Oneindig Noord-HollandBeleef de geschiedenis van jouw provincie

Nieuweweg Haarlem: verdwenen brug en herberg

Aan de Ringvaart in Haarlem lag van 1861 tot 1950 een draaibrug over het water. De Ringvaart was in 1852 gereedgekomen, waarna de Haarlemmermeerpolder was ontstaan. Om de nieuwe bewoners makkelijker naar Haarlem te kunnen laten reizen, werden verschillende bruggen over de Ringvaart aangelegd. Hiervoor moest ook een nieuwe weg worden aangelegd, zodat de draaibrug in verbinding kwam te staan met de Zomervaart richting het centrum van Haarlem.

De brug en de Nieuweweg verkortten de reistijd aanzienlijk, zoals valt te lezen in de toespraak van de toenmalige burgemeester Jacob Paulus Amersfoordt (1817-1885) die werd gehouden bij de opening van de brug:

‘Deze weg is in de maand juni 1861 zediglijk zonder eenig vertoon aan het publiek ten gebruike gegeven. Geen tol belemmert daarop het verkeer. De draaibrug over de ringvaart heeft geen moeilijke oprit zoals de rolbruggen (…) de weg verkort den afstand van Haarlemmermeer Westzijde naar den hoofdstad der provincie met hare markt, kantongeregt, polderbestuur, veeartsen enz. minstens een half uur.’

Café ‘Het Wapen van Haarlemmerliede en Spaarnwoude’ aan de Nieuweweg nabij de brug over de Ringvaart. Vervaardiger: anoniem, 1899-1901. Noord-Hollands Archief / Beeldcollectie van de gemeente Haarlem, inventarisnummer 26145.

Het wapen van Haarlemmerliede en Spaarnwoude

De brug stond regelmatig open voor de scheepvaart, onder andere om de grote bietenschuiten door te laten varen die onderweg waren naar de suikerfabriek in Halfweg. In 1894 werd er aan de Haarlemse kant van de draaibrug een café geopend. De wachtende reizigers konden in dit café, genaamd ‘Het Wapen van Haarlemmerliede en Spaarnwoude’, hun tijd doorbrengen, iets eten en drinken of een biljartje leggen.

Het etablissement werd gerund door de familie Deutekom, oorspronkelijk afkomstig uit Schagen. De echtgenote van Jan Deutekom, Maria van Furstenberg, afkomstig uit Zijpe, stond tot haar overlijden in 1915 achter de toog. Het gezin kreeg zeven dochters, waardoor het café ook wel ‘Het café van de Veertien Billetjes’ werd genoemd. Cafébaas ‘Jan Deut’ was oorspronkelijk paardenhandelaar en veel op veemarkten te vinden. Zijn stelregel was: ‘Een paard kun je niet vertrouwen, voordat het huidje eraf is.’ Bekenden van Jan Deutekom vertelden dat hij zeer handig was met paard en wagen en dat het paard altijd de weg naar huis wist te vinden, ook als Jan een borreltje op had.

Toen er in 1938 een nieuwe brug voor het autoverkeer tussen Haarlem en Schiphol werd gebouwd, verloor de brug zijn functie en werd in 1950 afgebroken. De Nieuwe Weg was toen geen doorgaande route meer en ook het cafégebouw werd neergehaald. Tegenwoordig is er niets meer van te zien. Het tegenovergelegen brugwachtershuis heeft de tand des tijds wel doorstaan.

Het brugwachtershuis, gezien vanaf het water. Foto: Elsa Ploeger, zomer 2020.

Het brugwachtershuis

Wanneer de brug geopend moest worden voor schepen, dan draaide de brug zodat al het vaarverkeer erlangs kon. Deze draaibrug werd handmatig geopend door de brugwachter. Omdat de brugwachter dus altijd in de buurt moest zijn, was het noodzakelijk dat hij een huis had naast de brug. Dat is dus het brugwachtershuis aan de Nieuweweg 13, gebouwd in 1911. Het huis, een gemeentelijk monument, wordt nog steeds bewoond. De bouwstijl van het huis is door de Monumentcommissie als volgt omschreven: ‘Voormalige brugwachterswoning aan Ringvaart gelegen. Schilderachtige groepering van bouwvolumes met haaks op elkaar staande klokgevels. Ingangsluifels met lessenaarsdak. Omlopend venster om hoek bij de ingang. Goed voorbeeld van het “Oudhollands” of traditionalisme.’\

Nieuweweg 13, Haarlem. Beeld via Wikimedia Commons, vervaardiger: Mdenhoed, CC BY-SA 4.0.

In de jaren 1930 waren er drie brugwachters in dienst. Brugwachter A.N. Teeuw verdiende daar 1000 gulden per jaar mee. De nachtbrugwachter A. de Ruiter verdiende 915 gulden per jaar en de assistent brugwachter C. van Maasdam 248,50 gulden. De heer Teeuw woonde in die tijd in het brugwachtershuis. Waar de andere twee brugwachters verbleven, is onbekend.

Op de foto hieronder is het brugwachtershuis te zien nog zonder aanbouw rechts. De draaibrug moest gerepareerd worden en er kwam tijdelijk een trekpontje voor in de plaats. De kinderen op de foto staan op dat trekpontje.

De draaibrug met op de achtergrond het brugwachtershuis. Vervaardiger: anoniem, 1935-1937. Noord-Hollands Archief / Beeldcollectie van de gemeente Haarlem, inventarisnummer 26148.

Sloop van de brug

Toen er meer verkeer kwam, werd er besloten om een nieuwe, bredere brug te maken die niet steeds open en dicht hoefde. De nieuwe brug dus. De draaibrug was toen niet meer nodig. Deze werd in 1950 gesloopt. Van de brug is nu langs de kade alleen nog een stenen muurtje te zien, het enige dat herinnert aan de ooit zo imposante draaibrug.

Sloop van de oude draaibrug over de Ringvaart, ter hoogte van de huidige woonkern Nieuwebrug, ziende naar het noorden. Foto: Cees de Boer, 1950. Noord-Hollands Archief / Collectie van foto’s en negatieven van Fotopersbureau De Boer te Haarlem, Inventarisnummer 6220 .

Auteur: Elsa Ploeger

Bronnen:

  • Marcel Bulte, ‘Schalkwijk. Een boerengemeenschap onder de rook van Haarlem’, De Vrieseborch Haarlem, 1999.
  • Informatie Brugwachtershuis: Noord-Hollands Archief, Advies Monumentencommissie.

Publicatiedatum: 02/07/2026

Aanvullingen

Vul deze informatie aan of geef een reactie.

Plaats een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Vereiste velden zijn gemarkeerd met *. Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.