Amsterdam: de haven en het Noordzeekanaal

In 2011 is het REM-eiland naar de Amsterdamse Minervahaven verplaatst: de constructie waar ooit de eerste commerciële televisie-uitzendingen vandaan kwamen is nu een restaurant, 22 meter boven het water. Het symboliseert de overgang van een oude houthaven naar een moderne stadshaven.

Het hoofdstedelijke havengebied is voortdurend in ontwikkeling, ook al heeft het er tijdenlang naar uitgezien dat Amsterdam zijn positie als havenstad zou kwijtraken. Maar door de opening van het Noordzeekanaal (1876) werd er nieuw leven ingeblazen.

REM-eiland

Het REM-eiland is een opmerkelijke nieuwkomer in de Minervahaven, de 19e-eeuwse houthaven ten westen van het stadscentrum. De stalen constructie geldt als de bakermat van de Nederlandse commerciële tv. Deze stalen constructie heeft lange tijd in de Noordzee gestaan. In 1964 zond de Reclame Exploitatie Maatschappij (REM) vanaf het eiland populaire Amerikaanse series uit als ’De Onzichtbare Man’ en ’Mr. Ed, het Sprekende Paard’. Al na vier maanden maakte de overheid de illegale uitzendingen echter onmogelijk.

Het REM-eiland is in 2011 naar de Haparandadam in de Amsterdamse Minervahaven gesleept. Er is een radiostudio/mediaopleiding in gekomen en een restaurant met dakterras. De komst van het eiland illustreert de transformatie van de houthaven in een stedelijk gebied vol creatieve bedrijven en recreatiemogelijkheden. De Amsterdamse havenactiviteiten zelf zijn steeds verder buiten de stad komen te liggen, vooral naar het westen toe, richting de Noordzee. Daar is de ruimte om verder uit te breiden.

Het succes van de Amsterdamse haven in de afgelopen decennia is te danken aan het Noordzeekanaal. Dit kanaal is aangelegd in de 19e eeuw. Het zorgde voor een veel kortere en directere vaarroute tussen Amsterdam en de Noordzee. De hoop was dat door de aanleg de economie van de stad een krachtige impuls zou krijgen. Die hoop is in vervulling gegaan.

REM-eiland.

Het REM-eiland aan de Haparandadam. Beeld: Wikimedia Commons.

Aanleg Noordzeekanaal

Het plan voor een Noordzeekanaal was al eeuwenoud, maar niemand had het durven realiseren. De duinen vormden de enige natuurlijke barrière tegen de zee. Door ze aan te tasten liep Noord-Holland een groot risico. “Maar we moeten het wagen”, zei minister Thorbecke in 1862 tegen de Tweede Kamer.

De financiële en technische uitdagingen waren echter enorm. Het unieke project was geraamd op 21 miljoen gulden. Achteraf bleek dit 11 miljoen te weinig. De in 1863 opgerichte Amsterdamsche Kanaalmaatschappij nam de financiering en de constructie op zich. Met enige moeite lukte het om het benodigde kapitaal bij elkaar te krijgen, maar de expertise voor dit technisch complexe project moest uit het buitenland komen. Dat werd de Engelse aannemer Henry Lee & Son.

Deze aannemer legde een forse zeesluis aan. Heel lastig bleek de bouw van twee pieren die de kust moesten beschermen, ook bij zware storm. Het eigenlijke kanaal liep dwars door het voormalige Wijkermeer en het IJ. Aan weerszijden van het kanaal werd het water ingepolderd. Waar Amsterdam veel moeite mee had, was de afsluiting tussen Amsterdam en het IJ. Daar kwamen de Oranjesluizen, waarmee de stad zijn vertrouwde vaarroute naar de Zuiderzee verloor.

 

Bouw van het sluizencomplex bij Velsen.

Bouw van het sluizencomplex bij Velsen, door J.C. Greive. Beeld: Collectie Stichting Provinciale Atlas Noord-Holland

Opening Noordzeekanaal

In 1865 ging de eerste spade de grond in. Hoewel stoomkracht steeds meer werd toegepast, werd het kanaal nog grotendeels met de hand gegraven. Het Noordzeekanaal kreeg een breedte van 27 meter en een diepte van 8 meter. Op 1 november 1876 verrichtte koning Willem III de officiële opening. Die opening viel nogal in het water door het onstuimige weer.

Het ging de Amsterdamse haven en de regio rond het Noordzeekanaal direct voor de wind. Vooruitlopend op de aanleg waren nieuwe scheepvaartmaatschappijen opgericht voor de vaart naar Nederlands-Indië, het Verre Oosten en Australië. In Amsterdam-Noord kwamen scheepswerven. De exploitatie van het Noordzeekanaal bleef echter moeilijk en moest door het Rijk worden overgenomen van de Kanaalmaatschappij.

Al snel na de opening bleek het kanaal te klein voor de scheepvaart, die explosief groeide. Het aantal schepen nam toe, hun inhoud ook. Het kanaal werd verder verdiept en verbreed en er kwam een grotere zeesluis. De Amsterdamse haven groeide eveneens. Aan de westkant kwamen een Houthaven en een Petroleumhaven, aan de oostkant de Oostelijke Handelskade.

Aanleg van het Noordzeekanaal.

Aanleg van het Noordzeekanaal. Aanleg van het Noordzeekanaal, door J.C. Greive, 1872. Beeld: Collectie Stichting Provinciale Atlas Noord-Holland

Amsterdam afgesloten van het IJ

Ondanks de economische opbloei zou Amsterdam niet onverdeeld gelukkig zijn met de gevolgen van de komst van het Noordzeekanaal. De verbinding met het IJ en de Zuiderzee was voor het gevoel van de Amsterdammers verbroken. Door de bouw van het Centraal Station (1889) verdween daarnaast ook het zicht vanuit de stad op het zo veelbezongen Amsterdamse havenfront. De stad keerde zich naar binnen.

Het Noordzeekanaal met de zijkanalen.

Het Noordzeekanaal met de zijkanalen. Beeld: Collectie Stichting Provinciale Atlas Noord-Holland

Pas de laatste jaren doen de IJ-oevers weer volop mee. Langs het water verrijzen luxe nieuwbouwcomplexen en het opgeknapte industrieel erfgoed krijgt een nieuwe bestemming. De Minervahaven is daar een mooi voorbeeld van. De Amsterdamse haven is steeds meer buiten de stad komen te liggen en breidt daar nog altijd uit. Om verdere groei ervan te stimuleren wordt de komende jaren een tweede extra grote sluis bij IJmuiden aangelegd die in 2019 gereed moet zijn.

Gedenkbord bij de opening van de Noordersluis in IJmuiden, 1930.

Gedenkbord bij de opening van de Noordersluis in IJmuiden, 1930. Beeld: Collectie Het Scheepvaart Museum.

Kijk hier voor meer interessante links over het Noordzeekanaal.

Kijk naar de serie over het Noordzeekanaal, gemaakt door TV Noord-Holland en AT5, in samenwerking met het Westfries Museum.

Publicatiedatum: 15/12/2010