50 jaar mensen en muziek in Paradiso

De tentoonstelling 50 jaar Paradiso in het Amsterdam Museum belicht Paradiso als cultureel erfgoed. ‘Bijna elke muziekliefhebber heeft immers wel een herinnering aan dé Amsterdamse poptempel.’

Lees volgende verhaal

Conservator Annemarie de Wildt: ‘bij Paradiso denk je aan legendarische concerten, wilde feesten, heftige debatten. Of misschien heb je zelf wel op dat iconische podium opgetreden. In totaal vonden er wel meer dan 26.000 evenementen plaats!’

50 jaar Paradiso

We zijn aanwezig bij de opening van de nieuwe tentoonstelling 50 jaar Paradiso in het Amsterdam Museum. We worden ontvangen in het oudste gedeelte van het museum; de laatmiddeleeuwse gewelven waar een slootje lag dat als aanvoerroute diende. En we zijn in goed gezelschap. Een aantal special guests is uitgenodigd om te komen vertellen over hun specifieke beleving van Paradiso. Zo ook Willem de Ridder, een van de oprichters van ‘Cosmisch ontspanningscentrum Paradiso’ dat 30 maart 1968 haar deuren opende. De Ridder: ‘Of ik ooit gedacht had dat Paradiso 50 jaar zou blijven bestaan? Ik weet het niet. Gisteravond was er een jubileumdiner en alles voelde heel nostalgisch. Het leek alsof er niets veranderd was, de sfeer was vrijwel identiek.’

Oprichter Willem de Ridder in de zaal met foto’s van Adri Hazevoet. Amsterdam Museum, foto: ONH

Cosmisch ontspanningscentrum Paradiso

In de beginjaren was Paradiso een echte hippietempel. Het ‘Cosmisch ontspanningscentrum’ was een magneet voor jongeren waar optredens werden gegeven door bijvoorbeeld De Zangers zonder Naam. Regelmatig stonden wanhopige ouders in de hal op zoek naar hun weggelopen kind. Er kon en mocht veel. Bij de door de politie gedoogde huisdealer was hasj en wiet te koop, maar ‘pushen’ voor de deur was verboden. Op de muren waren vier schermen waar fotograaf en lichtman Adri Hazevoet psychedelische beelden op projecteerde. Groepjes jongeren zaten in kringetjes op de grond jointjes te roken. Het Amsterdam Museum probeert deze sfeer in de eerste zaal na te bootsen met lichteffecten en kleurrijke foto’s van Hazevoet.

Waarschuwing aan niet-gedoogde dealers. Amsterdam Museum, foto: ONH

Plaatjes draaien

De Ridder was de eerste DJ en draaide ook verzoeknummertjes: ‘er was een mandje dat aan een touwtje naar beneden werd gehesen. Daar konden mensen op briefjes verzoeknummertjes schrijven en dan werd het mandje weer omhoog gehesen. De afspraak was wel: als ik jouw nummertje draaide, moest je een act doen op het podium.’

In de jaren zeventig was Pieter Fransen DJ in Paradiso. In het ‘gat’ bovenin het gebouw waar hij draaide lagen honderden platen op alfabet. ‘Ik kreeg een budget van honderden guldens om elke week platen te kopen bij platenzaak Concerto.’

‘No Future!’ Amsterdam Museum, foto: ONH

No Future?

Bij de overgang naar de tweede zaal zie je de woorden: ‘No Future’. Eind jaren zeventig kon de bom elk moment vallen, dus was er volgens veel jongeren geen toekomst mogelijk. Gold dit sombere beeld ook voor het in financieel zwaar weer verkerende Paradiso? Rond 1975 ontstonden er in de hippietempel felle discussies over popmuziek als kunst of kapitalisme. De nieuwe muziekstroming tevens subcultuur ‘punk’ gooide alles overhoop en bracht leven in de brouwerij. Waar voorheen mensen in kringetjes op de grond zaten werd er nu hevig gedanst op optredens van onder meer The Sex Pistols en Iggy Pop. In deze zaal stelen de foto’s van Max Natkiel de show. De fotograaf legde begin jaren tachtig de bezoekers van Paradiso vast: ‘punks, new-wavers, rockers, rasta’s en skinheads gingen in ruil voor een biertje graag op de foto.’

