kleine strook groen was, waarop Broerse zich mocht uitleven. En nu is het dan een rijksmonument, geweldig toch!”

Het Thijssepark in Amstelveen, waar je even tot rust kunt komen. Foto via Vereniging Historisch Amstelveen.

Oude Dorp

Het Oude Dorp van Amstelveen, waar de door vrijwilligers gerunde museumspoorlijn langs loopt, en waar relatief veel horeca is gevestigd, ligt overigens op een andere plek dan het huidige centrum, dat Stadshart heet en waar het grote winkelcentrum zich bevindt. Het lijken wel twee verschillende werelden, ook al zit er hemelsbreed maar één à anderhalf kilometer tussen. Maureen kan dat wel verklaren. “Vroeger was het Oude Dorp het centrum van Amstelveen, maar eind jaren vijftig is besloten het centrum te verleggen, want het Oude Dorp lag aan de rand van de gemeente. Stadshart ligt veel centraler en heeft zich tot een modern centrum ontwikkeld.”

De Dorpsstraat van Amstelveen in een tijd dat mannen nog hoeden droegen. Foto via Vereniging Historisch Amstelveen.

“Het vervelende is alleen,” voegt ze er meteen aan toe, “dat de A9 dat gebied later in tweeën heeft verdeeld. Er liep al een weg, maar dat is een snelweg geworden die je niet zo maar over steekt. Het is overigens wel de bedoeling dat de A9 op drie plaatsen wordt overkapt. Dat vind ik een goede ontwikkeling, want dan worden die twee helften, Noord en Zuid, weer met elkaar verbonden.”

Tot slot vraag ik haar of er nog zoiets als ‘dé Amstelvener’ bestaat. Amstelveen heeft immers bij de buitenwacht de naam een welvarende gemeente te zijn, maar volgens Maureen betekent dat niet dat iedereen in Amstelveen rijk is. “Het is misschien een rijke gemeente, maar je kunt niet zeggen dat alle bewoners rijk zijn, al was het alleen maar omdat in de jaren vijftig hier arbeiders kwamen wonen die op Schiphol gingen werken.”

Meer over de Vereniging Historisch Amstelveen is hier te vinden.

Auteur: Arnoud van Soest

Publicatiedatum: 30/07/2026

Aanvullingen

Vul deze informatie aan of geef een reactie.

Plaats een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Vereiste velden zijn gemarkeerd met *. Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.