Klompen met hoge hakken in Het Klederdrachtmuseum

Bij klederdracht denk je eerder aan vissersplaatsen rond het IJsselmeer, en niet aan de Amsterdamse grachten. Toch is daar sinds 2016 Het Klederdrachtmuseum gevestigd.

Lees volgende verhaal

Het is nog geen tien uur in de ochtend, maar voor de deur van het ‘Dutch Costume Museum’ aan de Herengracht staan al twee Indonesische toeristen te wachten, die graag in klederdracht op de foto willen. Toch zijn het geen toeristen die de meerderheid uitmaken van dit medio geopende museum. Sinds vanaf 1 juli deze zomer de Museumkaart geldig is komt 70% van de bezoekers uit eigen land.

Made in China

Aan een tafel in de keuken, zodat ze zicht kan houden op de entree, vertelt Jolanda van den Berg waarom ze het museum heeft opgericht. “Ik houd van geschiedenis en design, van mooie dingen en van de verhalen die daar bij horen. Ik kom graag in kleine streekmusea, maar vond het jammer dat de kostuums over het hele land zijn verspreid; dat er niet één centrale plek is waar je dat allemaal kunt zien. Klederdracht is een belangrijk beeldmerk voor Nederland, maar als je een paar dagen Nederland aandoet, en alleen in Amsterdam blijft, dan vindt je wel veel souvenirwinkels met spullen ‘made in China’, maar geen klederdracht.”

Dat ze uiteindelijk op een mooie lokatie aan de Herengracht terecht is gekomen, ziet ze als een voordeel. “Dit is een prachtig zeventiende eeuws grachtenpand en dat geeft een leuke meerwaarde aan het museum.”

Jolanda van den Berg, directrice van Het Klederdrachtmuseum. Foto: Arnoud van Soest.

Erkend museum

Toen het museum in 2016 de poorten opende moest ze er natuurlijk eerst voor zorgen dat de loop er in kwam. “Ik had geen budget om de stad vol te hangen met posters. Je moet dus creatief zijn en sociale media gebruiken, zoals Facebook en Instagram.”
Maar minstens zo belangrijk is dat ze er in korte tijd in slaagde om als museum erkend te worden. “Museumregistratie heb je vooral nodig om de Museumkaart te kunnen accepteren. Dat was voor ons héél belangrijk, omdat daardoor veel Nederlanders weg bleven. Bovendien opent het feit dat je als officieel museum staat geregistreerd vele deuren. Zo kun je collecties van andere musea in bruikleen krijgen, je kunt fondsen aanschrijven. Kortom, je wordt voor vol aangezien.”

Het klederdrachtmuseum is een stichting, die zichzelf moet zien te bedruipen, omdat het geen overheidssubsidie krijgt. Vandaar dat het museum met een grote schare enthousiaste vrijwilligers werkt.

Frisse objecten

Als we door de zeven vertrekken van het museum dwalen, en onder andere een kast met prachtig beschilderd servies passeren, valt het op dat de objecten er fris uitzien. En passant kom je ook wat te weten over plaatsen die om hun klederdracht bekend staan: Spakenburg/Bunschoten, Staphorst/Rouveen, Hindeloopen, de Zeeuwse drachten en natuurlijk Marken en Volendam.

Zo leren we dat de vrouwen van Marken, als hun mannen op zee aan het vissen waren, hun tijd staken in het bewerken van kleding en huisraad, waardoor de Marker dracht van alle Nederlandse steekdrachten het rijkst versierd is met borduurwerk.

Vrouwen in klederdracht op een Botterdag. Foto: Header Persgroep.

Staphorst

De kostuums van de vaste collectie, die tijdelijk hebben moeten plaatsmaken voor de tijdelijke tentoonstelling met werk van hedendaagse modeontwerpers, heeft Jolanda van den Berg aangekocht bij particulieren, kostuumverenigingen en dergelijke. Mensen die graag meewerkten, zo legt ze uit. “Je hebt wel allerlei streekmusea, maar als je trots bent op iets dat wat van jezelf is en je woont bijvoorbeeld in Staphorst, dan is het aardig als je dat in de hoofdstad kunt laten zien. Daar komen immers de meeste bezoekers.

Op de vraag of ze tevreden is met de vaste collectie, zegt ze: “Het is natuurlijk nooit genoeg. We hebben twee jaar lang de vaste collectie getoond. Die collectie is nog niet volledig is, omdat we ruimte tekort komen; het liefst zou ik het pand hiernaast er bij willen huren.” Om er met een glimlach aan toe te voegen: “Misschien komt er nog eens een aardige mecenas die dat wil sponsoren, maar we kunnen nu een doorsnee laten zien van de meest aansprekende streekdrachten.”

Klompen met hoge hakken

Momenteel toont het museum kostuums en objecten van hedendaagse modeontwerpers, die zich hebben laten inspireren door Nederlandse klederdracht. Zo zien we klompen met hoge hakken van mode-ontwerpers Viktor & Rolf, die deel uitmaakte van hun najaarscollectie van 2007. In de vitrine staan een paar fraaie klompen met Staphorster stipwerk en Delfts blauw.

Van den Berg kreeg het idee voor deze tentoonstelling, omdat klederdracht toch een beetje over kan komen als oubollig en stoffig, zeker bij jongeren. “Ik wist dat er hele leuke tentoonstellingen zijn geweest met werk van hedendaagse mode-ontwerpers in het Zuiderzeemuseum en het Zeeuws museum. Die musea hebben werk voor deze expositie afgestaan. Daarmee kun je een jonger publiek laten zien dat modeontwerpers van nu zich nog steeds laten inspireren door wat we vroeger droegen, inclusief kleuren- en materiaalgebruik.”

Het museum biedt ook workshops aan, zoals Staphorst Stipwerk. “De vrouwen van Staphorst bestempelen hun stoffen met een speciaal soort verf. Dat levert heel kleurrijke patronen op. We doen dat nu elke woensdag in de keuken. De deelnemers krijgen dan tassen die ze zelf mogen decoreren. Dat is niet alleen leuk en creatief, maar je hebt er ook helemaal geen ervaring voor nodig.”

Walter Van Beirendonck. Foto: Marieke Bosma

Masterclasses

Verder organiseert het museum masterclasses met Gerard van Oosten, die in Staphorst de stoffen bedrukt. “Hij heeft ook de stoffen gemaakt voor Walter Van Beirendonck, één van de ontwerpers van wie je werk in de tentoonstelling kunt zien.”

Ook heeft het museum een educatief programma voor leerlingen van middelbare scholen en mode-academies. “Klederdracht is niet alleen oer-Hollands, maar aan die kostuums kun je ook zien dat er al eeuwenlang invloeden invloeden uit de wereld zijn geweest die we hebben verwerkt in wat we nu ons nationaal erfgoed noemen. Bovendien hebben alle landen wel een klederdracht waarmee mensen een groot deel van hun identiteit laten zien: wat hun zondagse dracht is, of ze wel of niet in de rouw zijn, of ze gaan trouwen. In al die culturen zie je veel overeenkomsten en die verhalen willen we graag vertellen.”

De tentoonstelling Contemporary Fashion is tot en met 31 maart 2019 in Het Klederdrachtmuseum te zien, Herengracht 427, Amsterdam. Zie ook: www. http://hetklederdrachtmuseum.nl.

Tekst: Arnoud van Soest

Written by:

Other posts by

Oneindig Noord-Holland maakt verborgen verhalen zichtbaar samen met:

Bekijk het gehele partneroverzicht