Hoe een halve stolp van de ondergang werd gered

De provincie Noord-Holland telt circa 500 provinciale monumenten. Afra Koomen-Arends (80) en haar vriend Huib Verleg (86) bewonen zo’n monument, in het oude centrum van Medemblik.

Het is een halve stolp, want een gewone stolpboerderij heeft een vierkant dak, met aan vier zijden een aflopend dak van 3,5 meter. De voormalige stadsboerderij, die in 1693 werd gebouwd (het jaartal staat nog steeds op het dak vermeld), heeft ook een vierkant dak, maar is aan de achterzijde helemaal recht.

In 1993 kochten Afra en haar inmiddels overleden man Martin Koomen de stadsboerderij annex opslag van Afra’s broer. Het pand is eeuwenlang een boerderij geweest en er heeft ook nog een melkwinkel in gezeten, maar zo rond 1917 is de boerderij in het bezit van de familie Arends gekomen.

De voormalige stadsboerderij aan ’t Achterom.

“Mijn opa had in Winterswijk een winkel van Sinkel, maar toen de spoorwegen daar een eigen winkel begonnen, raakte hij brodeloos. In Medemblik had hij twee broers wonen, antiquairs, die verschillende huizen bezaten. Zij nodigden Jacob uit naar Medemblik te komen, die vervolgens met een kraam, een zogenaamde glazen wagen, de Noord-Hollandse kermissen af ging om snoep en later ijs te verkopen. Die wagen stalde hij in de winter in de boerderij, die toen vooral als opslagplaats diende. Later is het ‘pakhuis’ in handen gekomen van mijn vader, die even verderop, op het Bagijnhof, een groentezaak had.” Een bordje aan de gevel herinnert er aan dat de boerderij lang als pakhuis in gebruik is geweest.

Afra Koomen-Arends in de keuken, die vroeger als paardenstal diende.

Boekhandel

Haar vader had niet alleen een groentezaak, maar omdat de concurrentie groot was (Medemblik telde ooit zes groenteboeren), trok hij er geregeld met paard en wagen op uit om fruit te verkopen in omliggende dorpen en in de Wieringermeer.

In 1993 kochten Afra en Martin Koomen de voormalige stadsboerderij. “Wij hadden een boekhandel in de Nieuwstraat, waar nu Stumpel in zit. De zaak was vooral bekend onder de naam Idema, want die heeft er een paar eeuwen in gezeten. De naam Idema hebben we dus altijd aangehouden.”

De slaapkamers bevinden zich op de plek waar ooit de hooizolder was.

Toen haar man 66 jaar werd, vond hij het welletjes. “Alles moest op de computer en daar had hij geen zin meer in.” De winkel werd verkocht en het echtpaar, dat drie kinderen had en boven de winkel woonde, moest op zoek naar een nieuw onderkomen. “Uiteindelijk kwamen we hier terecht. De boerderij zag er niet uit. Het was een afbraak, zeg maar gerust dat het een ruïne was.”

In acht maanden tijd verbouwde aannemer Wim Bakker, aan de hand van tekeningen van architect Wim Vlaming, de voormalige boerderij annex opslagplaats tot woning. “We kregen leuke reacties; mensen waren blij dat we de boel hebben opgeknapt.”

De stadsboerderij vóór de verbouwing.

In de voormalige paardenstal, waar Afra’s vader altijd zijn paard en wagen stalde, kwam de keuken en waar ooit de hooizolder was verrezen de slaapkamers en de opbergruimtes. In wat nu de woonkamer is, sloeg haar vader ooit de aardappels op. Een kachel zorgde er voor dat ze niet bevroren, zodat hij de piepers ook in de winter kon blijven verkopen. Afra: “Toen had je nog échte winters.” En oh ja, tijdens de Tweede Wereldoorlog, in 1944, hebben er nog tijdelijk vluchtelingen gewoond, omdat de Duitsers de Wieringermeer onder water hadden gezet.

Wie nu door de woning loopt, ziet een zee van ruimte, met een mooi uitzicht op een gracht, ’t Achterom, die de boeren vroeger gebruikten om hun koeien met een boot naar het weiland te brengen. Afra wijst naar buiten, naar het idyllische, witte bruggetje dat beide oevers van ’t Achterom met elkaar verbindt. “Dat was ooit een bruggetje met mooi bewerkte ijzeren paaltjes, maar die hebben ze weggehaald. Doodzonde.”

Het dak werd steeds hoger opgekrikt.

