Brave Hendrik

"Kent gij Hendrik niet, die altijd zoo beleefd zijnen hoed afneemt als hij voorbij gaat? Vele menschen noemen hem de brave Hendrik, omdat hij zoo gehoorzaam is, en omdat hij zich zoo vriendelijk jegens ieder gedraagt", opent Nicolaas Anslijn zijn 'De brave Hendrik', een negentiende-eeuws leesboekje voor jonge kinderen. Tegenwoordig heeft 'brave hendrik' een negatievere toon en wordt de uitdrukking veelal in verband gebracht met een slap en bangig persoon of iemand die op overdreven wijze de regeltjes volgt, die nooit kattenkwaad zal uithalen of ergens tegenin zal gaan. Wanneer is iemand volgens jou een brave hendrik?

Brave hendrik

Pen- en potloodtekening van de uitdrukking/eponiem ‘brave hendrik’

Brave hendrikBrave hendrik

Van dapper naar braaf

Oorspronkelijk duidde het woord ‘braaf’ op ‘dapper’ en ‘woest’, net als dat het Engelse ‘brave’ dat nog steeds betekend. Iemand die braaf was, was moedig, niet bang voor gevaar en had een sterk moraal. ‘Braaf zijn’ kreeg in de loop der tijd echter steeds minder met heldhaftigheid te maken en veranderde in term die vooral eerzaamheid en gehoorzaamheid betekende. Brave Hendrik werd vervolgens in de negentiende eeuw de verpersoonlijking van een buitengewone zoetheid, na de publicatie van een gelijknamig leesboekje voor jonge kingeren van de schrijver Nicolaas Anslijn. De braafheid en zwaar opvoedkunde toon stralen er vanaf:

“Als Hendrik zoo braaf is, dan zal hij ook zijne ouders wel liefhebben. Alle brave kinderen hebben hunne ouders lief. Ja, hij heeft zijne ouders zeer lief, daarom is hij ook altijd zoo vrolijk en vergenoegd. Hij krijgt toch geen lekker eten en drinken, en hij heeft geene mooije kleederen: hoe kan hij dan zoo vergenoegd zijn? Gelooft gij dan, dat men lekker eten en drinken, en mooije kleederen moet hebben om vergenoegd te wezen? – Ik niet. Maar, daar komt Hendrik aan, wij zullen het hem zelven vragen.
Jan: Ha! goeden morgen vriend Hendrik! Hoe komt het toch, dat gij altijd zoo vrolijk en vergenoegd zijt?
Hendrik: Wel, dat is eene zonderlinge vraag. Zijt gij dan niet tevreden? Ik heb alles, wat ik noodig heb, en zou ik dan niet vrolijk en vergenoegd zijn?
Willem: Ja, maar gij hebt toch geen lekker eten en drinken.
Hendrik: Ei! zijt gij zulk een vriend van lekker eten en drinken? Ik lust het ook wel. Maar mijn vader zegt, dat het lekkerste eten en drinken dikwijls schadelijk is, en dat men matig moet zijn om gezond te wezen.
Willem: Ik geloof, dat uw vader u maar iets wijs maakt.
Hendrik: Neen, dat doet mijn vader niet. Hij zegt het tot mijn best. Hij weet ook beter, wat mij nuttig is, dan ik het weet.”
Hendrik heeft geen fraaije kleederen, maar zij zijn altijd even zindelijk. – Men ziet nooit een vlekje daaraan. Wat is toch de reden, dat Hendrik altijd zoo netjes voor den dag komt? Zijne ouders zullen hem zeker dikwijls nieuwe kleederen koopen. Neen, dat doen zij niet. – Ik heb laatst zijn broertje daarnaar gevraagd, en die zeide mij, dat zijn broêr altijd zorg draagt, dat hij zijne kleederen niet verwaarloost. Als hij zich des avonds uitkleedt, dan legt hij zijn goed ordelijk op eenen stoel. Hij laat nooit zijne kleederen door de kamer zwerven, zoo als slordige kinderen doen.”

“Wie zou daar niet naar trachten!”

Brave Hendrik kan niets fout doen in het verhaal van Anslijn, ook op school niet:

“Een kind, dat zoo braaf is als Hendrik, zal ook gaarne school gaan. Twijfel niet daaraan. Ieder braaf kind weet wel, dat er in de school veel nuttigs te leeren is. Hendrik verzuimt zelden eenen schooltijd. Hij is altijd gaarne in de school, en is daarin even zoo gehoorzaam als te huis bij zijne ouders. Hij doet nooit zijnen meester verdriet aan. Hij kent altijd zijne lessen. De meester behoeft nooit tegen hem te zeggen: Hendrik! let op!”

Anslijn besluit zijn verhaal met een morele les:

“Kinderen! wij zouden u nog veel van den braven Hendrik kunnen vertellen; maar als hij dit boekje eens in handen kreeg, dan zou hij maar beschaamd worden, als hij zag, dat hij zoo zeer geprezen werd, en dat willen wij niet, – wij willen den goeden Hendrik niet beschaamd maken.
Lieve kinderen! volgt slechts het voorbeeld van Hendrik, en het zal u altijd welgaan.

Een deugdzaam kind
Ziet zich bemind
Bij alle brave menschen:
Wie zou daar niet naar wenschen?
Maar grooter loon
En eere-kroon,
Kan hij bij God verwachten:
Wie zou daar niet naar trachten!”

Braaf tegenover brave hendrik

De moedige brave hendrik veranderde in een zoete gehoorzame brave hendrik, die in de loop der tijd veranderde in een sufferd, iemand die niets durft. De tijdsgeest veranderde. Het braaf in de negentiende eeuw en het ideaal van de brave Hendrik in Anslijn zijn verhaal, waren niet langer het goede voorbeeld. Hierdoor is ‘braaf’ juist het tegenovergestelde gaan betekenen van dat waar het eerst voor stond. Nu is een brave hendrik veelal iemand die iets niet durft en geen risico’s neemt, terwijl ‘braaf’ oorspronkelijk werd gebruikt om iemand te omschrijven die weinig vreesde.

Ganzevoet

Brave hendrik is niet alleen een uitdrukking, maar ook een plant: de ganzevoet, of ‘Chenopodium bonus-henricus’. Het is een in Nederland uiterst zeldzame vaste plant die in de zomer vol in bloei staat. Net als de brave hendrik van Anslijn doet de plant ook wat goed. Het is namelijk een oude groente en bovendien geneeskrachtig. Geplukte bladeren zijn slechts één dag houdbaar, maar kunnen als spinazie gegeten worden. En de wortels kunnen worden gebruikt tegen hoesten bij schapen.Auteur: Liza Koppenrade

Bronnen

Brave Hendrik. Een leesboekje voor jonge kinderen, door Nicolaas Anslijn, http://www.dbnl.org/tekst/ansl002brav01_01/index.php

Brave hendrik, https://onzetaal.nl/taaladvies/advies/brave-hendrik

Publicatiedatum: 18/05/2016

Aanvullingen

Vul deze informatie aan of geef een reactie.

Plaats een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Vereiste velden zijn gemarkeerd met *. Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.