Ons’ Lieve Heer op Solder: een kerk in huis

Vanaf de straat is er niets wat verwijst naar de aanwezigheid van de gewijde ruimte op de zolder van het Amsterdamse grachtenpand. Als je niet weet dat die er zit, dan heb je hem waarschijnlijk nog nooit gezien. Het is de schuilkerk Ons' Lieve Heer op Solder.

Schuilkerk

Omdat vanaf de alteratie in 1578 het katholicisme in Amsterdam niet meer openbaar uitgeoefend mocht worden, werden op verschillende plekken schuilkerken ingericht. Enkel de gereformeerde kerk was toegestaan. In eerste instantie werd hier streng op toegezien. Er werd hard opgetreden tegen andere geloofsuitingen, met name het katholicisme.

In de loop van de zeventiende eeuw werd de overheid steeds pragmatischer en werden schuilkerken oogluikend toegestaan. Er kon zelf tegen betaling van recognitiegelden, dit waren enorme geldbedragen, een vergunning worden verkregen voor het oprichten van een schuilkerk. Er waren dan wel regels aan verbonden. De kerken werden ingericht in bestaande gebouwen en ze mochten op geen manier van buiten als zodanig herkenbaar zijn. Klokgelui was evenals een toren verboden en gezang mocht niet buiten hoorbaar zijn. Aan het einde van de zeventiende eeuw mochten er zelfs nieuwe kerken worden gebouwd, mits onherkenbaar. Ze werden daarom nog steeds schuilkerken genoemd, maar de locatie was niet meer geheim en de missen waren gewoon openbaar.

Parochiekerk 't Hert.

Parochiekerk ’t Hert. De bebouwing rechts van de steeg is weggelaten. Tekening J.A. van der Drift, 1868. Beeld: Stadsarchief Amsterdam

Van Sint Nicolaas naar een museum

Een van deze gedoogde kerken was de Ons’ Lieve Heer op Solder. Deze huis- of schuilkerk werd gewijd aan Sint Nicolaas en nam daarmee de rol over van de Oude Kerk, die tot de alteratie dienst had gedaan en Nicolaas als patroonheilige had gehad. Nadat in 1853 de Bisschoppelijke hiërarchie was hersteld, werd een nieuwe kerk gebouwd aan de Prins Hendrikkade. Deze derde Sint Nicolaaskerk van Amsterdam maakte de tijdelijke huiskerk in feite overbodig. Ons’ Lieve Heer op Solder werd daarom ingericht als het Roomsch Katholiek Museum te Amsterdam, tegenwoordig het Museum Ons’ Lieve Heer op Solder. Er waren meer schuilkerken in Amsterdam, waar het huidige debatcentrum de Rode Hoed een voorbeeld van is.

Het speciale plan van Jan Hartman

In 1661 werden drie panden gekocht door ondernemer Jan Hartman. Het betrof het hoekhuis aan de Oudezijds Voorburgwal 40 en twee aangrenzende steegwoningen. De katholieke Hartman had een speciaal plan met deze panden en begon snel met een verbouwing. De drie zolders en bovenverdiepingen werden met elkaar verbonden zodat er een grote ruimte ontstond die dienst zou doen als kerk. De drie panden samen werden in eerste instantie vernoemd naar de eigenaar en kregen de naam ’t Hart of ’t Hert, een verwijzing naar het wapen van Hartman.

De Sael

De Sael was de ruimte waar Hartman zijn gasten ontving. Beeld: Robin Stevens

Een bijzondere woning

De benedenverdiepingen van de panden werden ingericht als woning van de heer Hartman. Hartman had het in Amsterdam ver geschopt en zich opgewerkt van bakkersgezel tot succesvol ondernemer. De woning werd dan ook zo ingericht dat zijn welvaart goed tot z’n recht kwam. Als belangrijkste ruimte werd de Sael ingericht in stijl van het Hollands Classicisme. De ruimte waar Hartman zijn gasten ontving was naar de heersende mode chique ingericht met op de schouw Hartmans familiewapen. De symmetrie was ver doorgevoerd waarbij het patroon in de vloer wordt weerspiegeld in het cassettenplafond.

