Oneindig Noord-HollandBeleef de geschiedenis van jouw provincie

De illustere bewoners van Huis Bartolotti

Huis Bartolotti in Amsterdam is één van de pronkstukken van Hendrick de Keyser Monumenten. Dit opvallende dubbele woonhuis, uit het begin van de zeventiende eeuw, werd gebouwd door de rijke koopman Willem Bartolotti van den Heuvel (1560-1634). Het grachtenpand valt meteen op door zijn ligging in de ‘kleine bocht’ van de Herengracht. Door de eeuwen heen breidden voorname bewoners, waaronder walvisreder Jan van Tarelink (1723–1791), het huis verder uit. De weelderige kamers, zoals de rijk versierde zaal met mahoniehouten houtsnijwerk en plafondschilderingen, zijn nog altijd te bewonderen.

Tussen 1613 en 1625 vond er een grote geplande stadsuitbreiding van Amsterdam plaats. In 1614 kwamen de eerste percelen, met vaste afmetingen van 30 voet (8,5 m) breed bij 190 voet (54 m) diep, onder de hamer. Vaak werden ze ‘twee aan twee’ verkocht: wie een perceel kocht, mocht ook het aangrenzende perceel aanschaffen. Dit maakte de bouw van extra grote grachtenpanden mogelijk. De locatie van Huis Bartolotti viel op door zijn ligging in de zogeheten ‘kleine bocht’ van de Herengracht. Door deze knik waren de twee percelen aan de voorzijde slechts 28,5 voet, maar werden naar achteren toe breder.

De percelen kwamen rond 1618 in handen van de rijke koopman Willem Bartolotti van den Heuvel (1560-1634). Willem begon meteen met de bouw van zijn nieuwe woning, die twee jaar later voltooid werd. Het ontwerp van Huis Bartolotti, ook wel bekend als ‘Het Bonte Huis’, wordt toegeschreven aan architect Hendrick de Keyser (1565-1621). Door de bocht was de rijk gedecoreerde gevel vanaf twee kanten goed zichtbaar, wat het huis een prominente plaats in het stadsbeeld gaf. Aan de achterzijde lag een ruime tuin met twee parterres en een moestuin. Tot in de negentiende eeuw stond hier ook een koetshuis dat bij het huis hoorde. Het grachtenpand werd tussen 1620 en 1689 bewoond door drie opeenvolgende generaties Bartolotti.

De rijk gedecoreerde gevel van Huis Bartolotti. Foto: Judith van Amelsvoort, 2026.

Van den Heuvel wordt Bartolotti

De welvaart van de familie Bartolotti begon bij de bouwheer van dit huis. Hij werd in 1560 in Hamburg geboren als Willem van den Heuvel. Zijn familie was hier om geloofsredenen naartoe verhuisd. Een tante van hem trouwde daar met de Italiaanse edelman Jan Baptista Bartolotti uit Bologna, die eveneens in Hamburg woonde. Het echtpaar stierf kinderloos en liet hun vermogen na aan Willem, op voorwaarde dat hij voortaan de naam ‘Bartolotti’ zou dragen.

Willem Guillielmo Bartolotti van den Heuvel trouwde op 20 april 1589 te Stade (Nedersaksen) met Maria Pels (1565-1590). Een jaar later werd hun zoon Johan-Baptist Bartolotti van den Heuvel (1590-1624) geboren. Gezien de sterfdatum van Maria, is zij waarschijnlijk in het kraambed overleden. Willem hertrouwde drie jaar later op 27 juli 1593 met Margaretha Thibaut (1575-1649) te Middelburg. Samen kregen zij één zoon en drie dochters.

Willem keerde met zijn gezin terug naar Holland en vestigde zich in 1608 in Amsterdam. Zijn handelsactiviteiten richtten zich op Italië en het Oostzeegebied, waarbij hij handelde in graan, zijde, bonen, Braziliaans hout, geschut, olie en andere producten. Daarnaast verschafte hij als bankier persoonlijke kredieten aan hooggeplaatste personen. Willems vermogen werd in 1631 door de belasting geschat op 400.000 gulden, daarmee was hij de op één na rijkste inwoner van Amsterdam. Hij woonde tot aan zijn dood in het huis aan de Herengracht.

Huis Bartolotti, Herengracht 170-172, Amsterdam. Foto: Arjan Bronkhorst, Hendrick de Keyser Monumenten.

