Neanderthalers: de eerste mensen in het Gooi

De akkers in het Corversbos bij Hilversum vertellen een bijzonder verhaal over de eerste bewoners van het Gooi – en daarmee van Noord-Holland. Zo’n 120.000 jaar geleden was de Neanderthaler de allereerste mens die voet zette in het Gooi en overal zijn sporen achterliet.

Paleolithische vondsten ook in westelijk Nederland

Sinds in 1969 de eerste door Neanderthalers bewerkte vuurstenen werden gevonden op de akkers van Natuurmonumenten in het Corversbos, zijn er in het Gooi tal van werktuigen van vuursteen en zogeheten afslagen van deze oermens geborgen. Ruim honderd in het Corversbos, zo’n drieduizend stuks op de stuwwal van Huizen en een aantal op diverse vindplaatsen waaronder de Blaricummerheide, de Aardjesberg bij Hilversum, de Hengstenberg en de Hoorneboegse Heide.
In archeologische kringen zorgde de ontdekking in het Corversbos destijds voor de nodige ophef. In ons land zijn maar op drie plekken zo veel bewerkte vuurstenen van Neanderthalers aan de oppervlakte gevonden: behalve in het Corversbos ook op de stuwwal van Huizen en in Mander (in Overijssel). En niet eerder werden zo westelijk in Nederland vondsten uit het paleolithicum – de steentijd – gedaan. De oudste vondsten van de eerste mensen in het Gooi stammen uit het midden-paleolithicum (300.000-35.000 jaar v.Chr.) en dateren van ongeveer 120.000 jaar geleden.

Neanderthaler. Zo zou de Neanderthaler-mens er hebben kunnen uitzien. Moderne impressie door Jay Matternes.

Goede habitat

Na de ijstijd ontstond in het Gooi een woonomgeving (habitat) waarin de prehistorische mens zich goed thuis voelde. Hoogstwaarschijnlijk trokken de Neanderthalers mee met de trekroutes van grote dieren, zoals het uitgestorven reuzenhert en de oeros. In groepen werd dan op deze dieren gejaagd. Door de afhankelijkheid van hun ‘voedselbronnen’ hadden deze eerste bewoners van het Gooi geen vast onderkomen, ze leefden feitelijk als nomaden. Ze trokken met de dieren mee, maar waarschijnlijk gebruikten ze steeds opnieuw dezelfde plekken, zoals in het Corversbos, om hun kampement op te slaan.

Vuurstenen werktuigen

De Neanderthalers maakten dankbaar gebruik van de uit het noorden afkomstige vuurstenen die na de eerste ijstijd waren achtergebleven. Zij vervaardigden er hun werktuigen van. Op de akkers in het Corversbos zijn vooral vuurstenen schaven, krabbers en andere huishoudelijke werktuigen gevonden van ongeveer 120.000 jaar oud. Het kampement in het Corversbos zal niet het enige zijn geweest. Zeer waarschijnlijk hebben rondtrekkende groepen Neanderthalers het hele Gooi gebruikt. Op de Hoorneboegse Heide aan de zuidkant van Hilversum werd bijvoorbeeld een zeldzame vuurstenen ‘pointe de Tayac spits’ van de late Neanderthalers gevonden van circa 55.000-35.000 jaar oud. Een andere belangrijke late Neanderthalervindplaats (circa 50.000-30.000 jaar oud) is gelegen op de noordoostzijde van de stuwwal van Huizen.

Reconstructie van Neanderthalers en hun habitat. Via Pixabay.

Wie waren de Neanderthalers?

De Neanderthalervindplaats in het Corversbos en die op de stuwwal van Huizen spreken erg tot de verbeelding. Maar wie waren de Neanderthalers nu precies? Eigenlijk weten we daar nog maar weinig van. Vanaf het moment dat de eerste schedel in de 19e eeuw in het Duitse Neanderthal – tussen Düsseldorf en Wuppertal – werd ontdekt, kon men zich er weinig bij voorstellen. Lange tijd werd gedacht dat het onderontwikkelde mensen waren en nog steeds overheerst dit stereotype, maar allang achterhaalde beeld van een aapachtige oermens met veel beharing, gehuld in berevellen en steevast met een knuppel in zijn vuist. Steeds meer groeit gelukkig het besef dat de Neanderthalers geen brute holenmensen waren. Veeleer vormden ze een mensensoort die op veel vlakken superieur was aan de huidige mens. Zo waren ze veel beter opgewassen tegen de zware klimatologische omstandigheden waarin zij leefden, zo’n twee keer krachtiger en in de jacht konden ze het opnemen tegen de grootste roofdieren. Ook op intellectueel gebied waren zij niet onontwikkeld. Ze leefden en jaagden immers in groepen, wat een goede coördinatie, planning, communicatie en vaardigheden vergde.

Verdwenen?

De oorzaak van het verdwijnen van de Neanderthalers na een periode van ruim 200.000 jaar (de huidige mens bestaat pas zo’n 50.000 jaar) was lange tijd een groot raadsel. Uit recent DNA-onderzoek blijkt dat in de moderne mens nog een beetje Neanderthaler-DNA is terug te vinden. De theorie is nu dat de Neanderthalers zijn verdrongen door de moderne mens toen die getalsmatig de overhand kreeg. Door kruising zijn de Neanderthalers als het ware ‘opgelost’ in de moderne menssoort. In die zin zijn de Neanderthalers dus niet uitgestorven, maar leven ze voort in eenieder van ons. Zo bekeken zijn de eerste bewoners van het Gooi dus in meer dan één opzicht onze voorouders.

Bronnen

Neanderthalervondsten zijn te zien in het Geologisch Museum Hofland te Laren (N-H) en in het Huis van Hilde te Castricum.

Publicatiedatum: 21/02/2013

Aanvullingen

Vul deze informatie aan of geef een reactie.

Plaats een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Vereiste velden zijn gemarkeerd met *. Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.