De rijdende groenteman

Elke dinsdag rond half vijf drentelen de honden verwachtingsvol naar de poort. Ze richten hun kop naar de dijk en de tong likt langs hun lippen. Ze weten wat eraan komt: een appel! De rijdende groenteman hoort sinds mensenheugenis bij het Schermerlandschap, zoals koeien in het land, prut op de dijk en blauwe reigers aan de waterkant.

De wagen is volgeladen met glimmend fruit en verse groente. Hij rijdt van maandag tot en met vrijdag, weer of geen weer, langs de klanten van Zuidschermer tot Oterleek. Elk dorp en elke bewoner aan de dijk heeft zijn vaste dag en tijd. Vandaag wachten de honden tevergeefs.

Ad Molenaar, de rijdende groenteman.

Beeld uit het boek ‘Hier kan ik ademen’. Foto: Johan Witteman.

Ad Molenaar, de rijdende groenteman.Ad Molenaar, de rijdende groenteman.

Traditie armer

In juni van 2006 vonden alle vaste klanten een eenvoudig briefje bij hun bestelling van die week. “Beste klant, volgende week kom ik niet meer. Bedankt voor de jarenlange klandizie.” Punt. En dat was dat.
Hiermee is de polder een traditie armer. Ad en Tineke Molenaar zitten er niet mee. Ze zijn er naartoe gegroeid. Het moest niet, zoals veel mensen denken. Ze konden hun brood er nog best mee verdienen. Het waren allemaal kleine dingen bij elkaar. Hij was vaak pas om negen uur ’s avonds klaar met al het werk en zij was door de groentewinkel al die jaren aan huis gekluisterd. Dat ging wringen op den duur. Uiteindelijk besloten ze om zowel met de dorpswinkel als met de rijdende groentekar te stoppen.

Schermerhorn, 1930

De grootouders van Ad begonnen op 1 januari 1930 met de zaak in Schermerhorn. Grootmoeder deed de winkel en grootvader ging uit venten met paard en wagen. Zijn vader nam het over. Ad begon als jonge jongen van zestien jaar te helpen en toen hij achttien werd kreeg hij zijn eigen wagen. Toen namen hij en zijn vrouw het over van zijn ouders. Zij runde de groentewinkel in ‘de schuur’ naast hun huis en hij laadde voor dag en dauw zijn groente en fruit op de wagen. Vijfendertig jaar lang ging hij alle dagen met een volgeladen wagen langs de klanten. Ook op zaterdagen tot hij daar tien jaar terug mee stopte.
 
Hij ontdekte dat de mensen graag aan zacht fruit willen voelen. Daar was op zijn wagen geen sprake van. “Je moet ruiken of kijken, niet voelen! Daarom zette ik de kisten met perziken altijd in het midden van de wagen. Daar kon alleen ik bij. De uien zette ik aan de rand. Maar hoe mooi die ook waren, er was niemand die daar aan wilde zitten.”

Wel en wee van de klanten

Ad leefde mee met het wel en wee van zijn klanten. Het scheelde soms weinig of hij was bij een bevalling aanwezig. Hij zag kinderen opgroeien waarvan sommige later zijn klant werden. Hij genoot van zijn werk. Van een klap op de schouder in het voorbijgaan, een praatje of een geintje. Zelfs van die rothonden die hij met een appeltje stil kreeg. Sommige klanten zag hij nooit. Hun boodschappenbriefje lag wekelijks op de vaste plek en het geld werd iedere maand netjes op zijn rekening gestort. Van anderen kreeg hij de sleutel zodat hij de bestelling op een veilige plaats binnen kon leggen.

Een ander leven

De groentewinkel naast hun huis ziet er van buiten nog precies hetzelfde uit als voorheen. Binnen zijn de schappen leeg. De weegschalen en het groenterek staan te koop en wachten op hun nieuwe bestemming.
Hij heeft zijn laatste ronde langs de klanten erop zitten. Ze stonden overal te wachten om afscheid van hem te nemen, vaak met een presentje. Hij vond het mooi, maar heeft er geen traan om gelaten.
 
Ad gaat over een paar weken aan het werk als ‘chef aardappelen en groente’ bij een supermarktketen. Al heeft hij geen idee hoe het toegaat in zo’n winkel, want hij is er nog nooit in geweest. Wat hij wél weet, is dat hij vaste werkdagen krijgt, om vijf uur klaar is en geen last meer heeft van administratie in de avonduren. Ze zijn geen grootse dingen van plan met dit nieuwe leven. “We gaan gewoon genieten. Lekker fietsen naar zee, een terrasje pakken of een koppie doen bij vrienden. Vrij van zorg door het leven. Daar zijn we aan toe.”
 
Auteur: Tanja Schermerhorn.

Deze tekst is een bewerking uit het boek ‘Hier kan ik ademen, portretten uit de Schermer’ (Stichting Uitgeverij NH, 2008).

Ad Molenaar.

Beeld uit het boek ‘Hier kan ik ademen’. Foto: Johan Witteman.

Ad Molenaar.Ad Molenaar.

Publicatiedatum: 30/12/2010

Aanvullingen

Vul deze informatie aan of geef een reactie.

Plaats een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Vereiste velden zijn gemarkeerd met *. Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.