Zeeschilder Willem van de Velde tekent op de spijker nauwkeurig

Tegenwoordig hebben we CNN dat live verslag doet als er ergens een oorlog uitbreekt. Tv hebben ze in de zeventiende eeuw nog niet, maar ze hebben wel Willem van de Velde de Oude die met de oorlogsvloot meevaart en schetsen maakt als de kanonnen bulderen.

Willem van de Velde behoort tot de top van de zeventiende eeuwse zeeschilders en daarom is het aan het Amsterdamse IJ gelegen Scheepvaartmuseum opgetogen dat ze nu eindelijk een grote overzichtstentoonstelling aan hem en zijn zoon, die ook Willem heet en dus Willem de Jonge wordt genoemd, kunnen wijden. “Dit is de tentoonstelling die Het Scheepvaartmuseum altijd al heeft willen maken,” zegt museumdirecteur Michael Huijser bij de perspresentatie.

De Zeeslag bij Kijkduin, 21 augustus 1673, Willem van de Velde de Jonge, circa 1687.

Zeeslagen

Willem van de Velde de Oude (1611-1693), die geboren wordt in een Vlaams schippersgezin dat later naar Leiden verhuist, tekent zowel kalme zeegezichten als dramatische stormen en indrukwekkende zeeslagen. Hij tekent met inkt, op een doek of een paneel.

Rond 1636 verhuist hij met zijn vrouw Judick van Leeuwen en zijn zoontje Willem naar Amsterdam, waar hij in de Lastage (Nieuwmarktbuurt) en op Kattenburg zijn atelier heeft. Aanvankelijk maakt hij tekeningen van zeeslagen en scheepsportretten voor uitgevers van prenten. Zijn zwager is op het Vlie, het water dat Vlieland van Terschelling scheidt, commissaris van de Amsterdamse admiraliteit en zal hem vermoedelijk behulpzaam zijn geweest bij het leggen van contacten, want Willem van de Velde de Oude krijgt aardig wat opdrachten van de Amsterdamse admiraliteit.

Er zijn weinig afbeeldingen bekend van Willem van de Velde de Oude. Gerard Sibelius (1734-1785) maakte dit portret naar een portret van Godfrey Kneller (1646-1723). © National Maritime Museum, Greenwich, London.

Rede van Texel

Daardoor is Willem beter dan andere zeeschilders op de hoogte van wat de vloot gaat doen en kan hij ook regelmatig meevaren als de oorlogsschepen ten strijde trekken. Ook maakt hij de nodige binnenlandse reizen. Zo bezoekt hij meerdere malen de rede van Texel, Vlieland, Terschelling en Wieringen, waar honderden zeilschepen tegelijk liggen te wachten tot de wind gunstig is om uit te varen.

Amsterdam is op dat moment de grootste havenstad van Europa en er is veel vraag naar scheepstekeningen. De concurrentie met andere maritieme kunstenaars is dus groot en Van de Velde de Oude onderscheidt zich door zijn gedetailleerde pentekeningen. “Je bent nog nooit zo dicht bij een zeeslag geweest,” zegt conservator Jeroen van der Vliet, die de tentoonstelling samenstelde. “Hij was er bij en had oog voor details; die combinatie zorgt er voor dat je denkt: zó moet het zijn geweest.”

Episode op de slag bij de Sont, ca 1660, Willem van de Velde de Oude, collectie Stedelijk Museum Alkmaar.

Dat je het gevoel hebt dat je bij een zeeslag aanwezig bent, komt omdat Van de Velde de Oude bij een aantal grote gevechten zelf aanwezig is geweest. Hij is de eerste kunstenaar die dat doet en fungeert ook als oorlogsverslaggever, want na de slag brengt hij verslag uit, waarna hij zijn atelier induikt om zijn schetsen uit te werken. Die schetsen maakt hij met potlood op lange, aan elkaar vastgemaakte stroken papier.

Detail uit Episode op de slag bij de Sont, met links Willem van de Velde de Oude in zijn galjoot. Uit de collectie van Stedelijk Museum Alkmaar.

