Noordzeekanaal: meer dan een eeuw kanaalgeschiedenis

Bij de opening van het Noordzeekanaal in 1876 was het eigenlijk meteen al duidelijk: het was allemaal niet groot genoeg. Na meer dan een eeuw kanaalgeschiedenis staat de ontwikkeling nog niet stil.

De schutsluis was te klein en het kanaal niet breed en diep genoeg. Er zouden in de loop der jaren in IJmuiden nog twee grotere sluizen komen en het kanaal werd aanzienlijk verbreed en verdiept. De historische betekenis van het Noordzeekanaal, de sluizen en de daarbij aangelegde havenwerken is groot geweest. Zonder deze bestond IJmuiden niet, was de Amsterdamse zeehaven weggekwijnd en Hoogovens Staalfabriek ergens anders gebouwd.

Luchtfoto Noordzeekanaal

Luchtfoto van het Noordzeekanaal ter hoogte van Velsen-Zuid, gezien in noordwestelijke richting. Beeld: Noord-Hollands Archief, Collectie Gemeente Velsen – Foto’s

Groter en breder

Het kanaal dat koning Willem III op 1 november 1876 opende was nog lang niet voltooid. De baggermolens hadden nog voor jaren werk om het op de voorgenomen diepte te brengen. Dit was het laatste werk dat onder de verantwoordelijkheid van de Amsterdamsche Kanaal-Maatschappij plaatsvond. Ook de inkomsten uit de exploitatie van het kanaal vielen tegen. Op 1 januari 1883 nam de Rijksoverheid die over. Inmiddels werden de oceaanstomers almaar groter. Om ook die te kunnen ontvangen werd tussen 1889 en 1896 een nieuwe sluis, de tegenwoordige Middensluis, gebouwd.

De geschiedenis, zoals ze wel vaker doet, herhaalde zich. De nog veel grotere Noordersluis, met een kolklengte van vierhonderd meter, werd aangelegd tussen 1924 en 1930. Na voltooiing kon ze zich bijna een halve eeuw erop beroemen de grootste ter wereld te zijn. Het kanaal werd ook steeds dieper en breder gemaakt. In 1881 was het acht meter diep, in 1898 negenenhalf, in 1902 tien meter. In dat jaar begon het werk aan de verbreding van de kanaalbodem van tot wel vijftig meter. Het was in 1907 voltooid. In verschillende stadia bereikte het kanaal de huidige breedte van driehonderd meter.

Profijt voor industriële ondernemingen

Het Noordzeekanaal werd in gebruik genomen in een periode waarin de Nederlandse industrie en economie snel moderniseerden. Het kanaal heeft in dat proces een belangrijke stimulerende rol gespeeld. Daarvan heeft niet alleen Amsterdam geprofiteerd. Van Gelder vestigde in 1896 een papierfabriek in Velsen-Noord. Het voor de fabricage benodigde Scandinavische hout kon daar gemakkelijk worden aangevoerd.

Nog belangrijker was de vestiging in 1918 van de Hoogovens, een bedrijf dat zou uitgroeien tot een van de grootste industriële ondernemingen van Nederland. Beverwijk had al sinds eeuwen een binnenvaarthaven van bescheiden omvang. Die haven werd door een zijkanaal verbonden met het Noordzeekanaal. Tot 1904 zat daarin een sluis die te klein was voor zeeschepen. Toen die verwijderd was ontwikkelde zich in Beverwijk een bloeiende export van tuinbouwproducten. Vooral de uitvoer van aardbeien naar Engeland nam een hoge vlucht. Tegenwoordig is er de grootste Nederlandse overslaghaven voor aardappels gevestigd.

IJmuiden

Het Noordzeekanaal splitste het oude agrarische dorp Velsen in tweeën, maar het zorgde ook voor het ontstaan van een nieuwe stad. IJmuiden groeide ten zuiden van de kanaalmond en het sluizencomplex. Zonder deze beide waterstaatkundige werken was die stad er nooit gekomen. Het begon bescheiden met de bouw van wat sluiswachterwoningen in 1875. Al snel kwamen er allerlei scheepvaartgerelateerde bedrijfjes. Bijvoorbeeld een telegraaf- en postkantoor, scheepsagentschappen en de sleepbootonderneming van Wijsmuller. Dit was allemaal min of meer te voorzien. Boten die voor of in de sluizen enige tijd stilliggen, brengen immers bedrijvigheid. Achteraf was ook te voorzien dat de zeevissers mogelijkheden zagen. Maar de tijdgenoten keken enigszins verrast toe hoe IJmuiden zich snel begon te ontwikkelen tot Nederlands grootste vissershaven.

Doorgaande ontwikkeling

We konden hier niet veel meer behandelen dan enkele in het oog springende aspecten van de geschiedenis van het Noordzeekanaal. Die geschiedenis staat en stond niet stil. De havens van IJmuiden werden groter en talrijker. Waar eens bruggen over het kanaal lagen – evenzoveel doornen in de ogen van de Amsterdamse havenbaronnen – liggen nu tunnels.

Bronnen

Joris Moes, Noordzeekanaal 1876-2001 (Amsterdam 2001).

J. van Venetien, Een haven in de Noordzee. Een waterweg naar Amsterdam. Historische reeks Midden-Kennemerland II (Beverwijk 2001).

Theun de Vries, Dick Schaap en Siebe Rolle, Eene plaats van grooten omvang. 1876-1976, honderd jaar IJmuiden en het Noordzeekanaal (IJmuiden 1976).

Allemaal ter inzage in de bibliotheek van het Noord-Hollands Archief.

Publicatiedatum: 05/01/2011