Oneindig Noord-HollandBeleef de geschiedenis van jouw provincie
NL | EN

Fort aan het Pampus

Fort aan het Pampus is het enige Nederlandse kustfort dat op een eiland gebouwd is. Met ruim 60.000 bezoekers per jaar is Forteiland Pampus tegenwoordig het meest bezochte onderdeel van de Stelling van Amsterdam.

Fort aan het Pampus is één van de forten van de Stelling van Amsterdam. Tussen 1881-1919 werd rondom Amsterdam een bijzonder verdedigingswerk van forten, batterijen, dijken en sluizen aangelegd. Militairen konden de toegang tot de hoofdstad blokkeren door de omliggende gebieden onder water te zetten. Tot de uitvinding van nieuwe militaire technieken en de komst van het vliegtuig bleef Amsterdam zo beschermd tegen invallen van vijanden. Ondanks dat de Stelling van Amsterdam als geheel nooit in werking is getreden, is het een belangrijk militair monument. Sinds 1996 staat de Stelling op de Werelderfgoedlijst van UNESCO en vanaf juli 2021 maakt het samen met de Nieuwe Hollandse Waterlinie onderdeel uit van het werelderfgoed Hollandse Waterlinies .

Fort aan het Pampus is aangelegd in de jaren 1887–1897 en ligt iets ten zuiden van het Pampus, een ondiepe geul in de monding van het IJ. Samen met de kustbatterijen bij Diemerdam en Durgerdam moest Forteiland Pampus de haven van Amsterdam verdedigen. Het hoofdgebouw staat op een ovaal eiland en wordt omringd door een droge gracht : een brede greppel die de toegang tot het fort bemoeilijkte. Het fort werd fors bewapend met twee draaiende pantserkoepels , elk met twee kanonnen van 24 cm. Toch is er in oorlogstijd nooit een schot op het fort gelost. In vredestijd natuurlijk wel, als oefening voor de manschappen.

Gezicht op Pampus met de kerk en huizen, 1674. Collectie Provinciale Atlas Noord-Holland, Noord-Hollands Archief.

Een lange aanloop

Vanaf het moment dat de Stelling van Amsterdam in 1874 groen licht kreeg, waren er plannen om een pantserfort bij Pampus te bouwen. Met name door de hoge kosten werd het project uitgesteld. Uiteindelijk besloot de Minister van Oorlog in 1885 om het fort aan het Pampus toch te laten bouwen voor een bedrag van 800.000 gulden. Hij was overtuigd geraakt dat dit nodig was door Tweede Kamerlid J.W.H. Rutgers van Rozenburg, die er niet op vertrouwde dat de Zuiderzee door een vloot marineschepen en twee kustbatterijen verdedigd kon worden. Opvallend is dat de militaire top juist twijfelde of een pantserfort in de monding van het IJ voldoende nut had, aangezien een aanval over de Zuiderzee hen erg onwaarschijnlijk leek.

Bouw van de geschutskoepels van het Forteiland Pampus, 1892. Collectie Stadsarchief Amsterdam.

Een forteiland bouwen

In 1887 begon een burger-aannemer onder toezicht van de genie , het legeronderdeel dat verantwoordelijk was voor de bouw van de Stelling van Amsterdam, met de aanleg van het kunstmatige forteiland. De zeebodem werd ter plekke uitgebaggerd en volgestort met zand, stortsteen en basaltblokken. Rondom het ovale eiland werd net onder het wateroppervlak een stortsteenkade aangelegd, om te voorkomen dat vijandelijke schepen konden landen. Alleen bij de aanlegsteiger werd deze kade onderbroken.

Het eiland kreeg een stenen hoofdgebouw van twee verdiepingen, in de vorm van een ovaal. Dit gebouw bestond uit zo’n 80 vertrekken en bood onderdak aan ruim 200 militairen. Op het dak werd een beschermende laag van cementbeton gestort. Ook kwamen hier twee stalen pantserkoepels, die waren uitgerust met vier zware kanonnen.

