Joodse markt tijdens de bezetting

Tijdens de Tweede Wereldoorlog stelde de Duitse bezetter allerhande verboden in aangaande spijs en drank, die raakten aan de identiteit en de bewegingsvrijheid van de joden in Nederland. Bepaalde cafés, restaurants, winkels en markten werden ‘voor joden verboden’. De rituele slacht werd al in augustus 1940 verboden en in november 1941 werden er zelfs aparte ‘joodse markten’ opgericht, zoals in Amsterdam in de Gaaspstraat en op het Minervaplein, omdat joden de toegang tot andere markten was ontzegd. Via deze en andere maatregelen wilden de Duitsers de joden afzonderen van de rest van de samenleving, zodat hun volledige verwijdering daaruit efficiënter kon verlopen.

Markten voor joden.

Collectie Joods Historisch Museum, collectie Simon Peereboom.

Markten voor joden.Markten voor joden.

Gaaspstraat en Minervaplein

De joodse markten vonden plaats op pleinen of ruime plekken in de stad die gemakkelijk van een omheining konden worden voorzien (‘gänzlich umzäunte Gelände’). Hiermee kon de Duitse bezetter toezien op een strikte scheiding van joden en niet-joden in een bepaalde buurt. Sportterreinen, kinderspeelterreinen en andere pleinen in de stad werden door de autoriteiten aangewezen als locatie voor een joodse markt. Het grote speelplein in de Gaaspstraat in de Rivierenbuurt en het Minervaplein in de Stadionbuurt waren ooik zulke plekken.

Distributiekaart voor ritueel gezouten rundvlees.

Collectie Joods Historisch Museum.

Distributiekaart voor ritueel gezouten rundvlees.Distributiekaart voor ritueel gezouten rundvlees.

Meer informatie over dit onderwerp is te vinden in het Joods Historisch Museum.

Publicatiedatum: 21/02/2013

Aanvullingen

Vul deze informatie aan of geef een reactie.

Plaats een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Vereiste velden zijn gemarkeerd met *. Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.