Woonwagen geparkeerd voor het raadhuis in Schermerhorn

Het is koud in Schermerhorn op 19 november 1969. Een journalist van de Alkmaarsche Courant brengt op die dag een bezoek aan een familie die een bijzondere plek heeft uitgekozen om met de woonwagen de winter door te brengen, namelijk voor het gemeentehuis in Schermerhorn. En dat gaf een vreemd gezicht in het kleine dorp.

In de wagen is het behaaglijk warm, dankzij een kolenkacheltje. De journalist praat er met de eigenaren, die in een later door hem geschreven artikel alleen met hun voornamen worden aangeduid: Jaap en Marie. Beiden wonen al sinds hun geboorte in woonwagens. Twee van hun kinderen bezoeken de lagere school in Schermerhorn. Er is ook nog een baby aanwezig. Buiten hangen luiers te drogen op een lijn die is gespannen tussen een verkeersbord en een lantaarnpaal naast het raam van de burgemeester. Jaap legt aan de journalist uit waarom het gezin hier is gaan staan.

 

De foto die de journalist van de Alkmaarsche Courant maakte tijdens zijn bezoek aan Jaap en Marie.

De foto die de journalist van de Alkmaarsche Courant maakte tijdens zijn bezoek aan Jaap en Marie. Beeld: Regionaal Archief Alkmaar.

Geen plaats in Schermerhorn

Schermerhorn beviel hun wel. Ze hadden er eerder al een tijdje gestaan en toen ze er weer eens langs kwamen hadden Jaap en Marie tegen elkaar gezegd: “hier moeten we deze winter maar blijven staan”.  Het terrein waar ze eerder hadden verbleven bleek echter niet meer beschikbaar. Ze besloten naar het gemeentehuis te gaan om te vragen naar een standplaats, maar daar werd hun gezegd dat er geen terrein voor hen was. Jaap had toen maar besloten om de wagen voor de deur van het gemeentehuis te laten staan. De gemeente was volgens hem verplicht om een standplaats beschikbaar te stellen.

Op bezoek bij de burgemeester

Na het maken van een paar sfeerfoto’s, waaronder de foto bij dit verhaal, ging de journalist op bezoek bij de burgemeester om zijn versie van het gebeuren op te tekenen. Burgemeester Schagen was wel bereid tot een gesprek. Volgens Schagen hadden de woonwagenbewoners al heel veel geld ontvangen uit de openbare middelen. Jaap had van het geld een auto gekocht. Daarmee zou de familie afreizen naar Roermond. Maar ze waren al snel weer teruggekeerd in Schermerhorn.

Nu vroeg Jaap om geld voor een aanhangwagentje, waarmee hij zijn handel in oud ijzer wilde voortzetten. De gemeente had geweigerd, want er was al genoeg betaald. Het gezin moest weg concludeerde de burgemeester. Hij zou eens goed gaan kijken in het ‘labyrinth aan voorschriften’ om uit te vissen hoe de gemeente dat vertrek voor elkaar zou kunnen krijgen. In Schermerhorn lukte het altijd om de zaken goed af te wikkelen, en – zo verklaarde burgemeester Schagen blijmoedig – “het zal met deze man ook wel weer gaan”.

Vertrek van Jaap en Marie

De pers had verder geen aandacht meer voor de zaak en ook de archieven zwijgen, maar een dorpsbewoner vertelde dat Jaap en Marie de plaatselijke politieagent op bezoek kregen. Hij zou gezegd hebben: “Vertrekken voor die bepaalde tijd, anders laat ik jullie wegslepen”. Hierop vroegen Jaap en Marie of ze dan aan de andere kant van de Schermerweg mochten gaan staan. Antwoord van de agent zou daarop zijn geweest: “Prima, want dat is Alkmaars terrein en dan zijn jullie mijn gebied uit”.

Het gemeentelijke woonwagenkamp (bonanzadorp) aan de Noorderkade, waar nu de Zijperstraat is, omstreeks 1930.

Het gemeentelijke woonwagenkamp (bonanzadorp) aan de Noorderkade, waar nu de Zijperstraat is, omstreeks 1930. Beeld: Regionaal Archief Alkmaar, collectie Monumentenzorg & Archeologie Gemeente Alkmaar.

De laatste trekkers

Jaap en Marie behoorden tot de laatste echte trekkers. Vanaf 1968 werden de woonwagenbewoners geconcentreerd in regionale kampen. Het rondtrekken werd feitelijk onmogelijk gemaakt. Ook in de omgeving van Alkmaar kwam in 1970 een groot kamp, het ‘Woonwagencentrum Vroneroord’. Het was gevestigd aan de Huigendijk langs het kanaal Alkmaar-Kolhorn en verving een eerder kamp aan de Noorderkade in Alkmaar. Toen Vroneroord werd opgericht waren er overigens slechts 22 woonwagens te vinden in Alkmaar en omgeving. De nieuwe regionale kampen waren geen succes. Midden jaren zeventig werd het beleid weer omgebogen: kleine kampen dicht bij bestaande bebouwing genoten nu de voorkeur. Vroneroord werd per 1 januari 1988 opgeheven en de bewoners werden verspreid over kleinere centra in Alkmaar en omgeving.

 

Auteur: Harry de Raad

Publicatiedatum: 11/08/2011