Tien kinderen

Nee, ze zou er nu niet meer weg willen, maar Afra herinnert zich nog dat ze het best wel een overgang vond, van de boekwinkel in de Nieuwstraat (Medembliks hoofdstraat) naar de stadsboerderij. De boekhandel was in een prachtig herenhuis gevestigd. En die boekwinkel was haar kindje. “Eigenlijk vond ik dat herenhuis véél mooier. Ik ben zelf in een huis op het Bagijnhof geboren, waar we met tien kinderen plus grootouders woonden. Dan is zo’n herenhuis best wel ruim. Ik ben er getrouwd, kreeg er mijn drie kinderen, kortom, daar heb ik mijn geschiedenis liggen.”

De voormalige stadsboerderij is een provinciaal monument en daar moest bij de verbouwing wel rekening mee worden gehouden. “Aan de buitenkant mocht niks worden veranderd. We mochten bijvoorbeeld geen dubbele ramen aanbrengen. Maar toen we een winter kregen waarbij het water naar binnen liep, mochten we er alsnog een raam voorzetten.”

Voor de bekleding van het dak werden de originele dakpannen gebruikt.

Afra is, net als Huib, een échte Medemblikker. Ze herinnert zich nog levendig bioscoop Scala aan het Bagijnhof, waar ze tegenover woonde. Een bioscoop die vermoedelijk rond 1985 de deuren sloot. Afra was een katholiek meisje en toen ze een keer met een protestantse vriend naar de film was geweest, werd ze thuis door haar vader opgewacht, die haar de les las. Twee geloven op één kussen, daar sliep de duivel tussen, zo ging dat in die tijd.

Huib knikt bevestigend. “Mijn ouders waren protestant en hadden een kruidenierszaak aan de Oosterhaven. Vroeger was het zo dat protestanten bij protestantse middenstanders kochten en katholieken bij katholieken.” Natuurlijk werd daar wel eens de hand mee gelicht. “Dan moest het stiekem,” zegt hij met een glimlach. “Mijn ouders waren redelijk ruimdenkend, dus als er Volendammers in de zaak kwamen, en die waren katholiek, dan werden die ook geholpen.” Principes zijn leuk, maar het moest natuurlijk niet te gek worden.

De oorspronkelijke balken zijn nog goed te zien.

Afra herinnert zich ook nog dat Scala – het zullen de jaren vijftig zijn geweest – de film De Tien Geboden vertoonde. “Daar ging iedereen naar toe. Dat was écht een belevenis, met al die mooie affiches en de indrukwekkende muziek die vóór de voorstelling werd gedraaid, en die tot wijd in de omgeving was te horen, om publiek te lokken.”

Het oorspronkelijk raam van de hooizolder.

Rita and the Golden Five

Als tiener mocht ze nog niet naar het café, dus uitgaan bleef meestal beperkt tot een kroketje trekken uit de automatiek van Ruigewaard in de Kruisstraat. “Als je patat wilde, belde je aan. Dan ging er een luikje open en werd je patatje in een klein, zwart, aangebakken pannetje voor je gebakken. En eens in de twee weken kon je dansen in hotel-restaurant ’t Wapen van Medemblik, in de Nieuwstraat. Dan traden bijvoorbeeld Rita and the Golden Five op.”

Sporen van de oude boerderij.

Tot slot nemen we de trap naar boven om de rest van het huis te bekijken. “Die verbouwing was nog een hele klus,” vertelt ze, want het oorspronkelijke  dak, waar riet in was verwerkt, moest intact worden gelaten. “Dat dak hebben ze gaande de verbouwing steeds meer omhoog gekrikt.”

In de verschillende vertrekken kun je de oorspronkelijke balken nog zien, maar uiteindelijk staan we dan onder het oorspronkelijke, 17e-eeuwse dak. Afra wijst op de originele dikke balken, die via een hefboomconstructie in elkaar zijn geschoven, zodat ze elkaar stevig op hun plaats houden. De verslaggever kan het niet laten om de eeuwenoude balken even aan te raken, in de hoop beelden van een heksenverbranding – of een ander 17e-eeuws tafereeltje – door te krijgen. Maar nee, er gebeurt niets. Nou ja, het kan niet altijd feest zijn.

Dikke steunbalken onder het dak.

Provinciaal monumentenschildje

Noord-Holland telt ongeveer 14.000 rijksmonumenten, duizenden gemeentelijke monumenten en 500 provinciale monumenten. De provincie beschermt monumenten die typisch zijn voor de provincie en die het unieke landschap ervan benadrukken. Denk aan stolpboerderijen, dijken, molens en gemalen. De provincie helpt eigenaren ook bij restauratie, herbestemming en verduurzaming van de monumenten. Met het aanbieden van de monumentenschildjes wil de provincie eigenaren van provinciale monumenten bedanken voor hun inzet en helpen meer bekendheid te geven aan ons erfgoed. Ook een schildje op uw provinciaal monument? Een monumentenschildje kan via een formulier kosteloos worden aangevraagd.

Medemblik, begin jaren dertig.

Tekst: Arnoud van Soest

Publicatiedatum: 15/01/2020