Posters eind jaren ’70. Amsterdam Museum, foto: ONH

Olifantenpoep

In de volgende zaal is er op een beeldscherm wel iets heel extreem te bewonderen. Begin jaren tachtig gaf het Ministerie van Cultuur geld aan Paradiso om met een serie kunstenaarsfeesten kunst toegankelijker te maken voor een breed publiek. Wat volgde was de meest heftige performance (in Paradiso) ooit. Erik Robijn van de Amsterdamse Stadskunst Guerilla (SKG) organiseerde een compleet anarchistische verstoring. Bezoekers moesten door besmeurde auto’s naar binnen klimmen waarna zij zich vervolgens waagden in een omgeving vol olifantenpoep uit Artis, gordijnen van kippenpoten en allerlei bizarre houten constructies. Tijdens de performance van Robijn speelde keiharde punkmuziek. Overigens werd na deze performance alles keurig wit geschilderd.

Foto’s van optredens in Paradiso. Amsterdam Museum, foto: ONH

Meer en divers publiek

De tentoonstelling laat gaandeweg zien dat Paradiso een steeds groter publiek aanspreekt. Van 1983 tot 1986 organiseerde Eddy de Clerq de populaire maandelijkse dansavond Pep Club, zodat eindelijk de disco zijn weg vond naar Paradiso. Dat was in het begin nogal controversieel: ‘Paradiso was een echte rock-omgeving en toen werd het in ene een discotheek. Dat was toen heel bijzonder.’

Vanaf 1991 krijgt ook hiphop via de B-Boy Extravaganza feesten een podium. Daarvoor verantwoordelijk was Agnes Salverda: ‘Paradiso probeerde in de jaren negentig steeds meer nieuwe groepen te bereiken. Voorheen was er voornamelijk wit publiek.’

In 1995 onderging Paradiso zélf ook een metamorfose. De Rolling Stones lieten voor hun album Stripped de grote zaal omtoveren tot club in New Orleans, waarvoor tijdelijk een extra balkon werd geplaatst. Dit zag er zo goed uit dat er later een permanent balkon kwam. Zo konden er 250 man extra in het gebouw.

David Bowie in Paradiso, 1997. Amsterdam Museum, foto: ONH

Artiesten en bezoekers

‘Paradiso 50 jaar’ neemt je mee door de tijd. Zo’n tweehonderd unieke foto’s van concerten en artiesten (David Bowie, Nirvana), van feesten (Lovedance) en bijzondere bijeenkomsten (uitvaart van Herman Brood) sieren de muren. Ook hangen er veel foto’s van de vele bezoekers én werknemers van Paradiso. Helemaal bijzonder zijn de posters en affiches die door de jaren heen het Amsterdamse stadsbeeld hebben versierd. Ook klinken er authentieke muziekopnames uit Paradiso. Als bezoeker kun je een audiotour volgen waarin Paradiso0bezoekers, artiesten en medewerkers over hun belevenissen vertllen. Deze audiotour geeft ook een toelichting op wat er te zien is en is ingesproken door Huub van der Lubbe. De voorman van De Dijk trad immers zelf vaak op in Paradiso. Als je zelf bijzondere herinneringen aan Paradiso hebt, kun je die achterlaten op geheugenvancentrum.nl/paradiso.

Reconstructie van bezoekers voor de ingang van Paradiso, met Paradiso-werknemers. Amsterdam Museum, foto: ONH

De tentoonstelling loopt tot en met 19 augustus in het Amsterdam Museum. De tentoonstelling is gemaakt in samenwerking met Paradiso, Hester Carvalho die het boek Paradiso 50 jaar schreef en de VPRO die een podcast over Paradiso heeft.

Auteur: Tom van der Aart

Met dank aan Amsterdam Museum

Written by:

Other posts by

Oneindig Noord-Holland maakt verborgen verhalen zichtbaar samen met:

Bekijk het gehele partneroverzicht