Een bijzondere boedelinventaris

Zijn tweede zoon, Willem Guillelmo (II) Bartolotti van den Heuvel (1602-1658), nam het handelshuis over en wist een zeer winstgevende monopolie te verkrijgen op de export van koper uit Denemarken. Op 1 juni 1638 trouwde hij met Jacoba van Erp (1608-1664) in Amsterdam, met wie hij acht kinderen kreeg. Behalve het huis aan de Herengracht bezat de familie ook de buitenplaats Heuvel en Dael in Soest. Toen Willem Guillelmo (II) in 1658 overleed liet hij een vermogen van 1,2 miljoen gulden na.

Na de dood van Jacoba werd er een boedelinventaris van Huis Bartolotti opgemaakt. Uit deze ‘inventaris en deStaat vanden huysraat ende inboedel (..)’ blijkt hoe vermogend de familie was. Met in bijna elke kamer kostbare schilderijen, meubilair, textiel, porselein, kaarten en tekeningen. In ‘het groote steene salet beneden tegenover ’t Comptoir’ hing volgens de inventaris een schilderij(?) met daarop ‘de acht kinderen geschildert.’

De beschrijving van ‘Inde langhe steenen Galderij’ geeft de indruk dat het om een daags woonvertrek gaat. Zo was er een stookplaats met twee isere heckjes daerom te setten, voor de kinderen. Maar ook kostbare schilderijen, een vogelkooi, twee grote spiegels, een ronde tafel en 16 stoelen. Het vertrek grensde aan de tuin en stond door de gang direct met het voorhuis in verbinding. In de zeventiende eeuw waren er in totaal 14 kamers in het huis. Een van de rijkste vertrekken was de Inde Plancke zijde Camer in het voorhuis met goudleerbehang, een klavecimbel en een Oost-Indisch cabinet. De slaapkamers van het personeel bevonden zich op de bovenetage.

De kamer met goudleerbehang in Huis Bartolotti. Foto: Judith van Amelsvoort, 2026.

Huis Bartolotti, Herengracht 170-172, Amsterdam. Foto: Arjan Bronkhorst, Hendrick de Keyser Monumenten.

De laatste Bartolotti’s

Na het overlijden van Jacoba werd het huis bewoond door haar zoon Guillelmo (III) Bartolotti van den Heuvel (1638-1674) en zijn vrouw Jacoba Sophia Huydecoper (1640-1714).

Na zijn overlijden zette zijn broer Johan Baptista het handelsbedrijf voort tot 1689. Hierna ging Johan rentenieren op zijn landgoed Rijnenburg. Huis Bartolotti werd vanaf dat moment in twee delen verhuurd. Het bleef tot 1717 in handen van de familie, waarna het voor 68.000 gulden werd verkocht aan Gerbrand Pancras Michielsz (1658-1719), de burgemeester van Amsterdam.

De oorspronkelijke meubels uit de zeventiende eeuw zijn niet bewaard gebleven. Van de laatste generatie Bartolotti’s zijn er wel twee portretten bekend, die te zien zijn in de goudleerkamer. Een nagelvast element uit de bouwperiode is de marmeren fontein in de tuinkamer. Aan de linkerzijde zit een deurtje met een verborgen zwengel, waarmee er koel water uit de kelders onder het huis kan worden opgepompt. Hoewel dit water niet geschikt was om te drinken, konden er flessen wijn in worden gekoeld.

De marmeren fontein in de tuinkamer. Foto: Judith van Amelsvoort, 2026.

Een nieuw achterhuis

Na verschillende bewoners en verbouwingen kocht Jan van Tarelink (1723–1791), een Amsterdamse koopman en walvisreder, in 1752 het huis voor 80.000 gulden. Op dat moment woonde hij al als huurder in het rechter huis. Van Tarelink had zijn fortuin vergaard als assuradeur, maar was nog een nieuweling in de besloten Amsterdamse elite. Als burgemeester voelde hij de noodzaak zijn positie te bevestigen door uitbundige ontvangsten te organiseren.

Hij liet nummer 170 aanzienlijk uitbreiden door de bouw van een groot achterhuis met vier bouwlagen. Op de eerste verdieping liet hij een grote ontvangstzaal bouwen met mahoniehouten houtsnijwerk en verfijnd stucwerk, geheel volgens de achttiende-eeuwse mode: de rococo. De zaal heeft een beschilderd plafond van de uit Keulen afkomstige kunstschilder Jurriaan Buttner(?-1767). De datum op de schilderstukken, ‘1756’, verwijst waarschijnlijk naar het jaar waarin de verbouwing werd voltooid. Het voorste gedeelte van het huis bleef bij deze werkzaamheden ongemoeid.

