Het 19e eeuws stadsgezicht van Cornelis Springer

Hij werd ook wel de 'grootste schilder onder de architecten, en de grootste architect onder de schilders' genoemd. Hoewel zijn loopbaan begon en eindigde met een landschapsschildering was dit genre zeker niet zijn specialisme. Cornelis Springer (1817-1891) was een van de grootse schilders van stadsgezichten van de 19e eeuw. In een tijd van veranderende steden werd deze schilder beroemd vanwege zijn romantische weergave van de straten, de huizen en de mensen in de Hollandse steden. Springer reisde heel Nederland af om verschillende steden vast te leggen, toch schilderde hij één stad verdacht vaak: de Amsterdamse schilder was verzot op Enkhuizen.

De Zuiderhavendijk te Enkhuizen, Cornelis Springer, 1868

De Zuiderhavendijk te Enkhuizen, Cornelis Springer, 1868De Zuiderhavendijk te Enkhuizen, Cornelis Springer, 1868

Geboren Amsterdammer

Ongeveer op de plek waar nu de Athenaeum boekhandel gevestigd is, werd -toen het nog de Boommarkt heette- hier in 1817 als vierde zoon van de timmerman en aannemer Willem Springer, Cornelis Springer geboren. Toen Cornelis oud genoeg was mocht hij van zijn vader in de leer bij Andries de Wit (1768-1842). Deze meneer de Wit was een rijtuig- en huisschilder, en het was de bedoeling dat Cornelis in dit vak zou treden. Al snel kon Cornelis zo goed tekenen dat hij naar de tekenschool werd gestuurd. Hier ontwikkelde Cornelis zich zo snel dat hij op zijn 17e al werd uitgekozen om mee te doen aan de befaamde tentoonstelling ‘Levende Meesters’ in 1834. Dit was de start van een veelbelovende carriere.

Portret van Cornelis Springer, Willem Steelink (II), 1866 – 1928

Portret van Cornelis Springer, Willem Steelink (II), 1866 - 1928Portret van Cornelis Springer, Willem Steelink (II), 1866 – 1928

Begaafd Perspectief

Cornelis groeide op in een familie van timmerlui en bouwkundigen. Zijn oudste broer Hendrik Springer (1805-1867) was architect en gaf Cornelis les in het tekenen van het perspectief. Het is dan ook misschien aan deze achtergrond te wijden dat hij zich steeds meer op het stadsgezicht ging richten. De schilder was erg begaafd in de weergave van een correct perspectief. Na een reis in Duitsland langs de Donau in 1837 kwam Cornelis terug met een schetsboek vol met kathedralen, bruggen en kerkpleinen. Deze voorstellingen heeft hij lang onthouden en zien we in zijn latere schilderijen ook nog terug.

Oudezijds Voorburgwal te Amsterdam met rechts de toegangspoort van het Atheneum Illustre in de Agnietenkapel, Cornelis Springer, 1878

Oudezijds Voorburgwal te Amsterdam met rechts de toegangspoort van het Atheneum Illustre in de Agnietenkapel, Cornelis Springer, 1878Oudezijds Voorburgwal te Amsterdam met rechts de toegangspoort van het Atheneum Illustre in de Agnietenkapel, Cornelis Springer, 1878

De Zuiderzee-steden, schilderingen en de werkelijkheid.

Het grootste gedeelte van zijn leven heeft Cornelis Springer in Amsterdam gewoond en gewerkt. Toch reisde hij ter inspiratie vaak naar andere steden. Een van zijn meest geliefde plekken was Enkhuizen. De onderstaande schets die hij in 1864 maakte werkte hij maar liefst drie keer uit in een schilderij.
Tevens is dit een goed voorbeeld van hoe Cornelis te werk ging. Zoals zoveel schilders maakte hij eerst buiten een schets, die hij later in zijn Atelier uitwerkte. Het gebeurde zo ook wel eens dat de werkelijkheid zoals die buiten bestond, niet precies op die manier op het doek terechtkwam. In de warmte van het atelier pasten schilders de werkelijkheid dus wel eens aan naar de wensen van de geschilderde compositie. De topografische betrouwbaarheid van de werken van Springer is vóór 1850 dan ook niet bijster groot. Later stopt hij echter met dit ‘fantasieschilderen’.

Achter Driebanen in Enkhuizen, Cornelis Springer, 14 oktober 1864

Achter Driebanen in Enkhuizen, Cornelis Springer, 14 oktober 1864Achter Driebanen in Enkhuizen, Cornelis Springer, 14 oktober 1864

Fantasie-stadsgezicht met de kerktoren van Wijk bij Duurstede, Cornelis Springer, 1855.

Fantasie-stadsgezicht met de kerktoren van Wijk bij Duurstede, Cornelis Springer, 1855.Fantasie-stadsgezicht met de kerktoren van Wijk bij Duurstede, Cornelis Springer, 1855.

Nalatenschap

Cornelis Springer liet een enorm oeuvre achter. Met maar liefst 650 schilderijen, in een tempo van ongeveer 20 werken per jaar heeft hij vele jaren hard gewerkt.
Tegen het einde van zijn leven kreeg hij een aantal beroertes. Net toen hij een van zijn weinige landschappen had afgemaakt, overleed hij in 1891 op 74 jarige leeftijd.

Bronnen:

W. Laanstra, Cornelis Springer, geschilderde steden (Rokin Art Press) 1994.

W. Laanstra, H.C de Bruijn en Dr. J.H. A Ringeling, Cornelis Springer (1817-1891), (Tableau Utrecht, 1984).

Stedelijk Museum Kampen: Langs IJssel en Zuiderzee, Cornelis Springer en het Nederlandse Stadsgezicht in de 19e eeuw. Tentoonstellingscatalogus 2000.

Auteur: Maaike Hommes

Publicatiedatum: 04/09/2014