Pampus is in Nederland het enige kustfort dat op een eiland gebouwd is. In dezelfde periode werd ook een kustfort gebouwd bij IJmuiden, maar dat lag oorspronkelijk in de duinen aan de noordoever van de haven. Pas na verbreding van het Noordzeekanaal in 1929 kwam het Fort bij IJmuiden ook op een eiland te liggen.

Plattegrond van de begane grond en tussenverdieping van Pampus, 1889. Collectie Stadsarchief Amsterdam.

Voor Pampus liggen

De uitdrukking ‘voor Pampus liggen’ (compleet dronken of uitgeteld zijn, er lui bij liggen) gaat terug tot ver voor de aanleg van Forteiland Pampus. Het gezegde komt uit de VOC-tijd, toen schepen regelmatig voor de vaargeul Pampus op hoogwater moesten wachten om door de ondiepe vaargeul te kunnen. Vanaf eind zeventiende eeuw werden ze hierbij geholpen door scheepskamelen : speciale drijvers die zorgden dat het schip iets omhooggetild werd. De ondiepe zandbank zorgde voor veel oponthoud en schepen lagen regelmatig letterlijk ‘voor Pampus’. Wanneer een schip vastlag, begonnen de feestelijkheden soms alvast aan boord. Om de bemanning tijdens het wachten te vermaken, werden eten, drank en vrouwen naar de schepen gebracht. Zo heeft ‘voor Pampus liggen’ ook de betekenis van dronkenschap gekregen.

Kameel of Schips-lichter omde oorloghs scheepe over het Pampus te brengen. Collectie Stadsarchief Amsterdam.

Blok aan het been

Op Fort aan het Pampus is in oorlogstijd nooit een schot gelost. Wel was het forteiland tijdens de mobilisatie voor de Eerste Wereldoorlog (1914-1918) operationeel. Het fort werd toen bemand door ruim 200 soldaten, die zich na hun werkdag ’s avonds stierlijk verveelden. In deze periode werd duidelijk dat het fort eigenlijk onvoldoende uitgerust was om zoveel soldaten voor een langere periode te huisvesten.

De militaire top bleef haar twijfels houden over de meerwaarde van Fort aan het Pampus. Niet alleen de bouw, maar ook het onderhoud en gebruik bleek veel geld te kosten. Toen de gedachte vijandelijke schepen niet gebouwd werden, raakte het fort al snel buiten gebruik’. Vanaf 1932 werd het   onmogelijk om nog met zware schepen bij Amsterdam en Fort aan het Pampus te kunnen komen, toen de Afsluitdijk werd voltooid. Ondanks dat het fort een minder goede investering bleek dan gehoopt, was Pampus een toonbeeld van wat er destijds mogelijk was op het gebied van fortenbouw en bewapening.

De vuurtoren op Pampus, met een kleine zeilboot op de voorgrond, 1835. Collectie Provinciale Atlas Noord-Holland, Noord-Hollands Archief.

Niemandsland

Tussen de twee wereldoorlogen in gebeurde er weinig anders op Pampus dan oefeningen. De laatst bekende oefening dateert uit 1926. Pas tijdens de Tweede Wereldoorlog werd het fort weer operationeel, doordat de Duitse bezetter het korte tijd gebruikte voor radar en oefenbombardementen. Daarna bliezen de Duitsers de twee grote pantserkoepels op het dak op. Het staal uit de koepels werd in Duitsland omgesmolten tot nieuw wapentuig. Na deze ontmanteling verlieten de Duitsers het eiland. Ze omringden het met prikkeldraad en plaatsten overal borden met ‘Feldminen’ (‘veldmijnen’) erop, hoewel er nergens mijnen lagen. Tijdens de Hongerwinter (1944-1945) sloopten de inwoners van Muiden al het hout uit het fort, om in de open haard als brandhout te gebruiken. Door de strenge vorst konden zij het eiland die winter over het ijs bereiken.

