De bokaal van de Hondsbossche

De huidige waterschappen in Nederland zijn stuk voor stuk moderne organisaties. Maar dat betekent niet dat ze geen gevoel voor de historie en traditie hebben. Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier kent bijvoorbeeld nog steeds een schouwmaaltijd.

Bij ieder waterschap vindt en vond in de herfst een grote controle of schouw van de dijken en sloten plaats. Is alles gereed voor de winter met storm en regen? Na afloop van een lange dag in de buitenlucht zette het bestuur zich aan tafel voor het schouwmaal. Daar stond dan ook de hensbeker gereed.

Achter de Hondsbossche

Het Hoogheemraadschap van de Hondsbossche beheerde de gelijknamige zeewering bij Petten. Ieder jaar kwamen de leden van het algemeen bestuur, de hoofdingelanden, in vergadering bijeen in het ‘gemeenlandshuis’ bij Petten. Dit was een groot pand voorzien van slaapkamers met bedsteden en stallen voor de paarden. De eigen kastelein van het hoogheemraadschap zorgde voor het natje en het droogje. Na de bezichtiging van de zeewering en een vergadering ging het hele gezelschap aan tafel. Dan kwam ook de ‘hensbeker’ te voorschijn. Het ging om een reusachtige achtkantige zilveren bokaal met een gewicht van ruim 2,5 kilo. Er pasten enkele flessen wijn in. Een nieuw bestuurlid eindigde dan ook niet zelden laveloos onder tafel. De hensbeker heette ‘De Albrecht’, naar hertog Albrecht van Beieren, die het hoogheemraadschap eind veertiende eeuw gesticht zou hebben.

Het beeldje van Neptunus op het deksel van de nieuwe hensbeker van de Hondsbossche uit 1815.

Het beeldje van Neptunus op het deksel van de nieuwe hensbeker van de Hondsbossche uit 1815. Beeld: Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier.

Henze of hanze

De hensbeker diende om de onderlinge banden te bevestigen. Henze of Hanze betekent niets meer of minder dan ‘broederschap’. Bij de hensbeker gaat het om een fraaie beker van glas of zilver voorzien van het wapen van het waterschap. Ze werden eerst vooral gebruikt bij het ritueel ter verwelkoming van nieuwe bestuursleden. Die kregen de tot de rand met wijn gevulde beker voorgezet. Ze moesten hem liefst in één enkele teug ‘ad fundum’, tot de bodem, leegdrinken en toasten op de groei en de bloei van het waterschap. Sommige waterschappen hadden ook nog een speciale strafbeker op tafel klaar staan. Mislukte de toast of werd de hensbeker niet vlot genoeg geledigd, dan moest de ongelukkige die er nog achteraan uitdrinken. Bij het in 1921 opgeheven Hoogheemraadschap van de Hondsbossche was deze traditie misschien wel het verst ontwikkeld.

De stam van de nieuwe hensbeker van de Hondsbossche uit 1815: een met wingerd en rijpe druiventrossen omwoekerde boomstronk.

De stam van de nieuwe hensbeker van de Hondsbossche uit 1815: een met wingerd en rijpe druiventrossen omwoekerde boomstronk. Beeld: Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier.

Vrije visvangst in de Noordzee

Er stond gelukkig wel een beloning tegenover deze prestatie. Iedereen die de hensbeker van de Hondsbossche had uitgedronken kreeg voor de grap een speciaal privilege of voorrecht mee. Dat was zogenaamd verleend door de zeegod Neptunus en stond de gelukkige de vrije visvangst en jacht toe in en langs de hele Noordzee:

‘Van Petten tot Jarmuiden [Yarmouth] toe de heele Noordzee door,
Te voet, te paard, op os op koe, op al dat u komt voor;
Ja, met drie lange honden [jachthonden] nog, en met een brak daar-bij,
Op cabbeljauw, op haas, op rogh, op alles wat het zij;
Op hart, op kreeft, en op conijn, en ook op schelvis,
Op alicruyck, op dollephijn, op leeuw, beer en bruinvis;
Op pieterman en op zeepost, op walvis en garneel,
Op schol, op bot, op loose vos, op tarbot en makreel;
Op zalm, haring en steur, op zeehond en zeekat,
Op mosselen, oesters na uw keur [keuze], op walvis en schilpat;
Ook vleet en heijlbot, soo se ‘er is, en elft leydt voor u ree [gereed],
Ja zelfs de schar, die soete vis, ’t patrijsje van de zee’.

Detail van de kelk van de nieuwe hensbeker van de Hondsbossche met de familiewapens van de schenkers.

Detail van de kelk van de nieuwe hensbeker van de Hondsbossche met de familiewapens van de schenkers. Rechts het wapen van secretaris-penningmeester Gijsbert Fontein Verschuir. Beeld: Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier.

De nieuwe beker

Helaas werd de oude hensbeker in 1795 bij de overheid ingeleverd en versmolten. Dat was toch wel een gemis en in 1815 lieten de bestuursleden op eigen kosten een nieuwe beker maken. Ze schonken hem aan het Hoogheemraadschap van de Hondsbossche. Die beker is nog steeds in de collectie van het huidige Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier aanwezig. Het deksel wordt bekroond door een beeldje van zeegod Neptunus. Rondom de kelk zijn de familiewapens van de schenkers gegraveerd met hun namen eronder. De stam wordt omstrengeld door een wingerd met rijpe druiven.

Hensbeker van de Hondsbossche.

Hensbeker van de Hondsbossche. Details: Jaarletter F (1815), meesterteken HS (Hendrik Smits), winkeliersmerk ‘Diemont’, merk voor het eerste gehalte. Hoogte inclusief deksel 49 cm. Beeld: Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier.

Boekje ter tekening

In het familie-archief van rentmeester-secretaris Gijsbert Fontein Verschuir is de kwitantie bewaard gebleven. Zo weten we dat de beker 336 gulden en 3 cent heeft gekost. Hij werd gemaakt door de Amsterdamse zilversmid Hendrik Smits. Bij de beker hoort een boekje waarin een ieder die hem had uitgedronken moest tekenen. Tegenwoordig wordt de hensbeker van de Hondsbossche niet meer gebruikt, maar hij staat nog wel steeds bij de schouwmaaltijd van Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier op tafel te pronken.

Publicatiedatum: 07/06/2011