1. Kleurrijke bloesemboom
Er is maar weinig dat zo’n sterk lentegevoel oproept als een boom met bloesem. Dat moet ook kunstenaar Gerrit Willem van Blaaderen (1873-1935) gedacht hebben, toen hij dit vrolijke werk schilderde. Van Blaaderen maakte landschappen, stillevens en reisimpressies die licht van kleur waren. Zijn werk was zeer geliefd en hij kon er destijds meer voor vragen dan Piet Mondriaan.
Van Blaaderen wordt doorgaans tot de Bergense School gerekend. De laatste veertien jaar van zijn leven bracht hij namelijk in Bergen door. Bergen was in zijn tijd een echt kunstenaarsdorp. Vanaf 1900 trok het oude plaatsje bij bos en duinen veel artistiek talent aan. Bekende leden van de Bergense School waren onder andere Leo Gestel en Charley Toorop, de dochter van de bekende kunstenaar Jan Toorop.
Wil je meer weten? Lees dan het verhaal Een modernist in Bergen.

G.W. van Blaaderen, Lente, ca. 1922. Collectie Museum De Wieger, Deurne.
2. Zonovergoten tuin
Het was een zonnige voorjaarsdag toen William Henry Singer jr. (1868-1943) de tuin van villa De Wilde Zwanen in Laren op het doek vastlegde. De bomen begonnen al wat bladeren te krijgen en de stammen wierpen lange schaduwen op de grond. In 1901 was de Amerikaanse kunstenaar samen met zijn vrouw Anna Singer-Brugh in Nederland gearriveerd. Ze verbleven de eerste tijd in het hotel van Jan Hamdorff, dat een belangrijke rol in het artistieke leven van Laren speelde.
Na enkele jaren kochten de Singers aan de rand van het schilderachtige dorp een stuk grond en lieten er een villa bouwen, ontworpen door de Hilversumse architect J.W. Hanrath. Hier brachten ze de winters door, waar ze zich omringden met beeldende kunst en (kunstenaars)vrienden. Hun kunstcollectie groeide gestaag en is na de dood van William door Anna in een museum ondergebracht. Museum Singer Laren opende op 12 mei 1956 zijn deuren voor het publiek.
Wil je meer weten? Lees dan de verhalen Villa De Wilde Zwanen en Het Singer Museum te Laren.

William Henry Singer, jr., Voorjaarsdag in mijn tuin, 1912. Collectie Singer Laren, schenking van Anna Singer-Brugh in 1956.
3. Boomgaard in bloei
Een andere bekendheid uit kunstenaarsdorp Laren is Hein Kever (1854-1922). Op dit schilderij heeft hij een moeder met twee kinderen in een bloeiende appelboomgaard vereeuwigd. Het grootste gedeelte van zijn carrière bracht de kunstschilder door in het Gooi. Aan de werken die hij in deze omgeving schilderde dankt hij in hoofdzaak zijn grootste succes. Met zijn schilderijen van Gooise boereninterieurs en boeren en kinderen plaatste hij zich onder de kunstenaars van de Larense School.
Toch was hij erg onzeker over zijn werk. Het verhaal gaat dat hij een keer een aquarel voor de Hollandse Teken Maatschappij maakte. Zijn bekende buurman Anton Mauve zou het werk komen bekijken, voordat hij het verzond. Maar bang als hij was voor kritiek, verborg Kever het werk snel in zijn bed toen Mauve voor de deur stond. Ter nagedachtenis aan deze wat onzekere maar bekwame kunstenaar is er in Laren een straat naar hem vernoemd: de Keverweg.
Wil je meer weten? Lees dan het verhaal Hein Kever.

Hein Kever, Moeder met kinderen in appelboomgaard, ca. 1900. Via Wikimedia Commons (publiek domein).
4. Felle lentetinten
Een andere boomgaard werd geschilderd door dorpsgenoot Ferdinand Hart Nibbrig (1866-1915), die in 1894 een huis aan de Naarderstraat liet bouwen. Hier hield hij een eigen boomgaard en moestuin bij, die hij maar wat graag vastlegde. In Laren verruilde Nibbrig voor het eerst zijn donkere palet voor een met lichte, felle kleuren. Zijn schilderijen bouwde hij op uit kleine streepjes verf, geïnspireerd door de Franse en Belgische neo-impressionisten en pointillisten.
Hart Nibbrig was niet alleen vernieuwend in zijn manier van schilderen, maar ook in zijn sociale bewogenheid. De plaatselijke boerenbevolking in Laren werd een dankbare bron van inspiratie voor zijn schilderijen. Andersom raakte Nibbrig zo geliefd bij de dorpsbevolking, dat ze hem met een koosnaam aanspraken: ‘meneer Nibbering’. Nibbrig was namelijk erg betrokken bij het wel en wee van zijn modellen. Hij luisterde graag naar hun problemen en gaf waar nodig goede raad.
Wil je meer weten? Lees dan de verhalen Neo-impressionisten in het Gooi en De natuur lonkt: kunstenaars in het Gooi.

Ferdinand Hart Nibbrig, Boomgaardje, ca. 1903. Collectie Singer Laren, legaat van P.J. Hart Nibbrig.
5. Hollandse bloemenzee
Het lijkt haast de Keukenhof wel, op dit schilderij met bloeiende gele en witte tulpen van Anton Lodewijk Koster (1859-1937). De oer-Hollandse tulpen zijn tegenwoordig een van de belangrijkste symbolen van ons land. Toch kwamen ze nooit vanzelf uit de Hollandse kleibodem omhoog. De wortels van de kleurige bloemen liggen namelijk in de bergen van Kazachstan. Via Turkse tulpenkwekers kwamen ze uiteindelijk in onze bollenstreek terecht.
De immense populariteit van de tulp nam in de zeventiende eeuw exorbitante vormen aan. In de jaren 1636 en 1637 hield een ware tulpenmanie Nederland in haar greep. De tulp was een statussymbool waar Nederlanders veel geld voor over hadden. Handelaren dreven de prijs steeds verder op, zodat een tulpenbol op een gegeven moment evenveel kostte als een grachtenpand in Amsterdam. Zo veroorzaakte het symbool van de lente de eerste economische bubbel in de geschiedenis.
Wil je meer weten? Lees dan het verhaal De tulp: bewogen verleden van een bijzondere bloem.

Anton L. Koster, Bollenvelden, ca. 1880-1937. Collectie Rijksmuseum Amsterdam.
Publicatiedatum: 23/03/2026
Vul deze informatie aan of geef een reactie.