Inheems aardewerk uit de ijzertijd in Noord-Holland

Het oudste ijzertijdaardewerk dat je in Noord-Holland kunt vinden, is een voortzetting van het bronstijdaardewerk. Op Texel is dat verwant aan de potvormen uit het noorden van het land (Sleenaardewerk), in het Gooi een voortzetting van het Hilversumaardewerk en langs de kust in Kennemerland is er een aparte groep ontstaan. In West-Friesland bestaat nog een overblijfsel van de uitgebreide bronstijdbewoning met aparte stijlkenmerken die 'Hoogkarspel-jong' worden genoemd. Deze laatste groep verdwijnt uit West-Friesland en niet alleen omdat het daar te nat wordt. De aparte stijl kan ook geen stand houden binnen de leefgebieden elders in de provincie.

Ruinen-Wommels I pot gevonden te Opperdoes.

Ruinen-Wommels I pot gevonden te Opperdoes.Ruinen-Wommels I pot gevonden te Opperdoes.

Hoogkarspel-jong in Alkmaar

Er zijn tot nog toe maar weinig plekken waar aanwijsbare restanten van de Hoogkarspel-jonggroep zijn gevonden: Alkmaar, Den Helder en Heemskerk. Het aardewerk dat op Texel wordt aangetroffen, vindt al snel zijn weg naar het zuiden. Al in de achtste eeuw vóór de jaartelling vinden we bij Alkmaar veel aardewerk dat verwant is aan het Sleenaardewerk en zijn opvolger, het Ruinen-Wommelsaardewerk. Dit ‘Friese’ aardewerk zal in de loop van de eeuwen een steeds belangrijker plaats gaan innemen in de provincie en zal uiteindelijk het vormenrepertoire gaan overheersen.

Noord-Hollands aardewerk

In Kennemerland en de veengebieden achter de kust is inmiddels een aantal potvormen ontstaan die we kunnen betitelen als (Noord-)Hollands aardewerk. Binnen het dagelijks gebruik was er klaarblijkelijk behoefte om potten niet alleen qua grootte te laten verschillen, maar ook qua vorm. Dit heeft mogelijk te maken met verscheidene taboes op het vermengen van verschillende soorten voedsel.

Ruinen-Wommels I pot, eveneens gevonden te Opperdoes.

Ruinen-Wommels I pot, eveneens gevonden te Opperdoes.Ruinen-Wommels I pot, eveneens gevonden te Opperdoes.

Friese invloeden en vormvervlakking

In de vierde eeuw zien we voor het eerst de Friese vormen doordringen tot in Zuid-Kennemerland, maar daar zien we tezelfdertijd ook invloeden die uit Zuid-Holland afkomstig zijn. Blijkbaar is er tussen de verschillende bevolkingsgroepen sprake van uitwisseling. Dit zal meest waarschijnlijk zijn geweest in de vorm van uithuwelijken van vrouwen, waardoor men zich verzekerde van enige mate van veiligheid in de vorm van bondgenootschap. Dit had wel tot gevolg dat uiteindelijk de meeste van de potvormen op elkaar gingen lijken en dat de oude herkomst steeds moeilijker herkenbaar is voor de hedendaagse archeoloog. Ook is opmerkelijk dat in deze tijd van vormvervlakking de potten steeds vaker worden versierd. Of dit ook met taboes te maken heeft is niet duidelijk, maar niet onwaarschijnlijk.

Overal Friese cultuur

Als de Romeinen in Velsen komen in 15 n. Chr. treffen ze daar een bevolking aan die wel beïnvloed is door de noordelijke Friese cultuur, maar nog steeds ‘Hollands’ van karakter is. Zo worden vele potten nog steeds versierd, wat meer naar het noorden in de provincie al lang niet meer gebeurt. De aanwezigheid van de Romeinen en hun bondgenootschap met (noordelijke) Friezen zorgt er vrij snel voor dat overal in de provincie sprake is van een Friese cultuur.

Auteur: Frans Diederik

Dit verhaal maakt onderdeel uit van de campagne voor het nieuwe archeologiecentrum Het Huis van Hilde.

Publicatiedatum: 10/11/2011

Aanvullingen

Vul deze informatie aan of geef een reactie.

Plaats een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Vereiste velden zijn gemarkeerd met *. Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.