Een podium voor lokale geschiedenis

Noord-Holland kent zo’n honderd historische verenigingen, die zich elk op hun eigen manier met geschiedenis bezighouden. De meeste hebben zich toegelegd op de lokale of regionale historie. Tezamen vormen ze een bonte lappendeken van kennis over de geschiedenis van onze provincie.

Mensen voelen zich vaak onlosmakelijk verbonden met de plaats of streek waar ze vandaag komen. Met de speeltuin waar ze als kind speelden en de bakker op de hoek. De plek waar hun persoonlijke historie deel uitmaakt van een groter geheel. Die herkenning maakt lokale geschiedenis voor een groot publiek aantrekkelijk en toegankelijk.

Historische verenigingen die zich bezighouden met lokale of regionale geschiedenis geven een stem aan dit unieke gevoel van een plaats of streek. Zo vervullen ze een rol die de nationale geschiedenis nooit zou kunnen invullen. Daarnaast kunnen ze juist een prettige verdieping vormen op de landelijke geschiedenis. Ze vullen blinde vlekken in en spelen een relativerende rol bij landelijke tendensen. Denk aan de Gouden Eeuw, die er voor Haarlem totaal anders uit moet hebben gezien dan voor Wieringen.

Maar misschien wel de belangrijkste taak van lokale verenigingen is het verbinden van de geschiedenis met de plaatselijke belevingswereld van mensen. Hiertoe wordt vaak aansluiting gezocht bij concrete en herkenbare overblijfselen van het verleden. Zoals archeologische vondsten, gebouwen, monumenten en straatnamen, die het karakter van een plaats zichtbaar – en soms zelfs tastbaar – maken voor ieder die het wil zien.

Receptie t.g.v. 90 jaar Vereniging Haerlem, 1991. Collectie Historische Vereniging Haerlem, Noord-Hollands Archief.

Tot lering en vermaak

Maar die aantrekkingskracht is niet altijd vanzelfsprekend geweest. Voor de Tweede Wereldoorlog was er nauwelijks belangstelling voor lokale geschiedenis, daar kwam de afgelopen decennia gestaag verandering in. Aan het begin van de jaren zeventig waren er 128 lokale en regionale historische verenigingen in Nederland. In deze tijd ontstond ook het academische specialisme lokale geschiedenis. Rond 1985 was het aantal verenigingen al gegroeid tot 540 en tien jaar later telde Nederland maar liefst 1500 verenigingen.

Tegenwoordig kent de provincie Noord-Holland alleen al zo’n honderd verenigingen, gespecialiseerd in de lokale of regionale geschiedenis. De meeste verenigingen geven een aantal keer per jaar een eigen tijdschrift uit, sommige beschikken zelfs over een klein museum of oudheidkamer waar ze hun kennis en collectie tentoonstellen. Dit alles tot lering en vermaak.

Historische Markt Kennemerland in de Grote kerk te Beverwijk. Stand van de Historische Vereniging Oud-Uitgeest, 1995. Collectie Gemeente Velsen, Noord-Hollands Archief.

Kennisnetwerk

Hoewel de meeste historische verenigingen in de eerste plaats zijn gericht op het bewaren en uitwisselen van historische kennis – men wordt immers geen lid zonder oprechte interesse in de geschiedenis – dienen ze ook als sociaal netwerk. Een plek om met gelijkgezinden samen te komen en ideeën, herinneringen en ontdekkingen uit te wisselen.

Oneindig Noord-Holland streeft ernaar om een brug tussen de verschillende historische verenigingen van Noord-Holland te zijn. Een verbindende schakel in de kennis over onze provincie. Daarom nodigen we alle historische verenigingen van Noord-Holland uit om ons te ontmoeten tijdens het ONH Maandagmatinee, dat plaatsvindt op maandag 25 november 2019 in de Janskerk te Haarlem. Een middag vol aandacht voor de provinciale geschiedenis, met radiopresentator Stef Lokin als gastheer. Bekijk hieronder de uitnodiging en meld je snel aan!

Tekst: Sarah Remmerts de Vries

Bronnen:

  • Michielse, Henk e.a. red., Lokale geschiedenis tussen lering & vermaak (Hilversum 2004).
  • Leupen, Piet, ‘Remedie tegen Canonitis. Het belang van de regionale en lokale canons voor het gebied tussen Vecht en Eem – Ter inleiding’, in: Michielse, H. e.a., Historische canon tussen Vecht & Eem (Naarden 2009).

Publicatiedatum: 19/11/2019