De zware strijd om Indonesische onafhankelijkheid

De nieuwe tentoonstelling Revolusi! In het Rijksmuseum heeft de Indonesische Onafhankelijkheidsoorlog (1945-1949) weer volop onder de aandacht gebracht. Het was een ongelijke strijd, waarbij vooral aan Indonesische zijde veel slachtoffers vielen. Niet voor niets heeft deze periode bij hen soms diepe wonden achtergelaten. Hoog tijd om eens te kijken naar wat er nu écht gebeurde in deze chaotische naoorlogse situatie.

Book 7 min

Vooroorlogs Indonesië is een koloniale samenleving, waarin Nederlanders de dienst uitmaken. Zij wonen in de steden en bekleden de hoogste posities in het bestuur, het leger en het bedrijfsleven. Er bestaan grote standsverschillen tussen deze Nederlandse bovenlaag en wat zij de ‘inlanders’ noemen: een overkoepelende term voor allerlei verschillende groepen Indonesiërs. Een aparte laag vormen de Indische Nederlanders, voortgekomen uit huwelijken tussen Nederlandse mannen en Indonesische vrouwen. Sommigen van hen voelen zich meer Nederlands, anderen meer Indonesisch. Maar door zowel de Nederlanders als de Indonesiërs worden ze toch als anders gezien.

Veel Indonesiërs zijn ontevreden over de koloniale situatie. Ook voor de Tweede Wereldoorlog klinkt al de roep om onafhankelijkheid van een kleine groep Indonesische nationalisten, zij het nog zachtjes. Dat hier serieus over nagedacht wordt, blijkt wel uit een 24 pagina’s lange brochure van de Haarlemse geoloog C.G.S. Sandberg uit 1914, met de veelzeggende titel ‘Indië verloren, rampspoed geboren’. Het is het oudst bekende gebruik van het spreekwoord, dat tijdens de Indonesische onafhankelijkheidsstrijd nog vaak aangehaald zou worden.

Schoolplaat van koloniaal Indonesië: ‘De Minahassa in Celebes’. De plaat is gemaakt naar een aquarel van W.J. Ising (1911). Collectie Tropenmuseum Amsterdam (publiek domein).

Verhoudingen op scherp gezet

Met de Japanse inval in januari 1942 worden de verhoudingen tussen Nederlanders en Indonesiërs plots op scherp gezet. Het Koninklijk Nederlands-Indisch Leger (KNIL) is niet opgewassen tegen de Japanners en moet zich begin maart al overgeven. De Japanners bezetten Indonesië en maken een einde aan het koloniale bewind, waardoor een deel van de Indonesiërs hen als bevrijders ontvangt. In de poging een ‘Groot-Oostaziatisch Rijk’ te vestigen, probeert Japan de Indonesiërs en Indische Nederlanders met propaganda voor zich te winnen. Alle Nederlanders worden in de loop van 1942 in kampen gevangengezet. Wie weigert samen te werken met de bezetter, wacht hetzelfde lot.

In de kampen moet hard gewerkt worden voor te weinig eten. Maar liefst één op de acht geïnterneerden sterft door honger en uitputting. Ook economisch gaat het niet goed met Indonesië onder Japans bewind. De samenleving verarmd en steeds meer Indonesiërs verliezen hun vertrouwen in de Japanse machthebber. Nationalisten wensen onafhankelijkheid van Nederland én Japan. Op 15 augustus 1945 capituleert Japan, nadat de Verenigde Staten eerder twee atoombommen op de Japanse steden Hiroshima en Nagasaki heeft geworpen. In het machtsvacuüm dat ontstaat, grijpen Indonesische nationalisten hun kans.

Japanse propagandaposter uit bezet Indonesië, ca. 1942-1945. De tekst luidt: ‘Van zaaien tot oogsten. Behandel de jatropha plant zo goed mogelijk om de oogst zo groot mogelijk te maken!’. De jatropha plant werd tijdens de Japanse bezetting verplicht geteeld voor de productie van olie als smeermiddel en brandstof. Collectie NIOD/Koninklijke Bibliotheek (publiek domein).

