Huize Frankendael: lusttuin van Amsterdammers

De heremietenpop in de kluizenaarshut knikt met zijn hoofd en wijst met zijn hand op een doodskist met opschrift: Gedenk te sterven. Hij is zojuist in beweging gezet door de tuinman. Net als tegenwoordig wordt Frankendael in de jaren 1835 -1867 uitgebaat als pleziertuin met restaurant voor de Amsterdammers.

Lees volgende verhaal

Buitenplaats en lusttuin van Amsterdam(mers)

Huize Frankendael is de enige bewaard gebleven buitenplaats uit de zeventiende-eeuwse Watergraafsmeerpolder. Frankendael is uniek als buitenplaats in Amsterdam. Het is al eeuwen een sociale en culturele hotspot. Het is een buitenverblijf en tuin voor alle Amsterdammers.
 
Frankendael is een rijksmonument.

Frankendael

FrankendaelFrankendael

Voornaam verblijf

Het eerste buitenverblijf ter plaatse van Frankendael wordt rond 1660 gesticht door Nicolaas van Liebergen. Isaäc Balde laat er begin achttiende eeuw het nog bestaande huis bouwen en een formele tuin aanleggen. De naam Frankendael dateert uit zijn tijd.
 
Het vroeg achttiende-eeuwse huis ligt op de zuidwesthoek van het terrein. De omgrachting van het oorspronkelijke zeventiende-eeuwse perceel is grotendeels intact gebleven. Het huis bestaat uit een hoog representatief middendeel met de woonvertrekken, en aan weerszijden lagere rechthoekige vleugels met dienstvertrekken en koetshuis.

Vergroten en verfraaien

Door de volgende eigenaren Jan Gildemeester sr. en jr., worden in de jaren 1759-1800 het huis en de tuinen uitgebreid en verfraaid. Gildemeester sr. koopt in  de zandstenen fontein met beelden van beeldhouwer Ignatius van Logteren om deze in de as van het huis aan de gracht te plaatsen.
 
De komst van de fontein maakt verplaatsing van de entree en oprijlaan noodzakelijk en leidt tot de bouw van de nog bestaande rijke houten toegangspoort aan de Middenweg uit 1783. Architect Jacob Otten Husly (bekend van het stadhuis van Weesp, genootschap Felix Meritis en het stadhuis van Groningen) ontwerpt dit.

Stadstuin van Amsterdam

Van 1835 tot 1867 wordt Frankendael succesvol uitgebaat als plezier- en theetuin voor Amsterdammers. Daarna wordt kwekerij en tuinbouwschool Linnaeus er gevestigd en in 1882 wordt de stad Amsterdam eigenaar van het geheel. De tuinbouwschool wordt opgeheven, maar de functie van stadskwekerij blijft tot 1998 bestaan. 
Na het vertrek van de laatste bewoner is het huis gerestaureerd en opengesteld. De historische tuinen en de tuinen uit de tijd van de stadskwekerij zijn in 2005 hersteld en deels gereconstrueerd. Het geheel vormt nog altijd, of meer dan ooit, de buitenplaats van Amsterdam.
 
Landschap Noord Holland / Cultuurcompagnie

Written by:

Other posts by

Oneindig Noord-Holland maakt verborgen verhalen zichtbaar samen met:

Bekijk het gehele partneroverzicht