Stormachtig Spaarnwoude

In 1836 werd Spaarnwoude getroffen door maar liefst twee heftige winterstormen. In het nieuwe jaar volgde meteen een derde. De schade die deze stormen tot gevolg hadden heeft de Staten-Generaal uiteindelijk doen beslissen geld beschikbaar te stellen voor de inpoldering.

Het spreekwoord ‘als het kalf verdronken is, dempt men de put’ is zeker van toepassing op de beslissing om het Haarlemmermeer droog te leggen. Hier moesten verschillende hevige stormen aan vooraf gaan.

Detail van de 'Nieuwe Kaart van Haarlems Schoone Omstreken', 1837.

Detail van de ‘Nieuwe Kaart van Haarlems Schoone Omstreken’, 1837. De oriëntatie van de kaart is naar het westen. Bovenin is Haarlem te zien, rechtsmidden Spaarnwoude. Beeld: Beeldbank Noord-Hollands Archief.

De stormen van 1836

De eerste storm begon in de middag van 29 november 1836, een stevig briesje veranderde al snel in een orkaan die over Noord-Holland bulderde. Drie uur lang teisterde dit noodweer Spaarnwoude, huizenhoge golven spoelden het dorp binnen. Deze zuidwesterstorm zette het hele poldergebied tussen Sloten en Amsterdam onder water. Nadat men nauwelijks bekomen was van dit natuurgeweld was het op eerste kerstdag van hetzelfde jaar weer raak. De dijkgraaf riep op tot de zwaarste dijkbewaking. Deze keer was het een noordoostenwind die pal op de dijk en sluizen stond. Deze storm maakte het onmogelijk om de sluizen te openen en de schippers een veilige haven te bieden waardoor acht schepen te pletter sloegen tegen de dijk of sluizen en drie schepen zonken.

Ook voor 1836 overstroomde dit gebied regelmatig: afbeelding uit 1777.

Ook voor 1836 overstroomde dit gebied regelmatig: afbeelding uit 1777. Op de achtergrond is wellicht de kerktoren van Spaarnwoude zichtbaar. Beeld: beeldbank Noord-Hollands Archief.

Grote schade

Pas in de nacht van 26 december keerde de rust terug in Spaarnwoude. De stormen lieten echter wel grote schade achter. Door de vorst kwamen de overgebleven schepen vast te zitten in het water. Maar ook op land liepen de kosten hoog op, veel daken waren afgewaaid en voorgevels ingestort. In totaal raakten eenenveertig huizen beschadigd tijdens de storm; onder andere het huis waarin een groot gezin met twaalf gezinsleden woonde, stortte in. Kostbare landbouwgrond was ondergelopen en hooi- en aardappelvoorraden waren vernietigd.

Immateriële verliezen

De grootste verliezen werden echter geleden door de schippers, naast hun schepen en de lading werden ook hun dierbaren aan hen ontnomen. Een schipper verloor zijn vrouw en drie kinderen tijdens de storm. Twee scheepsknechten raakten tijdens het noodweer zo gewond, dat ze later aan deze verwondingen overleden. Het nieuwe jaar bracht jammer genoeg voor inwoners van Spaarnwoude niet veel verbetering in het weer. Op 24 februari 1837 werd Spaarnwoude opnieuw geteisterd. De schade was deze keer minder groot, toch liep een gedeelte van de gemeente weer onder water.

Storm op een meer in 1762 door Cornelis van Noorde.

Storm op een meer in 1762 door Cornelis van Noorde. Beeld: beeldbank Noord-Hollands Archief.

Hulpcomités

Gelukkig voor de inwoners van Spaarnwoude werd er na de zware decemberstormen een hulpcomité opgericht om geld in te zamelen voor inwoners wier huis beschadigd was geraakt. Een tweede comité werd in het leven geroepen om de schippers financieel te ondersteunen. Hoewel de twee comités onderling ruzieden over de hoeveelheid giften die binnengehaald werd, waren ze beide erg succesvol. Het comité voor de inwoners van Spaarnwoude haalde tussen december 1836 en augustus 1837 1770 gulden op. Ook het comité voor de schippers was een groot succes, de schippers die verliezen hadden geleden konden met de opbrengst schadeloos worden gesteld.

Kaart van het plan voor de drooglegging van de Haarlemmermeer uit 1885.

Kaart van het plan voor de drooglegging van de Haarlemmermeer uit 1885. Beeld: Beeldbank Noord-Hollands Archief.

De laatste druppel

Deze stormen hebben naast Spaarnwoude ook de spreekwoordelijke emmer doen overlopen. De inwoners van de getroffen gebieden wisten het al langer, nu zag ook de Staten-Generaal in dat er iets aan de situatie veranderd moest worden. Naast de schade die Spaarnwoude opliep tijdens deze stormen, werd ook de ontwikkeling van het openbaar vervoer bedreigd. De overstromingen bedreigden immers ook de nieuwe verharde weg en hadden invloed op de plannen voor de spoorlijn tussen Amsterdam en Haarlem die in ontwikkeling was. Zodoende waren deze stormen een doorslaggevende factor toen in 1837 de beslissing werd genomen om het Haarlemmermeer droog te leggen.

Auteur: Anna van der Molen

Publicatiedatum: 16/06/2011