Oneindig Noord-HollandBeleef de geschiedenis van jouw provincie

MUTEK: hét museum voor Toegepaste Europese Kunst

Het lijkt wel een scene uit Harry Potter, waar je een hele andere wereld betreedt tussen twee platforms. Op perron 3 van station Haarlem bevindt zich het MUTEK Museum: hét museum voor Toegepaste Europese Kunst. De voormalig tweedeklas wachtkamer, uitgevoerd in de prachtige art-nouveaustijl, is de perfecte locatie voor de ruim 600 kunstobjecten. Oneindig Noord-Holland bracht een bezoek aan dit bijzondere museum.

Toegepaste kunst of kunstnijverheid is een kunstvorm waarbij vorm en functie samenkomen. In tegenstelling tot de beeldende kunst, die vooral uitnodigt tot beschouwing, maakt deze kunst deel uit van het dagelijks leven.

Vrijwel alle producten die we gebruiken zijn ontworpen. Meubelen, keramiek, glaswerk, sieraden, lampen, vazen, posters en interieurtextiel zijn niet alleen gebruiksvoorwerpen, maar ook uitingen van vakmanschap en artistieke visie. Ze weerspiegelen de tijdsgeest waarin ze zijn ontstaan en laten zien hoe mensen leefden, werkten en dachten. Hierbij hebben kunststromingen zoals de Art Nouveau en Art Deco een belangrijke rol gespeeld.

Foto: Judith van Amelsvoort, 2026.

Een passie voor vormgeving

Museum MUTEK in Haarlem is opgericht door kunsthistoricus Robert van Rhijn. Zijn belangstelling voor toegepaste kunst ontstond al op jonge leeftijd. Voor zijn zestiende verjaardag kreeg hij 600 euro om te besteden aan een brommer, in plaats daarvan kocht hij een vaas van de Franse glasfabriek Daum Nancy. Deze vaas vormde het begin van zijn kunstverzameling.

Het ging hem aan het hart dat er in Nederland geen museum was voor toegepaste kunst. Om een museum te verwezenlijken richtte hij in 2018 een stichting op. Hierbij liet hij zich inspireren door het voormalige Museum van Kunstnijverheid, dat tussen 1877 en 1927 was gevestigd in Paviljoen Welgelegen in Haarlem.

Foto: Judith van Amelsvoort, 2026.

Foto: Judith van Amelsvoort, 2026.

Een jarenlange zoektocht

Na een jarenlange zoektocht naar een geschikte locatie viel de keuze op de historische tweedeklas wachtkamer van station Haarlem. Deze bijzondere plek sluit perfect aan bij de missie van het museum: het stationsgebouw, ontworpen door Dirk Margadant en gebouwd tussen 1906 en 1908, is het enige station in Nederland dat is uitgevoerd in de art-nouveaustijl. De rijke decoraties en karakteristieke tegeltableaus maken het gebouw zelf al tot een museumstuk.

De Nederlandse Spoorwegen steunden het initiatief vanaf het begin. Dankzij bijdragen van onder meer het Cultuurfonds, het Thurkowfonds, de Ruigrok Stichting, Stichting Gifted Art, de Gravin van Bylandt Stichting, Rabobank, de Europese Unie en vele donateurs en deskundigen, waaronder juwelenexpert Martijn Akkerman, kon het museum worden gerealiseerd.

De informatiebalie met daarop een vitrine met parfumflesjes. Foto: Judith van Amelsvoort, 2026.

In het museum kan je in- en uitchecken bij de NS. Foto: Judith van Amelsvoort, 2026.

De collectie

Het museum toont toegepaste kunst in haar oorspronkelijke context. In plaats van witte museumzalen worden de verschillende stijlperiodes gepresenteerd in historische kleurrijke interieurs, waardoor bezoekers ervaren hoe de objecten ooit werden gebruikt en beleefd.

In de afgelopen dertien jaar is de verzameling uitgegroeid tot een collectie van internationale kwaliteit, met werken van onder andere Émile Gallé, Berlage, René Lalique, Gispen, Hildo Krop en Raymond Loewy.

