Rijkdom in Beverwijk

In 2005 werden er bij een opgraving in Beverwijk bijna 3400 glasscherven gevonden. In de 17e eeuw braken voor Beverwijk betere tijden aan. Er werd goed verdiend in de lakenindustrie, en het gebied werd gebruikt voor de buitenplaatsen van rijke Amsterdamse kooplieden. Het aangetroffen glas toont aan dat er inderdaad rijke mensen woonden in Beverwijk.

Het merendeel van de glasscherven is afkomstig uit een beerput, gedateerd tussen 1690 en 1800, en uit een iets oudere afvalkuil, gedateerd tussen 1625 en 1700. Het is mogelijk dat de afvalkuil gevuld is met materiaal uit de beerput, zodat de beerput hergebruikt kon worden. Dit verklaart dat twee stukken glas uit de beerput en de afvalkuil aan elkaar passen, en dat er zich zo weinig vroege 17e-eeuwse scherven in de beerput bevinden. Uit overige sporen op het terrein kwamen kleine aantallen glasvondsten, met dateringen van de 17e tot de 20e eeuw. Het drink- en gebruiksglas vertelt ons veel over de huishoudens die de beerput en afvalkuil gebruikten.

Bekers en kelkglazen

In de 17e eeuw braken voor Beverwijk betere tijden aan. Er werd goed verdiend in de lakenindustrie, en het gebied werd gebruikt voor de buitenplaatsen van rijke Amsterdamse kooplieden. Het aangetroffen glas toont aan dat er inderdaad rijke mensen woonden in Beverwijk. De eerste indicatie daarvoor is de grote hoeveelheid bekers en kelkglazen. Uit deze glazen is af te leiden dat de gebruikers van de beerput een aanzienlijke hoeveelheid wijn dronken. Dit was alleen gebruikelijk voor personen uit de hogere kringen van de maatschappij. De datering van de bekers loopt van de 17e eeuw door tot de 18e eeuw, met uitschieters van een enkele beker in de 19e eeuw. Grotere bekers werden ook gebruikt voor het drinken van bier.

Modellen bekers

Er zijn diverse bekermodellen onderscheiden. Op de afbeelding hieronder een kleurloos glas met verticale ribben, een kleurloos glas met vier rijen geslepen ‘lenzen’ en een kleurloos glas met een standvoet.

Kleurloze bekers voor wijn.

Kleurloze bekers voor wijn. Bron: Huis van Hilde

Modellen kelkglazen

Ook zijn er verschillende modellen kelkglazen. Hieronder een groen kelkglas met een bolle kelk, een holle stam met twee geledingen en een koepelvormige voet. Ernaast staat een kleurloos kelkglas met een trechtervormige kelk met onderaan verticale ribbels, een stam met een ‘knoop’ en een vormgeblazen voet. Daarnaast een kleurloos kelkglas met een klokvormige kelk, een rechte stam met spiraaldecoratie en een voet.

Kelkglazen voor wijn.

Kelkglazen voor wijn. Bron: Huis van Hilde

Productiecentra

Dat veel glazen kleurloos en soms zelfs doorzichtig zijn geeft ook aan dat gebruikers van hogere komaf waren. Het was namelijk veel moeilijker om kleurloos glas te produceren, omdat de natuurlijke verontreiniging die in de grondstoffen zit een kleur aan het glas geeft. Het groene glas werd in verschillende gebieden in Duitsland gemaakt, en die kleur kwam van het ijzer in het zand dat gebruikt werd. Dit glas werd in groten getale naar de Nederlanden uitgevoerd.
In de middeleeuwen lag een belangrijk productiecentrum van het luxe kleurloze glas in Venetië en elders in het Middellandse Zeegebied. Vanaf het begin van de 16e eeuw komen er Italiaanse glasblazers naar de Zuidelijke Nederlanden, waar vooral Antwerpen een belangrijke productieplaats wordt. Later kwam ook in Middelburg een glashuis dat kleurloos glas produceerde. Vanaf de 17e eeuw komen glashuizen in Amsterdam, die een belangrijk aandeel van het glas voor de Noordelijke Nederlanden vervaardigden. Maar Amsterdam importeerde ook kleurloos glas uit bijvoorbeeld Duitsland en Oostenrijk. In de loop van de 17e eeuw zijn nog kleinere glashuizen actief geweest, onder andere in Rotterdam, Den Haag, Den Bosch, Nijmegen en Maastricht, maar die hebben maar kort bestaan.