Ook na de oorlog was Fort aan het Pampus een geliefde plek voor Muidenaren om materialen te hamsteren, zoals vloertegels en koperen leidingen. Het forteiland werd een soort niemandsland waar iedereen zijn gang kon gaan, van vandalisme plegen tot het dumpen van oude auto’s in de fortgracht.

Fort Pampus gezien vanaf de Zuiderzee. Foto door Jacob Olie, 1893. Collectie Stadsarchief Amsterdam.

De terugkeer van Pampus

Een klein groepje Muidenaren zag het vergaande verval van Pampus met lede ogen aan. Zij wilden het fort opknappen en toegankelijk maken voor publiek. Midden jaren 1980 richtten zij een stichting op om eigenaar van het forteiland te kunnen worden. In 1990 werd het forteiland door de Staat aan hen verkocht, waarna de stichting begon met puinruimen, schoonmaken en gras wieden. In de zomer van 1991 ging Pampus officieel open voor publiek. Storm liep het nog niet: op de openingsdag kwamen er slechts drie watersporters op het fort af. Toch was de eerste stap gezet. Stukje bij beetje werd Pampus beter toegankelijk gemaakt, onder meer door een vaste bootverbinding vanaf Muiden in de lente- en zomermaanden.

Pampus, 2013. Foto: Johan Bakker, CC BY-SA 3.0 NL, via Wikimedia Commons.

Duurzaam cultureel erfgoed

Het bescheiden aantal bezoekers van het eerste uur staat in schril contrast met de tegenwoordige populariteit van Forteiland Pampus. Het fort is inmiddels het drukstbezochte onderdeel van de Stelling van Amsterdam. In de zomer van 2011 opende het Bezoekerscentrum van de Stelling zijn deuren op het eiland. Het fort wordt nu goed onderhouden, maar is niet volledig tot de historische staat teruggebracht.

De helft van het hoofdgebouw heeft een modern uiterlijk gekregen en huisvest nu een bezoekerscentrum van de Stelling van Amsterdam. Bezoekers kunnen hier een virtuele ballonvaart ‘Het Geheime Wapen van Amsterdam’ over de Stelling maken. De andere helft heeft zijn ruïne-karakter behouden en ademt de sfeer van vroeger. Bezoekers kunnen hier zelf ronddwalen of een rondleiding krijgen van een gids. Op deze manier maken jaarlijks meer dan 60.000 mensen kennis met het unieke culturele erfgoed van de Stelling van Amsterdam.

Forteiland Pampus is ontwikkeld tot een duurzaam forteiland dat volledig in zijn eigen energie voorziet. Architectenbureau Paul de Ruiter Architects heeft een nieuw entreegebouw voor het fort ontworpen, dat nu in aanbouw is. Dit gebouw heeft zijn eigen energiesysteem, waardoor het forteiland niet meer afhankelijk is van fossiele brandstoffen. In juni 2020 heeft Pampus al een biovergister gekregen, die organisch afval omzet in groene energie en plantvoeding, en heeft het een nieuwe waterinstallatie waarmee het zijn eigen drinkwater kan winnen. Forteiland Pampus loopt hierdoor voorop op het gebied van duurzaam erfgoed.

Fort Pampus is tegenwoordig een publiekstrekker. Foto: Chantale, CC BY-SA 3.0, via Wikimedia Commons.

Tekst: Jephta Dullaart (2012). In 2024 herzien door de redactie van Oneindig Noord-Holland.

Meer informatie

Meer informatie over het Fort aan het Pampus is te vinden op de volgende websites:

Publicatiedatum: 17/01/2024

Aanvullingen

Vul deze informatie aan of geef een reactie.

Plaats een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Vereiste velden zijn gemarkeerd met *. Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.