Nieuwe inzichten in bewoningsgeschiedenis Burghorn

In de polder Burghorn ten westen van Schagen werd in 2011 een proefsleuvenonderzoek uitgevoerd. Het onderzoek was bedoeld om vast te stellen wat er nog aanwezig is aan sporen en materialen van een woonplaats uit de middeleeuwen.

Luchtfoto van de Burghorn uit 1944.

Luchtfoto van de Burghorn uit 1944.Luchtfoto van de Burghorn uit 1944.

Duizenden scherven geraapt

Al jarenlang was bekend dat op ‘het land van Broersen’ heel veel middeleeuwse scherven en botten lagen en dat daar ook scherven uit de tijd van Karel de Grote tussen zaten. De Archeologische Werkgroep Kop van Noord-Holland besloot daarom, nog voor de uitvoering van het proefsleuvenonderzoek, tot een systematische veldverkenning, waarbij wordt opgetekend waar scherven worden gevonden. Zo kan men een goed overzicht krijgen van de concentraties van materialen en de verspreiding ervan. Er werden vele duizenden scherven geraapt, waarvan de oudste uit het laatst van de zevende eeuw dateren!

Verrassingen

Niet alleen het materiaal uit de vroegste periode is bijzonder, maar ook dat uit de eindperiode van de nederzetting. Tot nog toe werd aangenomen dat de Burghorn was overstroomd bij de stormramp van 1248 en dat daarbij ook de kerk van Schagen was verwoest. Dit kon eigenlijk niet kloppen, omdat aan het eind van de twaalfde eeuw al sprake is van herstel van de (zee)dijk die aan de zuidzijde van de huidige polder loopt. De gevonden scherven vertellen eenzelfde verhaal: er bevinden zich geen scherven uit de dertiende eeuw op het terrein.

Kogelpot is de sleutel

Dateringen in de archeologie hingen en hangen vaak aan het voorkomen en/of ontbreken van bepaalde aardewerksoorten. Zo leek de kogelpot, die vanaf 800 tot ver in de dertiende eeuw werd gebruikt, bijna niet te dateren. Er zijn wel wat verschillen, zoals welk materiaal er door de klei werd gemengd, de kleur en de randvorm, maar de grijze kogelpot in de laatste twee eeuwen van zijn voorkomen, was niet scherp te dateren. In de dertiende eeuw komt het zogenaamde ‘bezemstreek motief’ voor op de potten, maar onbekend is vanaf wanneer. Opmerkelijk is dat van de vele honderden kogelpotfragmenten in de Burghorn geen enkele is voorzien van dit motief, terwijl dat elders in Schagen en omgeving massaal voorkomt. We mogen nu dus veronderstellen dat deze versiering pas in zwang komt na 1170, de meest waarschijnlijk datum voor de grote overstroming.

IJzerwinning en -bewerking?

Tijdens de verkenningen werden vele kilo’s ijzerslakken gevonden, hetgeen er waarschijnlijk op duidt dat ter plaatse ijzer werd bewerkt. Dit is eerder in Schagen aangetoond voor de Romeinse tijd en de vroege middeleeuwen. Bekend is dat Schagen aan het eind van de middeleeuwen nog beschikte over een florerende messenmakerij. IJzer is een natuurproduct dat ontstaat in moerassige omstandigheden en die waren er in overvloed toen de gehele streek nog was bedekt door een dik pakket veen.

Oude verkaveling

Het land van Burghorn was dus voor 1000 al verkaveld en bewoond, overstroomde in 1170 en lag als een wadvlakte met slik en getijdengeulen ten prooi aan de zee tot de eerste Heer van Schagen in 1457 octrooi kreeg om de polder te bedijken. Er werd een nieuwe regelmatige verkaveling gelegd over de nieuwe polder zonder dat ooit sporen werden gevonden van wat voor de overstroming aanwezig was. Uiterst verrassend was dan ook een luchtfoto uit 1944, waarop grote delen van de oude verkaveling zijn te zien, evenals het verloop van de in 1170 doorgebroken dijk.

Dit verhaal maakt onderdeel uit van de campagne voor het nieuwe archeologiecentrum Het Huis van Hilde.

Publicatiedatum: 10/11/2011

Aanvullingen

Vul deze informatie aan of geef een reactie.

Plaats een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Vereiste velden zijn gemarkeerd met *. Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.