Lassie tovert nog steeds met rijst

De Lassiefabriek is 123 jaar oud. In 1893 gingen de eerste palen de grond in voor wat aanvankelijk de eerste stoomgortpellerij van de Zaanstreek was.  Al vrij snel werd er ook rijst gepeld en naast Lassie verrezen er meer rijstpellerijen aan de Zaan, zoals Batavia, Hollandia en Saigon. In die tijd werd de prijs van rijst op de wereldmarkt in de Zaanstreek bepaald, vertelt Robert Kop, productieleider bij Lassie. De pellerijen vestigden zich aan de Zaan, omdat ze op die manier goed door schepen bevoorraad konden worden.

De opvallende silo van Lassiefabriek in Wormerveer

De opvallende silo van Lassiefabriek in Wormerveer. Beeld: Arnoud van Soest.

Maar uiteindelijk zouden de rijstpellerijen overbodig worden. Het bleek veel goedkoper om de rijst in het land van herkomst te pellen. Vervolgens schakelde Lassie over op havermout en gort, en een tijdlang werden er ook cornflakes gemaakt. Pas toen in 1950 de ‘toverrijst’ werd ontdekt leefde de productie van rijst weer op. “Toverrijst  is de redding van de Lassie geweest,” zegt Kop. “Daarvoor heette de fabriek ook nog geen Lassie, maar Gebroeders Laan, want zij hebben de fabriek opgericht.”

Lassie na de bouw van de silo's in 1912

Lassie na de bouw van de silo’s in 1912.

Rijstebrij

“Waarom het toverrijst heette? Omdat het niet kan mislukken. Ook al kook je het helemaal door, het blijven korrels. Als je ruwe rijst doorkookt, krijg je het de pan niet meer uit. Dan wordt het een soort rijstebrij.”

Tegenwoordig maakt Lassie een heel scala aan consumentenrijst, zoals zilvervlies, paella, noten, basmati en dessertrijst. Bij meergranenrijst wordt aan de witte en zilvervliesrijst  bijvoorbeeld gerst, tarwe en wilde rijst toegevoegd. Daarnaast produceert Lassie ook spelt, bulgur, couscous en quinoa.

Als de ruwe, gepelde rijst de fabriek in komt is het aan Robert Kop en zijn mensen om het verder te bewerken. “We koken de rijst niet alleen, we slijpen de rijstkorrel ook. Mensen houden van een mooie, witte en schone korrel. Dat slijpen doen we nèt even anders dan elders op de wereld. Vergelijk een rijstkorrel maar met een pinda. In het land van herkomst wordt de dop eraf gehaald en daaronder zit het vliesje, wat wij zilvervlies noemen. Als wij witte rijst maken, slijpen we het zilvervlies er vanaf. Maar verder dan dat gaan we niet, want onder dat vlies zit de zetmeelkern. En die mogen we niet beschadigen, anders kun je er geen toverrijst van maken.”

De machines in de Lassiefabriek worden tegenwoordig met de computer bestuurd

De machines in de Lassiefabriek worden tegenwoordig met de computer bestuurd. Beeld: Arnoud van Soest.

Laptops

In de dertig jaar dat Robert Kop bij Lassie werkt, heeft hij veel zien veranderen. “Toen ik hier pas kwam werken, hadden we een regelinstallatie die maar drie knoppen had: aan, uit en pauze. Nu staan er overal beeldschermen en kun je elk motortje apart bedienen. In het weekend draaien we zelfs onbemand en kunnen onze techneuten van afstand via een laptop contact maken met de fabriek. De lijnen die in het weekend draaien zijn overigens beveiligd, zodat er niets in brand kan vliegen.”Zoals toverrijst in 1950 nieuw leven in de Lassie-fabriek blies, zo heeft de nieuwe Spaanse eigenaar Ebro Foods, die Lassie drie jaar geleden overnam (Ebro is het grootste rijstverwerkende bedrijf  ter wereld) ook voor nieuw leven in de brouwerij gezorgd. “Door hen maken we nu ook rijstbloem. Rijstbloem maak je door breukrijst te vermalen. Dan krijg je een halffabrikaat dat ondermeer wordt gebruikt voor babyvoeding, ontbijtgranen en cereals. Toen de nieuwe Spaanse eigenaar hier voor het eerst kwam kijken, zagen ze dat 70% van het pand niet werd gebruikt. Ze waren net van plan om in België een nieuwe fabriek te bouwen, maar omdat hier toch ruimte over was, zijn we hier rijstbloem gaan maken.”

De doosjes rijst rollen van de lopende band

De doosjes rijst rollen van de lopende band. Beeld: Arnoud van Soest.

Rijstbloem

Dat gaat zo goed dat de productie van rijstbloem die van de consumentenrijst  inmiddels verre overtreft. En daarmee is de toekomst van Lassie voorlopig weer veilig gesteld.

In de Lassie-fabriek werken nu tussen de 60 en 70 man. Dat zijn er ooit, na de oorlog, zo’n 365 geweest. Dat men het nu met 70 mensen af kan komt door de automatisering. Kop:  “Ooit zaten jongetjes van 14 jaar aan een héle lange tafel om doosjes voor de rijst te maken. Ze begonnen met een blok hout, waar ze karton omheen wikkelden. Vervolgens werd het hout eruit gehaald en werd het omhulsel met rijst gevuld.” Tegenwoordig gebeurt dat allemaal machinaal en rollen er 180 pakken rijst per minuut van de band af.

Op 1 juli 1943 wordt het 50-jarig bestaan van de fabriek gevierd en gaat het voltallige personeel op de foto

Op 1 juli 1943 wordt het 50-jarig bestaan van de fabriek gevierd en gaat het voltallige personeel op de foto.

Vakantiehuisjes

Ooit, zo rond 1960, bouwde Lassie woningen voor het personeel, achter de fabriek en elders in het dorp. En aan de kust had Lassie vakantiehuisjes neer laten zetten, die werknemers konden huren. Petra Dik, HR-manager: “Als mensen problemen hadden met de studie van hun kinderen, konden ze bij een fonds aankloppen. Net als die vakantiehuisjes bestaat dat overigens niet meer.” Robert: “Oh ja, en met een ploegje van tien man doen we altijd mee aan de Dam tot Damloop. Is wel zo wel gezellig.”Nadat Robert de verslaggever nog even door de fabriek heeft geloodst, wijst hij er nog even op dat Lassie’s Toverrijst alleen maar in Nederland wordt verkocht. In het buitenland is de toverrijst nooit ècht doorgebroken. Dat komt met name door de gelijknamige tv-hond. “Door die tv-serie denkt iedereen bij Lassie vooral aan die hond, en niet aan rijst.”

 

Auteur: Arnoud van Soest

 

Publicatiedatum: 12/05/2015