Foto: Judith van Amelsvoort, 2026.

Naast de vaste collectie presenteert MUTEK wisseltentoonstellingen, waarin actuele thema’s worden verbonden met de geschiedenis van toegepaste kunst en design. Bijzondere aandacht is er voor studenten van designopleidingen, die gratis toegang krijgen en het museum kunnen gebruiken als inspiratiebron.

De huidige tentoonstelling 120 jaar toegepaste kunst belicht stromingen als de Art Nouveau, Nieuwe Kunst, Art Deco, de Amsterdamse School, Streamline en Memphis Design. Circa 90 procent van de objecten is nog nooit eerder tentoongesteld.

Foto: Judith van Amelsvoort, 2026.

Kunststromingen

Aan het einde van de negentiende eeuw zorgde de industriële revolutie voor grote veranderingen in de productie van gebruiksvoorwerpen. Veel producten werden snel en op grote schaal vervaardigd, waardoor de ambachtelijke en individuele vormgeving onder druk kwam te staan. Als reactie hierop ontstond de Art Nouveau (ca. 1890–1914), waarbij ontwerpers zich lieten inspireren door de natuur. Kenmerkend zijn de sierlijke, vloeiende lijnen, rijke materialen en verfijnde details. In verschillende landen kreeg deze stijl andere namen: Art Nouveau (Frankrijk en België), Jugendstil (Duitsland en Oostenrijk) en Liberty style (Verenigd Koninkrijk).

Foto: Judith van Amelsvoort, 2026.

Na de Eerste Wereldoorlog veranderde de visie op toegepaste kunst. Functionaliteit en maatschappelijke waarde werden belangrijker. De Amsterdamse School (1917–1935) ontwikkelde zich tot een kunststroming waarin architectuur, interieur en toegepaste kunst nauw met elkaar verbonden waren. De stijl kenmerkt zich door krachtige vormen, decoratieve patronen en symbolische elementen. Onder invloed van het expressionisme en door de banden met het toenmalige Nederlands-Indië werden er nieuwe technieken en materialen toegepast. De stroming had bovendien een sociaal ideaal: het ontwerp moest bijdragen aan een betere leefomgeving voor iedereen.

In dezelfde periode ontstond Art Deco (ca. 1918–1939), een stijl die zich afzette tegen de organische vormen van de Art Nouveau. Art Deco kenmerkt zich door geometrische motieven, symmetrische composities en luxe materialen. Ontwerpers lieten zich hierbij inspireren door de klassieke oudheid, Egyptische kunst en Afrikaanse kunst.

Foto: Judith van Amelsvoort, 2026.

Vanaf de jaren 1930 ontstond in de Verenigde Staten de Streamline beweging (ca. 1937–1960). Geïnspireerd door de aerodynamica kregen producten afgeronde, vloeiende vormen die snelheid en vooruitgang uitstraalden. Overbodige versiering maakte plaats voor een strak en functioneel ontwerp.

Aan het einde van de twintigste eeuw brak een nieuwe generatie ontwerpers met de strikte regels van het modernisme. Memphis Design (1981–1988) kenmerkt zich door het rijke kleurgebruik, de speelse vormen en de onverwachte combinaties van materialen. De gevoelswaarde van het gebruiksvoorwerp was belangrijker geworden dan de functie. Ontwerpers verheerlijkten de consumptiemaatschappij en ontwierpen karaktervolle meubels, lampen en interieurtextiel.

Foto: Judith van Amelsvoort, 2026.

De verschillende kunststromingen in Museum MUTEK laten zien dat toegepaste kunst voortdurend in beweging is. Van ambachtelijke verfijning tot technische innovatie: iedere tijdsperiode vertelt een eigen verhaal over de samenleving waarin de ontwerpen zijn ontstaan.

Auteur: Judith van Amelsvoort

Bronnen:

Publicatiedatum: 03/08/2026

Aanvullingen

Vul deze informatie aan of geef een reactie.

Plaats een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Vereiste velden zijn gemarkeerd met *. Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.