Indonesië wordt een republiek

Twee dagen na de Japanse capitulatie verschijnt Soekarno, de leider van de Indonesische nationalisten, op de veranda van zijn huis in Jakarta. De nacht ervoor is hoog overleg geweest met de top van de nationalistische groepering, die hem onder druk heeft gezet om nú het moment aan te grijpen. In zijn proclamatie roept Soekarno de onafhankelijke ‘Republik Indonesia’ uit, waarna hij een dankgebed uitspreekt. Het is slechts een korte tekst, maar van ongekend belang. Vanaf dat moment barst de strijd om onafhankelijkheid los.

De rood-witte Indonesische vlaggen worden uitgehangen en er verschijnen allerlei anti-Nederlandse leuzen in het straatbeeld. Een Australische correspondent bericht over ‘trams met ruw geschilderde opschriften in het Engelsch: “Beter naar de hel dan weer gekoloniseerd te worden.” – “Vrijheid, het erfdeel aller naties”.’ Op het Van Heutsz monument in de wijk Menteng wordt een citaat uit een toespraak van Abraham Lincoln geschreven, evenals een verwijzing naar het Atlantisch Handvest uit 1941, waarin staat dat alle volken het recht hebben op zelfbeschikking. Opvallend genoeg allemaal in het Engels, zodat iedereen de kreten kan lezen.

Soekarno spreekt een dankgebed uit na de proclamatie, 17 augustus 1945. Foto: Frans Mendoer, via Wikimedia (publiek domein).

‘Soekarno’s S.S.-troepen’

Op 19 september 1945 komen duizenden Indonesiërs op het Ikadaplein (het huidige Medan Merdeka) in Jakarta bijeen om de onafhankelijkheid te vieren. Er wordt gewapperd met vlaggen en op spandoeken zijn kreten te lezen als: ‘Eén moederland, één natie, één wil, altijd vrijheid’. De demonstratie verloopt zonder rellen, mede doordat Soekarno de mensen oproept om kalm te blijven en naar huis terug te keren. De twintigjarige schrijver Pramoedya Ananta Toer is bij de bijeenkomst aanwezig en schrijft: ‘(…) ik was er hier voor de eerste maal getuige van dat Indonesiërs in het geheel niet meer bang waren voor Dai Nippon [Japan]’.

Het enthousiasme van de bijeenkomst staat in schril contrast met de onzekere en gevaarlijke situatie waar Indonesië zich op dat moment in bevindt. Hoewel nationalisten het grootste deel van het binnenland beheersen, komt het rond de steden tot bloedige gevechten tussen de Britse bevrijdingstroepen en de nationalisten. Nederlandse geïnterneerden blijven nog een tijd lang binnen de Japanse kampen, waar ze beschermd worden door de Britten en Japanners. Daarbuiten worden duizenden Nederlanders en Indische Nederlanders door jonge nationalistische strijders (pemoeda’s) met hakmessen en bamboesperen onder uitroep van de strijdkreet ‘Bersiap’ (‘wees paraat’) gedood. De Nieuwe Haarlemsche courant spreekt van ‘terroristen’ en ‘dr. Soekarno’s S.S.-troepen’.

Grote groep zittende Indonesiërs: het leger van Soekarno. Photo Studio “Mayfair”, ca. 1945-1949. Collectie Rijksmuseum Amsterdam.

Van informatieoorlog tot militaire strijd

Nederland weigert de onafhankelijkheid van Indonesië te erkennen en onderhandelingen met de nationalisten verlopen moeizaam. Met herstel van de vooroorlogse situatie voor ogen wordt hard teruggeslagen. Eind 1945 vestigt de Nederlandse Inlichtingendienst (NEFIS) een hoofdkantoor in Jakarta. Van daaruit wordt een netwerk van buitenkantoren en spionnen over de archipel uitgezet, die informatie verzamelen over de revolutionairen. Geweld en martelingen worden hierbij niet geschuwd. Ondertussen breidt Nederland zijn leger in Indonesië uit met dienstplichtigen en vrijwilligers uit het vaderland. Het wil koste wat kost de kolonie behouden, want ‘dat het verlies van Oost-Indië, of van het voornaamste deel ervan, voor Nederland rampspoedig zal zijn, staat vast.’

