Fort bij Nigtevecht: van ‘knakenfort’ tot natuureiland

Tussen Nigtevecht en Muiden vormt de rivier de Vecht de hoofdverdedigingslijn van de Stelling van Amsterdam.

Dit stuk is onderdeel van het Zuidoostfront, een kwetsbaar deel van de kringstelling vanwege de vele verbindingswegen over land en water tussen Amsterdam, Naarden en Utrecht. Fort Nigtevecht diende ter verdediging van het Amsterdam-Rijnkanaal (toen nog Merwedekanaal), de Vecht, en bijbehorende sluizen. Het fort bewaakte ook de 500 meter zuidelijk gelegen prise d’eau (inlatingspunt) van de Vechtwaterleiding. De Vecht was vanwege haar goede waterkwaliteit een belangrijk waterwingebied voor de stad Amsterdam. Nigtevecht dankt overigens haar naam aan dit slingerende riviertje, gelegen aan de overkant van het kanaal. Als verbastering van ‘niftervecht’ betekent het letterlijk:langs of aan de Vecht.Het fort was decennia lang alleen te bereiken via een smalle tolweg, het Velterslaantje. Die liep vanaf het riviertje de Gein naar het Amsterdam-Rijnkanaal. Het tolhek werd – uiteraard tegen betaling – alleen geopend “voor transporten en personeel van de Staat”.

Fort bij Nigtevecht.

Foto: Jephta Dullaart.

Fort bij Nigtevecht.Fort bij Nigtevecht.

Nieuw type fort

Het nabij gelegen en uit baksteen opgetrokken Fort bij Abcoude diende als prototype voor de andere, nog te bouwen forten van de kringstelling rondom de hoofdstad. Maar door de uitvinding van de veel krachtiger brisantgranaat bleek het bakstenen fort uit 1885 niet meer te voldoen. De bouw van forten werd enige jaren stilgelegd om een nieuw type te ontwikkelen. Zo ook het Fort bij Nigtevecht waar men tussen 1888 en 1895 de aarden wallen op het fortterrein had aangelegd. In 1897 hervatte het Ministerie van Oorlog de bouwwerkzaamheden aan de Stelling met een nieuwe type fort waarvan het Fort bij Vijfhuizen het eerste was.
Naar voorbeeld van Vijfhuizen kreeg het Fort bij Nigtevecht eveneens bomvrije gebouwen van cementbeton. In 1903-1904 bouwde men een langgerekt en smal fort. De gebouwen kregen zo weinig mogelijk oppervlak om de trefkans van granaten te verkleinen. Ook was nieuw dat de geschutkoepels los kwamen van het fort. De nieuwe forten hadden een betere scheiding en verspreiding van de artillerie  (geschut) en infanterie (grondtroepen).

Plattegrond Fort bij Nigtevecht.

Plattegrond Fort bij Nigtevecht.Plattegrond Fort bij Nigtevecht.

Geen twee forten zijn gelijk

tHoewel de forten volgens een standaardmodel werden gebouwd, is elk fort uniek. De plaatselijke omstandigheden dwongen de fortenbouwers om steeds van het model af te wijken. Zo kent Nigtevecht een licht gebogen vorm van het hoofdgebouw (zie plattegrond). Deze gebogen vorm zorgde voor een optimale hoek waaronder de tussen de forten van Weesp en Abcoude gelegen terreinen vanuit de keelkazematten onder vuur genomen konden worden. De beide hefkoepelgebouwen zijn nog intact en dat is uitzonderlijk.
Op het fortterrein staat eveneens een goed bewaarde genieloods. Als het fort niet in gebruik was, werden hier alle goederen en spullen opgeslagen. De genieloods was meestal van hout en stond net buiten de gracht, aan de van de vijand afgekeerde zijde. De genieloods van het Fort bij Nigtevecht werd in 2011-2012 grondig opgeknapt door Stichting Herstelling die werkloze jongeren inzet om de forten van de Stelling van Amsterdam te onderhouden.

Gewild materiaal voor de Duitsers

Ook het Fort bij Nigtevecht is in de Tweede Wereldoorlog door het Duitse leger gebruikt. In tegenstelling tot de andere forten hebben de Duitsers hier niet de geschutkoepels opgeblazen. Dat is opmerkelijk omdat het een standaardprocedure was om de geschutkoepels op te blazen en de brokken staal van de pantserkoepels terug te sturen naar de fabriek waar ze vandaan kwamen. Dat was de wapenfabriek van Krupp in Essen, de hofleverancier van vele Europese legers in de eerste helft van de twintigste eeuw. Hier werd het staal weer versmolten en gebruikt voor nieuw wapentuig. Waarom de Duitsers de koepels bij Nigtevecht met rust lieten is niet bekend. Tijdens de oorlog deed het fort dienst als opslagplaats van goederen en (Joods?) huisraad, en waarschijnlijk ook van munitie. De ligging aan het Amsterdam-Rijnkanaal maakte het fort uitermate geschikt als opslag- en doorvoerlocatie van alles wat de Duitsers hadden buitgemaakt.

Stalen luik van Fort aan de Nekkerweg.

Op deze afbeelding is de naam van de Duitse wapenfabriek Krupp uit Essen goed te lezen. Foto: Sylvia Beliën.

Stalen luik van Fort aan de Nekkerweg.Stalen luik van Fort aan de Nekkerweg.

Verder als natuureiland

Ook na de Tweede Wereldoorlog bleef het fort in trek als opslagplaats. Eerst van explosieven van de landmacht, later voor het bewaren van geld van de Rijks Munt waar het de bijnaam ‘knakenfort’ aan heeft de danken. Uit die tijd dateert ook het toegangsdijkje over de fortgracht dat de oude brug verving; die kon de zware vrachtwagens niet aan. Nadat in 1982 aan de opslagfunctie een einde kwam stond het fort enige jaren leeg. De rustige ligging en het verborgen karakter maakten het een gewilde plek voor plant en dier. Nadat het in 1987 in bezit was gekomen van Vereniging Natuurmonumenten kon het fortterrein uitgroeien tot een waar paradijs voor de natuur.

Meer informatie

Verhaal geschreven door Jephta Dullaart (redactie Oneindig Noord-Holland), met dank aan Ronald van Nigtevecht.

Meer informatie over Fort bij Nigtevecht is te vinden op de website van:
Natuurmonumenten
Provinciale website Stelling van Amsterdam
Fort bij NigtevechtDit verhaal maakt deel uit van de campagne Werelderfgoed.
Klik hier om terug te gaan naar het thema Stelling van Amsterdam.

Publicatiedatum: 18/11/2011