Bijzondere kuilen in het Geestmerambacht

Wie in de buurt van Alkmaar woont, kent het Geestmerambacht vooral als een plek om te wandelen of te zwemmen. Weinig mensen weten dat onze voorouders 2500 jaar geleden ook al gebruikmaakten van dit gebied. Uit archeologisch onderzoek in het nieuwe deel De Druppels (2008-2011) blijkt dat het gebied al eeuwen wordt bewoond. Bij de opgraving zijn zeer bijzondere kuilen gevonden.

Getijdengebied

Het Geestmerambacht is lange tijd onder invloed van water geweest. Vòòr 2500 v.Chr. bereikte de zee het land nog. Langzaam veranderde dat en werd het een getijdegebied, zoals je dat nu nog op Texel kunt vinden. Het overstroomde regelmatig en doordat het grondwaterpeil steeg ontstond rond 1250 v.Chr. een veengebied. Daarna kreeg het gebied weer droge plekken en werd het geschikt voor menselijke bewoning. Het oudste bewijs voor bewoning zijn sporen uit de late ijzertijd (rond 250 v.Chr.). Verder zijn er ook vondsten uit de Romeinse tijd tot en met de nieuwe tijd (100-1800 n.Chr.).

Uitsnede van de kaart van recreatiegebied Geestmerambacht. Linksboven deelgebied De Druppels waar de opgravingen plaatsvonden. Bron: www.geestmerambacht.nl

Romeinen in de Geestmerambacht?

Woonden er dan Romeinen in de Geestmerambacht? Dat is onwaarschijnlijk. We noemen deze periode de Romeinse tijd omdat de Romeinen in deze periode macht hadden over een groot deel van Europa, waaronder het zuidelijke deel van huidig Nederland. Het Geestmerambacht lag echter in het gebied dat door de lokale bevolking bewoond werd, namelijk de Friezen. De vondsten hebben ook geen Romeinse kenmerken.

Friese boeren

De mensen die er woonden waren waarschijnlijk boeren. Uit de verschillende sporen blijkt dat er in de Romeinse tijd boerderijen hebben gestaan. Dit weten wij omdat er greppels zijn gevonden en waterputten en waterkuilen. Waterkuilen zijn grote kuilen waarin water werd opgeslagen. Deze vondsten geven aan dat er ook boerderijen geweest moeten zijn. Deze zijn zelf helaas niet teruggevonden. Uit de vondsten blijkt dat de boeren vee hielden en granen verbouwden. Zo zijn er botten van runderen gevonden en erven met graanresten.

Rituele kuilen

Behalve de waterkuilen werden er ook bijzondere kuilen gevonden. Kuilen zelf komen vaak tevoorschijn bij archeologisch onderzoek. Vaak werden kuilen als vuilnisstort gebruikt of om vuur te maken. De kuilen uit  Geestmerambacht hadden echter een zeer bijzondere inhoud. Sommige kuilen bevatten complete potten. Dat is raar, omdat je een pot die heel is niet zomaar weggooit. Daarom kan het hier niet gaan om een afvalkuil. Complete potten vind je eigenlijk alleen bij rituele plekken of begravingen. Daarnaast zijn er kuilen met gedeeltelijke begravingen van rund en schaap of geit (de verschillen tussen de botten van schapen en geiten zijn te klein om een onderscheid te kunnen maken). Deze dieren worden normaal gesproken niet begraven. Er zijn ook kuilen met zogeheten ‘markeringsbotten’. Dit zijn schedels en beenderen van honden, paarden en vogels waarvan we weten dat het geen slachtafval is. Aan die botten zit namelijk geen vlees. Archeologen denken daarom dat de kuilen een speciale, en misschien rituele, betekenis hadden. In Noord-Holland zijn meer plekken gevonden met precies zulke kuilen. Helaas zijn er geen mensen meer die ons kunnen vertellen waarom ze die kuilen gegraven hebben. Wellicht dachten ze dat ze op deze manier het land vruchtbaar konden maken.

Complete pot uit een bijzondere kuil uit de Romeinse tijd (100-200 n.Chr.). Bron: Huis van Hilde, inventarisnummer 9015-04.

Dobbelsteen

Behalve potten en beenderen is ook een unieke vondst gedaan. Een bewijs dat Geestmerambacht ook toen al een plek was om plezier te hebben. In een kuil uit de Romeinse tijd is namelijk een dobbelsteen gevonden. Daarmee is het dobbelspel één van de oudste bekende spelletjes van Noord-Holland. De dobbelsteen is gemaakt van ongebakken aardewerk. Hij ziet er wel anders uit dan onze dobbelstenen. Zo is de vorm meer rechthoekig en zitten de cijfers op een andere plek. Bij deze dobbelsteen zitten de cijfers als volgt op de zijkanten: 1+6, 2+3 en 4+5; bij een moderne dobbelsteen zitten de cijfers als 1+6, 2+5 en 3+4 (bij elkaar altijd 7). Of de dobbelsteen ook een onderdeel was van een ritueel is onbekend.

Rechthoekige (1,4 x 1,7 cm) dobbelsteen van ongebakken aardewerk (100-300 n.Chr.). Bron: Huis van Hilde, inventarisnummer 8997-01.

Fluit

Behalve de dobbelsteen is er ook een bijzondere fluit gevonden. We weten niet uit welke periode de fluit komt omdat in de kuil geen aardewerk gevonden is. Archeologen bepalen vaak aan de hand van de vorm en de patronen in het aardewerk uit welke periode vondsten stammen. Het unieke fluitje is gemaakt van de rechter onderpoot van een kraanvogel. Het fluitje is ongeveer 16,5 cm lang en heeft 5 vingergaten. In Nederland zijn, vergeleken met de rest van Europa, veel fluiten van bot gevonden (een paar honderd). Maar dit fluitje is wel heel bijzonder omdat het 5 gaten heeft. De andere hebben meestal 4 of minder.

Fluit gemaakt van de rechter ellepijp (ulna) van een kraanvogel. Bron: Huis van Hilde, inventarisnummer: 6151-01.

Dit verhaal is gebaseerd op: Langedijk | Geestmerambacht De Druppels door S. Zandboer in: De archeologische kroniek van Noord-Holland 2009, Uitbreiding Geestmerambacht de Druppels Gemeente Langedijk – Evaluatie-, beoordelings- en selectierapport door S. Zandboer en M. C. J. Bot en ADC Rapport 2376: Bijzondere kuilen tussen de kolen. Een archeologische opgraving te Langedijk de Druppels onder redactie van S. Zandboer, ADC ArcheoProjecten, Amersfoort, juni 2012.

Publicatiedatum: 31/03/2014

Aanvullingen

Vul deze informatie aan of geef een reactie.

Plaats een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Vereiste velden zijn gemarkeerd met *. Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.