Mariastichting (Haarlem)

Wat heeft Bismarck te maken met het voormalig rooms-katholieke ziekenhuis de Mariastichting aan de Kamperlaan? Indirect veel. Bismarck, kanselier van het koninkrijk Pruisen, ontketende in 1871 de zogenaamde 'Kulturkampf', in het Nederlands: 'cultuurstrijd'. Pruisen had in de voorafgaande jaren grote delen van het Duitse rijk aan zich onderworpen. Bismarck wilde de interne eenheid van dit nieuwe rijk versterken. Het doelwit van deze strijd was vooral het katholieke volksdeel. Dit werd ervan verdacht eerder trouw te zijn aan Rome dan aan Berlijn. Nieuwe wetten beperkten de invloed van de katholieke kerk op het openbare leven. Eén slachtoffer daarvan was een franciscaanse zustergemeenschap in het Westfaalse stadje Salzkotten. Die gemeenschap mocht zich niet meer bemoeien met onderwijs en zocht nu een uitwijkplaats voor haar leden. Ze vond die onder andere in Nederland. Na zich eerst in enige andere plaatsen te hebben gevestigd, kwamen de zusters in 1885 ook naar Haarlem. Daar legden ze zich toe op verpleging van zieken.

Duitse zusters als Kulturkampf-vluchtelingen

De congregatie ‘Franziskanerinnen, Töchter der heiligen Herzen Jesu und Maria’ was in 1860 opgericht. Sinds 1863 heeft ze haar hoofdvestiging in Salzkotten, een stadje nabij Paderborn. De Franciscanessen van Salzkotten streefden naar het verenigen van religieuze contemplatie en actieve deelname aan het wereldse. Ze richtten zich vooral op het verzorgen en onderwijzen van weeskinderen. Door de Kulturkampf-wetten waren de zusters in 1875 gedwongen hun weeshuis te sluiten. Voor de ‘werkloze’ zusters moest naar andere ‘werkgelegenheid’ worden omgezien. Pruisisch Duitsland was ten tijde van de Kulturkampf geen goede plaats voor nieuwe katholieke initiatieven. Daarom zond moeder-overste Maria Clara, de stichtster van de congregatie, zusters naar het buitenland, naar Amerika en Nederland. De Salzkotter Franciscanessen vestigden zich hier eerst in Bovenkerk, Breukelen, Nederhorst den Berg, Noordwijk en Uithoorn. Vanuit de vestiging in Breukelen, gesticht in 1877, verleenden de zusters ook regelmatig ziekenzorg aan huis in Haarlem en Overveen. In 1885 richtte pastoor P.J. Thünissen, met steun van de bisschop, een officieel verzoek aan de congregatie om zich in Haarlem te vestigen. Doel van de vestiging was: ziekenverpleging aan huis, die op den duur zou moeten uitmonden in de stichting van een katholiek ziekenhuis.

Ziekenhuis de Mariastichting, vrouwenzaal.

Ziekenhuis de Mariastichting, vrouwenzaal.Ziekenhuis de Mariastichting, vrouwenzaal.

Franciscanessen in Haarlem

Op 16 september 1885 arriveerden de eerste vijf zusters uit Salzkotten in Haarlem. Ze namen hun intrek in een oude noodkerk aan de Spaarnwouderstraat. Het nieuwe Nederlandse filiaal droeg de Duitse naam ‘St. Franciscus Stift’. Aan de komst van de Franciscanessen was geen enkele ruchtbaarheid gegeven, waarschijnlijk omdat de zusters, zeker in het begin, vanwege de taalbarrière met publiciteit niet konden omgaan. Vanuit de Spaarnwouderstraat verrichtten de zusters hun verzorgende taken: het verplegen van zieken aan huis en zo nodig het verzorgen van hun huishouding. De Kroniek van het St. Franciscus Stift vermeldt dat hun werk veel waardering ondervond. Steeds meer zusters kwamen over uit Salzkotten om dat werk te verrichten. Hoeveel het er uiteindelijk waren, weten we niet. Een bepaling uit het reglement der zusters maakt duidelijk dat toch ook het kloosterleven niet bedreigd mocht worden door het werk in de wereld: de zusters mochten niet langer dan vier weken dezelfde patiënt verzorgen. Zo voorkwam men dat een al te persoonlijke band ontstond naast die met de medezusters.

Ziekenhuis de Mariastichting

Het vanaf het begin gewenste katholieke ziekenhuis opende zijn deuren in mei 1899. Dit was vooral te danken aan de grote inzet van pastoor Thünissen. Hij organiseerde de fondsenwerving, daarin bijgestaan door moeder-overste Ludovica van het St. Franciscus Stift. Toen in 1896 voor een redelijke prijs een stuk grond aan de Kamperlaan beschikbaar kwam, raakten de plannen in een stroomversnelling. Dankzij de inmiddels binnengekomen giften en aangevuld door een obligatielening van f 100.000,- konden architect en aannemer aan de slag. Het nieuwe ziekenhuis voldeed aan een grote behoefte en was al snel te klein. Uitbreidingen vonden plaats tussen 1907-1910 en rond 1920. Het ziekenhuis werd eind 2004 gesloten.

De Mariastichting als centrum van een migratiestroom

Te beginnen in 1899 en eindigend rond 1920 was de Mariastichting het centrum van een migratiestroom. In die periode werden honderden zusters uit Salzkotten voor kortere of langere tijd naar het Haarlemse ziekenhuis gestuurd. Een deel van hen bleef slechts gedurende een periode die varieerde van enkele maanden tot enkele jaren. Ze ontvingen een opleiding en nadat ze enige ervaring hadden opgedaan werden ze door de moedercongregatie in Salzkotten doorgestuurd naar een andere bestemming, meestal in Nederland of terug naar Duitsland. Als we even afzien van de bisschoppelijke eindverantwoordelijkheid op de achtergrond, kunnen we zeggen dat deze migratiestroom een opmerkelijke was. Hij bestond namelijk niet alleen geheel uit vrouwen, maar stond ook nog eens onder vrouwelijke leiding, te weten die van de moeder-overste van de congregatie in Salzkotten en de moeder-overste van de Mariastichting. Na 1920 kwam de verpleging in de Mariastichting meer en meer in handen van Nederlandse vrouwen, de medische staf was vanaf het begin Nederlands.

Bronnen

* H.W.J. de Boer en A.M.F. Dessing, Franciscanessen en Mariastichting. Episoden uit de geschiedenis van de Congregatie der Zusters Franciscanessen van Aerdenhout en het rooms-katholieke ziekenhuis de Mariastichting te Haarlem (Haarlem 1989).
P.J.M. de Coninck, Een les uit Pruisen. Nederland en de Kulturkampf, 1870-1880 (z.pl. 1998).

* Ter inzage in de bibliotheek van het Noord-Hollands Archief.

De Franciscanessen van Salzkotten hebben een website:
http://www.fcjm.de

Publicatiedatum: 11/12/2010