In 1781 kreeg de walvisrederij van Van Tarelink financiële problemen, waardoor het huis via een openbare veiling werd verkocht.

De ontvangstzaal in Huis Bartolotti, Herengracht 170-172, Amsterdam. Foto: Arjan Bronkhorst, Hendrick de Keyser Monumenten.

Restauraties

Herengracht 172 werd door de firma Becht (uitgeverij) in 1971 voor 280.000 gulden overgedragen aan de Vereniging Hendrick de Keyser, die al sinds 1924 eigenaar was van nummer 170. In de periode 1967-1971 werd het huis uitgebreid gerestaureerd.

De gevel werd hersteld naar het voorbeeld van een afbeelding in het Grachtenboek (ca. 1768) en de schilderijen van Jan van der Heijden. De oorspronkelijke indeling van het huis was bekend door vondsten tijdens de restauratie en de boedelinventaris uit 1664. Van 1995 tot 1997 heeft er een tweede restauratie plaatsgevonden waarbij met name het interieur in de oorspronkelijke staat hersteld is.

Detail van de prent: Gevels van huizenrijen aan de Keizersgracht naar de Hartenstraat en de Herengracht van de Leliegracht naar de Oude Leliestraat. Prentmaker: Caspar Jacobsz. Philips, 1768 – 1771. Collectie Rijksmuseum, objectnummer: RP-P-1921-611.

Amsterdams stadsgezicht met huizen aan de Herengracht en de oude Haarlemmersluis. Links aan de gracht het huis Bartolotti en de geveltoppen van Herengracht 174, 170-172 en 168. Schilder: Jan van der Heyden, ca. 1670. Collectie Rijksmuseum, Objectnummer SK-A-154.

Na de eerste restauratie werd nummer 172 en het voorgedeelte van 170 verhuurd aan het Theater Instituut Nederland (TIN). Het achterhuis van nummer 170 was van 1974 tot 2012 de woning van musicus Gustav Leonhardt, samen met zijn vrouw en twee dochters. Meneer Leonhardt had het huis volledig ingericht in achttiende-eeuwse stijl en schreef er zelfs een boek over: Het huis Bartolotti en zijn bewoners (1979). Toen het TIN in 2007 vertrok, besloot Vereniging Hendrick de Keyser het pand als kantoor in gebruik te nemen.

Na het overlijden van meneer Leonhardt in 2012 en de verhuizing van mevrouw Leonhardt naar een verzorgingstehuis, heeft er in 2013-2014 nog een restauratie plaatsgevonden. Tijdens deze laatste restauratie is onder andere de blauwe wandbespanning in de rococozaal aangebracht. Deze stof, die werd toegepast op meubels uit de bouwtijd van de zaal, wordt nog steeds vervaardigd in Frankrijk.

In de keuken van Huis Bartolotti. Foto: Judith van Amelsvoort, 2026.

Museumhuis

Huis Bartolotti mag zich sinds 1 januari 2026 officieel een museum noemen. Het museumhuis van Hendrick de Keyser Monumenten is lid van de Museumvereniging en voert de Museumkaart. Dankzij de inzet van enthousiaste vrijwilligers en een boeiende audiotour ontdekken bezoekers alles over de bouwgeschiedenis, de bewoners en hoe de ruimtes werden gebruikt.

De historische krant van Huis Bartolotti. Foto: Judith van Amelsvoort, 2026.

Huis Bartolotti is elke woensdag, donderdag, vrijdag en zondag geopend van 10:00 tot 17:00 uur. Het huismuseum werkt met tijdsloten. Vanwege de kwetsbaarheid van het huis is het aantal bezoekers per tijdslot beperkt. Zo voorkomen we drukte en teleurstelling aan de deur wanneer het vol is. Reserveer vooraf zodat je zeker weet dat je naar binnen kunt.

Please accept statistics, marketing cookies to watch this video.

Auteur: Judith van Amelsvoort

Bronnen:

Publicatiedatum: 07/02/2026

Aanvullingen

Vul deze informatie aan of geef een reactie.

2 reacties

Plaats een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Vereiste velden zijn gemarkeerd met *. Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.