Indonesische guerillastrijders. ACME Newspictures Inc., 1949. Collectie Rijksmuseum Amsterdam.

Op 21 juli 1947 vallen Nederlandse troepen republikeinse gebieden op Java en Sumatra binnen om ‘de rust en orde te herstellen’. Zowel in Nederland als het buitenland wordt felle kritiek geuit over het militaire geweld. In Amsterdam vinden grote demonstraties plaats tegen de ‘Politionele Actie’, zoals het ingrijpen destijds verhullend wordt genoemd. Onder druk van de Verenigde Naties wordt op 5 augustus een wapenstilstand afgekondigd. Nieuwe onderhandelingen volgen, maar leveren niets op. In december 1948 volgt de Tweede Politionele Actie, een bloedige strijd waarbij duizenden Nederlandse en tienduizenden Indonesische doden vallen. Door Nederlandse soldaten worden ernstige oorlogsmisdaden begaan tegen de Indonesische bevolking, die door de regering lange tijd ontkend worden. Ook deze strijd wordt uiteindelijk onder grote internationale druk beëindigd.

Nederland bezet Soerakarta. Associated Press, ca. 1948-1949. Collectie Rijksmuseum Amsterdam.

Een geslaagde revolutie

De onderhandelingen worden in 1949 hervat, met een verrassende uitkomst: Nederland erkent de Indonesische onafhankelijkheid. Op 27 december 1949 wordt de soevereiniteit officieel overgedragen aan de jonge Republiek Indonesië. Daarna moeten alle niet-Indonesische inwoners kiezen tussen het Nederlandse en het Indonesische staatsburgerschap. Honderdduizenden Nederlanders en Indische Nederlanders vertrekken tussen 1950 en 1957 naar Nederland. In 1957 besluit de Indonesische regering om iedereen met een Nederlandse nationaliteit het land uit te zetten. In de jaren daarna migreren nog eens tienduizenden Indonesiërs met spijt van hun keuze naar Nederland.

Veel nazaten van de Indonesiërs die de onafhankelijkheidsstrijd van dichtbij meemaakten, dragen de verhalen nog steeds bij zich. Tien van deze verhalen zijn onlangs vereeuwigd in aangrijpende videoportretten. De videoportretten zijn onderdeel van de nieuwe tentoonstelling Revolusi! Indonesië onafhankelijk, die van 11 februari tot en met 5 juni 2022 in het Rijksmuseum Amsterdam te zien is. In meer dan 200 objecten wordt hier een internationaal perspectief op de Indonesische onafhankelijkheidsstrijd getoond. De ooggetuigenverslagen van ruim twintig mensen die de revolutie van nabij hebben meegemaakt, laten zien hoe het ideaal van een vrij Indonesië vurig werd nagejaagd – en bestreden. Kijk voor meer informatie over de tentoonstelling op de website van het Rijksmuseum.

Het eerste kabinet van de nieuwe Republiek Indonesië, december 1949. Collectie National Library of Indonesia (publiek domein).

Tekst: Sarah Remmerts de Vries

Bronnen:

  • Tentoonstelling Revolusi! Indonesië onafhankelijk In het Rijksmuseum Amsterdam.
  • Afdeling Nederlands-Indië in het Verzetsmuseum Amsterdam.
  • KOG-lezing ‘Revolusi. Indonesië onafhankelijk’ door Harm Stevens, conservator geschiedenis bij het Rijksmuseum en medesamensteller van de tentoonstelling. De lezing vond plaats op 28 februari 2022 in het auditorium van het Rijksmuseum Amsterdam. De livestream is hier terug te kijken.
  • NPO Kennis, Waarom noemde Nederland de koloniale oorlog in Indonesië ‘politionele acties’?
  • Nieuwe Haarlemsche courant (17-09-1945, 26-09-1945 en 09-10-1945) en Nieuwsblad van Friesland (23-05-1947) via Delpher.
  • Dr. C.G.S. Sandberg, ‘Indië verloren, rampspoed geboren’ (1914).

Publicatiedatum: 10/03/2022

Aanvullingen

Vul deze informatie aan of geef een reactie.

Plaats een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Vereiste velden zijn gemarkeerd met *. Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

NL | EN