De huiskerk, een schat op zolder

De kerk is ingericht op de bovenste drie verdiepingen van de drie panden. Daardoor is er een hoge ruimte ontstaan met dubbele galerijen over de lange zijden. De galerijen zijn met elkaar verbonden door middel van trekstangen die het ontbreken van de moerbalken corrigeren. De ruimte was hoog en licht door lichtinval van zowel de voor- als zijgevel. De kerk was te bereiken vanuit het huis via een steektrap. Deze kwam langs een kleine ruimte, ingericht als slaapkamer voor de kapelaan. De kerk was ook apart toegankelijk via een houten steile spiltrap in de Heintje Hoeksteeg. De smalle toegang vormt een groot contrast met de hoge lichte kerkruimte.

Interieur van de schuilkerk

Interieur van de schuilkerk. Voor de kerk zijn drie verdiepingen samengevoegd. Beeld: Tina Monumentalia, Flickr.

Klein maar fijn

Door het samenvoegen van de panden was een behoorlijke oppervlakte verkregen, maar voor een kerk bleef het een beperkte ruimte. Er werden daarom vernuftige dingen bedacht om de huiskerk aan alle eisen te laten voldoen. De preekstoel was zo gemaakt dat deze kon wegdraaien in een van de zuilen van het altaar. De kerk is voorzien van een altaar dat werd gebouwd in 1615, met gemarmerde zuilen en stucwerk. Centraal bevindt zich het schilderij Doop in de Jordaan van Johan de Wit uit 1636. Bij bepaalde vieringen en feestdagen kon dit schilderij gewisseld worden voor andere thematische werken, omdat er geen ruimte was om meerdere altaren of kapellen in te richten. Tegenover het altaar bevindt zich het orgel, dat in 1794 speciaal voor deze ruimte is gebouwd. De blaasbalg bevindt zich in een kast vanwaar een houten buis zorgde voor luchttoevoer naar het orgel. Achter de kerkruimte was in het tweede achterhuis een kleine zijkapel ingericht en gewijd aan Maria.

Een gemengde restauratie

De kerk ziet er in de huidige toestand niet meer zo uit zoals Jan Hartman hem kende. Tijdens de grootschalige restauratie die in 2015 is afgerond, is er veel veranderd. Voor de kerk werd het jaar 1862 gekozen als restauratie richtpunt. Dat was de laatste periode dat er in de kerk diensten werden gehouden. De zolderkerk is daarbij teruggebracht in oud roze tinten en er liggen weer biezen matten op de vloer, destijds gevlochten in Genemuiden, nu handgemaakt in Engeland. Het huisgedeelte is daarentegen zoveel mogelijk teruggebracht naar de zeventiende-eeuwse situatie.

De Schuilkerk

De Schuilkerk. Vanaf de straat is er niets van de kerk zichtbaar. Beeld: Tina Monumentalia, Flickr

Museum

Nadat de kerk overbodig was geworden is deze gelukkig wel bewaard gebleven. Door de nieuwe functie van museum is het mogelijk om deze prachtige schuilkerk te bezoeken. Het museum maakt de geschiedenis tastbaar, vertelt het verhaal van de schuilkerk en maakt een link met actualiteiten. Hoewel het misschien niet meer de bedoeling is, de schuilkerk zit nog steeds verstopt. Het museum, gevestigd op de wallen, is een verborgen schat in de wir war van rood verlichte straatjes. De kerk is niet zichtbaar vanaf de straat, waardoor de verrassing desde groter is als je de kerk inloopt. Omgeven door het barokke kerkinterieur begrijp je waarom dit de schat op zolder wordt genoemd.

Gelukkig weten veel mensen de kerk te vinden. Het museum kampte zelfs met problemen rond het ontvangen van de vele bezoekers. Daarom is het museum tijdens de restauratie uitgebreid met een nieuw entreegebouw in het buurpand Voorburgwal 38. Omdat er een steeg tussen de twee panden zit, is er van vanaf de nieuwe entree een ondergrondse passage aangelegd naar het huis en de inpandige kerk ernaast. Je kunt het museum op eigen houtje bezoeken met een audiotour, of een rondleiding op aanvraag.

Auteur: Saskia Groeneboer

Bronnen

Museum Ons’ Lieve heer op Solder

Publicatiedatum: 05/02/2016

Aanvullingen

Vul deze informatie aan of geef een reactie.

Plaats een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Vereiste velden zijn gemarkeerd met *. Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.