Teeckenaer van de Vloote

De admiraliteit stelt hem een klein en snel jacht ter beschikking, zodat hij tussen de schepen door kan varen en alles goed kan bekijken. Hij gaat tenminste zes keer mee als ‘teeckenaer van de Vloote’, vanaf het uitbreken van de eerste oorlog tegen Engeland in 1652 tot één van de laatste grote zeeslagen in 1673.

Dat zijn tekeningen zo gedetailleerd zijn komt omdat hij duizenden tekeningen van schepen maakt als ze in een haven of ergens anders voor anker liggen. Op die manier kan hij het houtsnijwerk en de beschilderingen nauwkeurig weergeven. Op zee, tijdens een zeeslag, heeft hij daar natuurlijk geen tijd voor. Daar maakt hij snelle schetsen, die hij in zijn atelier samenvoegt met eerder gemaakte scheepstekeningen.

Tijdens de perspresentatie roemt conservator Van der Vliet vooral Van de Veldes details. “Hij tekent op de spijker nauwkeurig; al die details zijn een feest voor het oog.” Zijn tekeningen worden aanvankelijk in klein formaat op nieuwsbrieven afgedrukt, maar allengs worden ze groter, tot ze uiteindelijk net zo groot als een schilderij zijn. Met één zo’n tekening is hij wel maanden bezig.

Willem van de Velde de Oude geeft hier de Slag bij Nieuwpoort weer, die 12 en 13 juni voor de Vlaamse kust plaatsvond en waar 80 Engelse en 93 Nederlandse schepen met elkaar slaags raakten. Langdurige bruikleen van de Stichting Vaderlandsch Fonds ter aanmoediging van ’s Lands Zeedienst.

Kracht van een storm

Zijn zoon, Willem de Jonge (1633-1707), maakt vooral de kracht van een storm invoelbaar, zo legt de conservator desgevraagd uit. “Hij kon, net als zijn vader, goed observeren, maar hij legde vooral emotie en dynamiek in zijn werk. Je vóelt die storm, je hebt het idee dat die golven èrg hoog zijn en dat de bemanning ècht gevaar loopt.” Het zijn deze spectaculaire zeestukken die bij het Engelse publiek het meest in de smaak vallen, méér nog dan de kalme kustgezichten die hij aanvankelijk op grote schaal schilderde.

Lodewijk van der Helst (1642-na 1648) maakte dit portret van Willem van de Velde de Jonge. Uitgeleend door Rijkmuseum, Amsterdam.

Willems zoon, die de beginselen van het vak van zijn vader leert en vervolgens bij een bevriende schilder, Simon de Vlieger in Weesp, in de leer gaat, schildert in het begin veel vlootparades, waarop allerlei schepen, klein en groot, de revue passeren. Van der Vliet: “Hij schildert ze op hun ankerplaats. Dat lijkt saai, want er is geen wind en er is geen actie, maar toch is er bedrijvigheid, want je ziet vissers netten repareren, bemanningsleden hijsen de zeilen en sloepen varen heen en weer. Er gebeurt dus héél veel in zo’n scène en Van de Velde de Jonge is een absolute meester in het weergeven daarvan.”

Willem van de Velde de Jonge, The ‘Golden Leeuw’ at Sea in Heavy Weather, 1671. Royal Collection Trust © Her Majesty Queen Elizabeth II 2021.

Tachtig werken, elf zalen

De expositie bestaat uit tachtig werken, verspreid over elf zalen, zodat bezoekers de ruimte hebben. De helft van de tekening en schilderijen komt uit het buitenland. “Zoveel Van de Veldes heeft u nog nooit bij elkaar gezien,” zegt de conservator trots. “Bovendien hebben we ook bruiklenen gekregen die bij particulieren boven de bank hangen.”

Een deel van die bruiklenen komt uit de collectie van maritieme musea, zoals het National Maritime Museum in het Engelse Greenwich, maar er komen ook drie schilderijen uit de collectie van de Engelse koningin. Dat is niet zo gek, want de Van de Veldes hebben jarenlang voor het Engelse hof gewerkt.

Schepen op de Rede, ca 1658, Willem van de Velde de Jonge, collectie Mauritshuis.

