Ommetje Marken in oude en nieuwe foto’s

Marken is als een bewoond openluchtmuseum. Op een zonnige dag wandel je er heerlijk langs de houten paalwoningen aan de haven naar de nauwe steegjes rondom de kerk. Elke buurtschap heeft er zijn eigen karakter en daarin proef je de unieke historie van het eiland.

Dat Marken ooit een eiland was, merk je nog steeds bij aankomst in het dorp. Er is eigenlijk maar één manier om Marken te bereiken en dat is via de Zeedijk (N518). Deze dijk van Monnickendam naar Marken, die het Markermeer van de Gouwzee scheidt, werd op 17 oktober 1957 voltooid. Sindsdien is Marken een schiereiland, permanent verbonden met het vasteland van Noord-Holland. Het haalde niet alleen de hechte eilandgemeenschap uit haar eeuwenlange isolatie, maar maakte ook dat de aankomst van toeristen op Marken voortaan in duidelijke banen geleid kon worden.

Bij aankomst op het eiland treft men dan ook een grote parkeerplaats direct aan de linkerhand – de enige parkeermogelijkheid voor dagjesmensen in het vergunningsgebied van Marken. Vanaf de parkeerplaats wandelt men als vanzelf over de Beatrix Brug, langs de stoom klompenmakerij Marken, het dorp binnen.

De Kets

Zo komt men als eerste in buurtschap de Kets terecht, oorspronkelijk gebouwd op één van de verhoogde terpen (die men op Marken ‘werven’ noemt) van het eiland. In de loop der eeuwen zijn er maar liefst 27 terpen gevormd, waarvan er nu nog 15 te herkennen zijn. De heuvels werden waarschijnlijk opgeworpen als bewoners zich op een nieuwe plek op het eiland vestigden. Telkens als de hoge terpen volgebouwd waren, verrezen ernaast huizen op palen. Alleen de bovenverdieping hiervan werd bewoond, omdat de Zuiderzee dikwijls het eiland overstroomde.

Tezamen met de Havenbuurt en de Kerkbuurt vormt de Kets het centrum van Marken. Je treft er tegenwoordig zowel oude huizen als nieuwe woningen, die soms geheel in traditionele stijl ontworpen zijn en daardoor alleen door de verse verflaag te onderscheiden van hun historische buren. Via de Kets wandel je in een paar minuten door Buurt II richting de haven.

Sijtje Boes

Het eerste huis dat je in de haven passeert, is dat van Sijtje Boes. Gelegen op de hoek, in stemmige donkergroene planken gehuld en gebouwd op houten palen – het kan niet missen. En toch zijn voor de onoplettende toerist ook de witte letters ‘Sijtje Boes’ op de gevel te lezen. Dit is het woonhuis, een pand verderop ligt de bijbehorende winkel: ‘Sijtje Boes souvenirs’. Sijtje Boes is meer dan een persoon of een winkel, het is een merk. Decennialang was ze ‘de ongekroonde koningin van Marken’, die in klederdracht gehuld molentjes, klompen en tulpen aan welwillende toeristen verkocht. Ook liet ze, tegen een kleine betaling, maar al te graag haar typisch Markense huis aan bezoekers zien.

Met haar uitstraling en handel verwierf Sijtje Boes wereldfaam, in een tijd dat Marken net door toeristen ontdekt werd. Het was begin twintigste eeuw dat een verlangen naar eenvoud, puurheid en traditie voor een stroom aan toeristen naar de ‘dode steden’ langs de Zuiderzee zorgde. Volendam en Marken waren populaire bestemmingen voor boottochten en boden buitenlandse toeristen de kans om het ‘echte’ Holland te zien. Als er weer een boot in de haven aanmeerde, was Sijtje Boes er als de kippen bij om de toeristen haar huisje te laten zien en allerhande souvenirs aan te smeren. Ondanks dat ze in 1983 overleed, doet haar souvenirwinkeltje aan de haven nog altijd goede zaken.

De haven

Het winkeltje van Sijtje Boes is niet de enige souvenirshop in de haven. Ook tref je er een aantal eetgelegenheden en een VVV-kantoor. Dat is niet voor niks, de haven is immers het hart van het eiland. Voordat Marken door een dijk met het vasteland verbonden werd, was het eiland alleen over het water te bezoeken en verlaten. Iedere bezoeker kwam per boot in het haventje van het vissersdorp aan. De kleine houten huizen aan de kade en de voorname vissersvloot in de haven zullen destijds een spectaculaire aanblik hebben geboden.