Roemers

In de 17e eeuw werden roemers een statussymbool, te zien op vele schilderijen. Een roemer is een wijnglas met een bolle kelk en een dikke, holle stam die van noppen is voorzien. De noppen waren vaak in de vorm van bramen of druiven uitgevoerd. Naast kelkglazen er bekers zijn er glasfragmenten van groene roemers. Er zijn roemers met gewone braamnoppen, roemers met grote platte braamnoppen en roemers met gladde noppen op de schacht. Roemers werden voornamelijk gebruikt voor wijn, maar het is niet ondenkbaar dat de grote exemplaren ook voor bier werden gebruikt. Het lage aantal roemers zou kunnen betekenen dat in dit huishouden vaker kelkglazen gebruikt werden voor het drinken van wijn, of dat de roemer in de eerste helft van de 18e eeuw snel uit de mode raakte bij de hogere kringen van de maatschappij.
Hieronder een roemer met twee rijen braamnoppen op een conische (kegelvormige) schacht, en een hoge gewonden glasdraadvoet met opgestoken bodem.

Groene roemers voor wijn.

Groene roemers voor wijn. Bron: Huis van Hilde

Wijnflessen en karaffen

De aanwezigheid van verschillende karaffen voor wijn of gedistilleerde drank bevestigen dat mensen veel wijn dronken, hoewel het aantal wijnflessen uit de periode voor 1750 relatief weinig is. Uit de periode 1690-1740 komen achttien uivormige wijnflessen en één kelderfles. Dit is in vergelijking met de grote hoeveelheid kelkglazen en de lange gebruiksperiode minder dan men zou verwachten. Een mogelijkheid is dat de flessen werden hergebruikt, door ze bij te vullen uit vaten wijn. De wijn kan ook uit vaten direct in karaffen op tafel gezet zijn. Door de dikte van het glas hadden wijnflessen een langere gebruiksduur dan het overige tafelglaswerk uit dezelfde periode. Ook mogelijk is dat de kapotte flessen terug werden verkocht aan glasblazerijen, waar ze werden omgesmolten om opnieuw tot glazen voorwerpen te kunnen worden geblazen, een vroeg voorbeeld van recycling!

Boheems glas

Zeven bijzondere Boheemse karaffen bevestigen dat dit huishouden uit welgestelde mensen bestond. De karaffen lijken door de niet al te grote inhoud ongeschikt voor wijn, maar zouden gebruikt kunnen zijn voor port of gedistilleerde dranken. Op de afbeelding zijn een donkergroene glazen wijnfles te zien met een opgestoken bodem, een karaf van krijtglas met geslepen florale motieven uit Bohemen en een incomplete lichtblauwe glazen schenkkan met een opgestoken voet. Ook het geëmailleerde glas met de kobaltblauwe kleur wordt aan Bohemen toegeschreven.
De flessen, karaffen en schenkkannen werden net als de glazen met de mond geblazen.

Wijnfles, karaf, kan.

Wijnfles, karaf, kan. Bron: Huis van Hilde

Wijnhandel

Rond 1600 gingen de Hollanders en Engelsen zich op grote schaal bezighouden met de internationale wijnhandel. De wijn kwam vooral uit Franse streken, maar ook in Midden-Europa en Duitsland waren enkele gebieden die wijn maakten.

Zoutschaaltjes

Naast glas om uit te drinken of te schenken werden er ook glazen zoutschaaltjes gebruikt voor het opdienen van sausjes of specerijen bij het avondmaal. Dit was in eerste instantie ook alleen voorbehouden aan de rijkere burgers, die zich de dure specerijen konden veroorloven. Na 1700 lijkt het gebruik van de zoutschaaltjes door de gewone burger toe te nemen, maar zij zullen waarschijnlijk minder kostbare producten geserveerd hebben. Meer informatie over Noord-Hollandse recepten uit het verleden kun je vinden in het boek Proef Noord-Holland van Emma Los. De schaaltjes zijn soms gegraveerd met florale thema’s. Op dit randfragment van een zoutschaaltje zijn duiven en harten gegraveerd in helder ‘wit’ glas.

Zoutschaaltje.

Zoutschaaltje. Bron: Huis van Hilde

Dit verhaal is gebaseerd op Glas van de opgraving Breestraat/Peperstraat, Beverwijk – HOLLANDIA reeks 123, door C. Scheffer-Mud uit 2006 (Zaandijk) en Nieuw licht op oud glas, door M. Hulst en E. Weber in: AWN Westerheem jaargang 61 no. 6 uit 2012 (Veghel), p. 426-437. De afbeeldingen zijn niet op schaal.

Huis van Hilde

De Provincie Noord-Holland heeft een archeologisch depot en archeologiecentrum in Castricum: Huis van Hilde. Alle archeologische vondsten en collecties worden er bewaard die de provincie in de loop van decennia heeft verzameld. Daarnaast kunt u er vele honderden van de belangrijkste archeologische vondsten bekijken, zoals Willem en Hillegonda van Brederode, Hilde uit Castricum, de sarcofaag van Etersheim en de prehistorische kano’s van Uitgeest en de Wieringermeer.

Dit verhaal maakt onderdeel uit van de campagne voor het nieuwe archeologiecentrum Het Huis van Hilde.

Publicatiedatum: 14/03/2014