Het rampjaar 1672

In het rampjaar 1672, als zowel Frankrijk als Engeland de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden aanvallen, besluiten ze naar Engeland te verhuizen. Van der Vliet: “Je zou denken dat voor zeeschilders, die zo afhankelijk zijn van portretten en schilderijen van zeeslagen, gouden tijden aanbreken, maar de kunstmarkt stortte in, wat voor vader en zoon Van de Velde reden was om in te gaan op een uitnodiging van de Engelse koning om naar Londen te komen. Ze moeten hebben gedacht: wij beelden zeeslagen af en als daar in Nederland geen klanten meer voor zijn, kunnen we het ook bij de tegenpartij proberen.”

De Van de Veldes krijgen van de Engelse koning Karel II opdracht om zeeslagen en koninklijke schepen te schilderen. Schilderijen die twee eeuwen later Engelse schilders als William Turner zullen inspireren. Van der Vliet: “William Turner zegt dat een gravure van Willem van de Velde de Jonge voor hem de reden was om te gaan schilderen.”

Het verzamelen van de Nederlandse vloot voor de Vierdaagse Zeeslag, door Willem van de Velde de Jonge, 1670, Moveo Art Collection.

Queens House

Vader en zoon krijgt een riant onderkomen aan de rivier de Theems, in het Queens House, dat nu onderdeel is van het maritieme museum van Greenwich. Ook krijgen ze een salaris van honderd pond elk, om tekeningen en schilderijen van zeeslagen en koninklijke schepen te maken. Zo maken ze onder andere een schilderij van het in brand steken van 170 Nederlandse koopvaarders, die in het Vlie voor anker liggen.

Het schilderij heet ‘Holmes’s Bonfire (het vreugdevuur van Holmes), omdat Robert Holmes de Engelse aanval leidt. “Een Nederlandse opdrachtgever zou daar natuurlijk nooit voor hebben gekozen,” legt de conservator uit, “en zowel in Vlieland als op Terschelling zijn ze daar nog steeds van onderste boven. Waar was De Ruyter om dit te voorkomen, vragen ze zich nog steeds af. Maar in de Engelse maritieme geschiedenis werd die aanval gevierd, vandaar dit schilderij.”

Het vreugdevuur van Holmes, oftewel het verbranden van Nederlandse koopvaardijschepen tussen Terschelling en Vlieland op 19 augustus 1666, uitgeleend door Royal Collection, © Trust Her Majesty Queen Elizabeth II 2021.

Van der Vliet is blij dat hij dit schilderij van de Engelse Royal Collection kon lenen, omdat er maar één exemplaar van is. “En omdat we het verhaal van de opdrachten die de Engelse koning aan de Van de Veldes gaf graag willen vertellen.”

Tenslotte staan we nog even stil bij een schilderij dat Willem van de Velde de Jonge maakte voor Cornelis Tromp, zoon van admiraal Maarten Tromp. Het schilderij is namelijk zowel aan de onder- als aan de bovenkant met prachtig houtwerk versierd.

Maarten Tromp overlijdt tijdens de slag bij Ter Heijde (1653) en als eerbetoon aan zijn vader, bestelt zijn zoon Cornelis bij Van de Velde de Jonge drie schilderijen, waarvan er nu één op de expositie is te zien. “Aan de bovenkant zie je het wapen van de familie Tromp en op de onderste lijst staan de namen van de schepen die op het schilderij worden  afgebeeld.”

Staat der Nederland, circa 1650, door Willem van de Velde de Oude, uitgeleend door Koninklijke Verzamelingen, Den Haag.

Bij de expositie horen overigens ook twee wandtapijten waarvoor Willem van de Velde de Oude het ontwerp maakte. Wie daar wat meer over wil weten, kan hier terecht.

De tentoonstelling Van de Velde & Zoon duurt  tot en met 27 maart 2022 en is te zien in Het Scheepvaartmuseum. Een boek met 150 illustraties in kleur, van uitgeverij Thoth, begeleidt de tentoonstelling. Er is ook een audiotour.

Auteur: Arnoud van Soest

Publicatiedatum: 04/10/2021

Aanvullingen

Vul deze informatie aan of geef een reactie.

Plaats een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Vereiste velden zijn gemarkeerd met *. Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.