Die vissersvloot betekende tot de afsluiting van de Zuiderzee in 1932 de voornaamste bron van inkomsten voor de eilandbewoners. Met botters werd gevist op onder meer haring en ansjovis. De boten droegen de afkorting ‘MK’ en een nummer, om aan te geven dat Marken hun thuishaven was. Rijendik lagen de botters naast elkaar in de kleine haven, waar tegenwoordig enkel nog moderne plezierjachten te zien zijn.

De dijk

De houten huizen van Marken worden tegen het water beschermd door een hoge dijk, die als wandelpad rondom het eiland kronkelt. De eerste dijken werden in de dertiende eeuw aangelegd door Friese monniken, die zich op Marken hadden gevestigd.

Als je tegenwoordig over de dijk wandelt, is het niet moeilijk voor te stellen hoe vrouwen hier vroeger smachtend over de Zuiderzee uitkeken, in de hoop een glimp op te vangen van hun mannen en zoons die met volgeladen botters in de haven terugkeerden. Hoe Markers de dijk gebruikten als ontmoetingsplek, om op mooie dagen te flaneren en te babbelen, zien en gezien te worden. En hoe, niet veel later, boten met buitenlandse toeristen aanmeerden, op zoek naar de nostalgische plaatjes uit hun reisgidsen. Het moet nogal een omschakeling zijn geweest voor de eilandbewoners.

Aan de haven vormt de dijk bovendien de schakel tussen verschillende buurtschappen. Langs de souvenirshops en restaurants loop je hier zo vanaf de Havenbuurt de Westerstraat in, richting de Kerkbuurt. Steeds dieper richting de Zaansgroene dorpskern.

Het dorp

Vanaf de dijk kun je in de verte de torenspits van de Grote Kerk zien liggen. Op oude foto’s is het zicht op de kerk nog vrij, tegenwoordig wordt het door de huizen van het dorp belemmerd. Langs de Buurterstraat zijn vanaf de jaren dertig veel nieuwe woningen verrezen. Met name kleine arbeiderswoningen, in rijtjes geschakeld en met keurig omzoomde voortuintjes. Ze vormen het nieuwe Marken, waar de zilte roep van de zee veel minder duidelijk te proeven is.

Aan de Buurterstraat ligt tevens één van de grootste gebouwen van Marken: het Buurthuis. Het rode bakstenen gebouw werd tussen 1930 en ‘31 opgetrokken op deze centrale ligging tussen de Kerkbuurt, Havenbuurt en Wittewerf. Opvallend zijn de grote ramen, die herinneren aan de oorspronkelijke functie van het gebouw als kliniek voor tuberculosepatiënten. Tegenwoordig huist op de begane grond de kazerne van de Vrijwillige Brandweer Marken. De bovenverdieping heeft nog een medische functie en is in gebruik door de lokale huisartsenpraktijk.

De Kerkbuurt

De Kerkbuurt is gebouwd op de oude ‘Monnikenwerf’, één van de verhoogde terpen van Marken, waar zich in de dertiende eeuw monniken van de Norbertijner abdij van Mariengaarde vestigden. De bebouwing van de Kerkbuurt wijkt sterk af van die op de andere terpen. De woningen liggen gegroepeerd rondom de Grote Kerk en één centrale straat, met daaraan vertakkingen van nauwe steegjes en pleintjes. Door de groei van de bevolking werden telkens in de tuinen achter de huizen nieuwe woningen gebouwd. Sommige huizen waren zo klein dat ze samengevoegd zijn om aan onze huidige maatstaven van bewoning te voldoen.

De Grote of Hervormde Kerk is één van de vele beschermde monumenten op Marken. De kerk is tussen 1903 en ‘04 gebouwd op de plaats van de voorgaande Waterstaatskerk, naar een ontwerp van A.H.L. Kups. Elke zondag vinden er nog kerkdiensten plaats. Op een steenworp afstand van de kerk treft men ook het Marker Museum, thuisbasis van de Vereniging Historisch Eiland Marken. Hier kunnen bezoekers alles leren over de bijzondere geschiedenis van het eiland.

Tekst en foto’s: Sarah Remmerts de Vries

Publicatiedatum: 01/02/2021

Aanvullingen

Vul deze informatie aan of geef een reactie.

Plaats een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Vereiste velden zijn gemarkeerd met *. Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.