Frans Hals: broddelaar of genie?

Ann DeMeester, van het Frans Hals Museum, vertelt over een schilderij waar kunstkenners de afgelopen eeuwen flink over van mening verschilden: De Regentessen van het Oudemannenhuis. De vrouwen op dit doek werden omschreven als heksen, feeksen en satanische creaturen. Terecht of niet?

>

Met Brederode mee de dijk op

Het was op een mooie zondag ‘besaeyt met Menschen’ op de Spaarndammerdijk schreef Brederode (1585-1618). Hij had stadgenoten zien lopen over de dijk met zicht op het weidse polderland en het IJ. Even de stad ontvluchten – ook toen. Wandel (in gedachten) met Brederode mee de stad uit. De dijk op naar Spaarndam.

>

Judith Leyster (1609-1660)

Judith Leyster is de bekendste vrouwelijke schilder uit de 17de eeuw. De Haarlemse kunstenares is gezien haar schildertechniek waarschijnlijk in de leer geweest bij Frans Hals (1583-1666). Ze schilderde genrestukken, portretten en stillevens met als onderwerp vaak spelende kinderen of muzikanten. Als een van de weinige vrouwelijke schilders liet Leyster zich als lid inschrijven in het Haarlemse schildersgilde en werd, zover bekend, als eerste vrouw in 1633 vervolgens uitgeroepen tot ‘meester-schilder’.

>

Cluveniersdoelen

In de Gasthuisstraat is op nummer 32 de poort van de voormalige Cluveniersdoelen, het onderkomen van de Cluveniersschutterij. Frans Hals schilderde twee schuttersstukken voor de Cluveniersschutterij, één in 1627 en één in 1633. Beide schilderijen kregen een plaats in de grote zaal van het hoofdgebouw. Tegenwoordig hangen de stukken in het Frans Hals Museum. 

>

Grote of Sint Bavokerk – Graf van Frans Hals

Frans Hals werd oud. Hij stierf in 1666, en was toen de 80 ruim gepasseerd. Hij kreeg een graf in de gereformeerde Sint Bavokerk, waarvan hij in 1655 was lid geworden. Frans Hals was van huis uit katholiek. Zowel zijn eerste vrouw Anneke Harmensdr, als zijn tweede vrouw, Liesbeth Reyniers was gereformeerd. Ook zijn kinderen zijn gedoopt in gereformeerde kerk.

>

Het Prinsenhof in Haarlem

De westvleugel van het stadhuis werd rond 1590 verbouwd tot logement voor de stadhouder en staat sindsdien bekend als het Prinsenhof. De vleugel behoorde oorspronkelijk tot het voormalige Predikherenklooster, het klooster van de Dominicanen, dat achter het stadhuis lag. In het Prinsenhof kregen schilderijen die na de reformatie eigendom waren geworden van de stad Haarlem een plaats. Zo hingen hier de zijluiken van het Drapeniersaltaar, die afkomstig waren uit de Grote of Sint Bavokerk, en geschilderd waren door Maerten van Heemskerck.

>

Frans Hals Museum in voormalig Oudemannenhuis

Het gebouw waarin het Frans Hals Museum is gevestigd heeft al een lange geschiedenis. Het werd gebouwd als Oudemannenhuis, een tehuis waar mannen van boven de 60 hun laatste dagen konden slijten.

>