Cameliastraat in Hilversum

De opkomende industrialisatie in Hilversum eind negentiende eeuw bracht grote veranderingen. Het eens zo kleine dorp op de hei onderging een metamorfose. Hilversum werd een middelgrote provinciale stad. De nieuwe huurwoningen moesten voldoen aan strenge eisen. De woningbouwvereniging 'Arbeidersbouwvereniging Hilversum' ontwikkelde huizen in de toen nog jonge Bloemenbuurt. De architect Everwijn Verschuyl kreeg de opdracht woningen te bouwen aan de Cameliastraat, Egelantierstraat, Neuweg en Ericastraat.

Diamantbewerkers

Of er een woningbouwvereniging in Hilversum zou komen, was lange tijd nog onzeker. Wethouder Jacob Peet wilde eigenlijk niet meewerken aan de sociale woningbouw. Dat hij niet zo integer was, bleek toen uitkwam dat hij veel huizen bezat en hoge huren vroeg! Een woningbouwvereniging zou roet in het eten gooien en de wethouder zou zijn monopoliepositie kwijtraken.

Maar het was de tijd dat in Hilversum de diamantindustrie een bloeitijd beleefde. Er was zelfs meer waardering voor de diamantindustrie in Hilversum dan in Amsterdam. Het was dan ook niet vreemd dat fabrikanten dringend op zoek waren naar huisvesting voor hun werknemers. De wethouder werd onder druk gezet en het eerste woningbouwcomplex van vijftig woningen aan de Cameliastraat en de Ericastraat werd in 1911 gerealiseerd.

Cameliastraat. Beeld: Hans Lensink.

Gaslampen op muntjes

Het waren eenvoudige huizen zonder elektriciteit. Wel waren er gaslampen. Muntjes zorgden ervoor dat de verlichting aanbleef. Als het geld op was, dan had je geen verlichting. Kolenkachels verwarmden de kamers. Een groot pleitbezorger van goede sociale woningbouw was de advocaat Jelle Hingst. Als een van de oprichters van de Arbeidersbouwvereniging Hilversum zorgde hij ervoor dat de woningen in de Bloemenbuurt flinke tuinen kregen. Later werd hij wethouder. Het is dan ook niet verwonderlijk dat in een plantsoen aan de Cameliastraat een gedenksteen voor Mr. J. Hingst is geplaatst. In aanwezigheid van zijn familie werd de steen op 3 mei 1930 onthuld.

Het gedeelde portiek. Beeld: Hans Lensink.

Art Deco

Alle huizen hebben een ruime voortuin. De achtertuin was zó groot, dat bewoners ervoor konden kiezen een moestuin aan te leggen of wat schapen te houden. Tussen de panden waren brede paden aangelegd. Architect Verschuyl ontwierp de huizen in een persoonlijke art deco stijl. De twee-onder-een-kaphuizen hebben een gedeeld portiek met gebogen metselwerk boven de deuren. De benedenramen hebben groen met witte luiken. De huizen liggen aan brede, iets gebogen straten.

Auteur: Margriet van Seumeren (red.) m.m.v. Corry Dubois

Bronnen

Annette Koenders, Hilversum: Architectuur en stedenbouw 1850 -1940, Monumenten inventarisatie project, 2001.

Kees van Aggelen, Jelle Hingst: de kei van Hilversum, in: Hilversums Historisch Tijdschrift ‘Eigen Perk’, 2007.

www.t.gooi.info
www.rijksoverheid.nl
www.wikipedia.org
www.de-alliantie.nl

Publicatiedatum: 07/07/2011

Aanvullingen

Vul deze informatie aan of geef een reactie.

Plaats een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Vereiste velden zijn gemarkeerd met *. Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.