Vuurlijn loopt veilig achter de dijk van fort naar fort

Een onopvallend weggetje achter een dijk. Maar het was wel dé verbindingsroute tussen enkele forten. Dit weggetje, de Vuurlijn geheten, was een essentieel onderdeel van de Stelling van Amsterdam. Op deze veilig achter de hoge dijk verscholen weg konden de manschappen zich verplaatsen van het fort Kudelstaart aan de Westeinderplassen via het fort De Kwakel naar het fort bij Uithoorn. En naar het fort dat, ook in Uithoorn, aan de rivier de Drecht was gebouwd.

Deze Vuurlijn was dus een onderdeel van de linie Kudelstaart-Uithoorn. Bij het realiseren van de Stelling van Amsterdam maakten de ontwerpers dankbaar gebruik van de dijk die al was opgeworpen bij het droogleggen van de Legmeer, Hornmeer en Thamerpolder. De dijk scheidt de Noorder van de Zuider Legmeerpolder.

Damsluis bij Vuurlijn.

De in 1893 aangelegde damsluis tussen De Kwakel en Kudelstaart die enkele jaren geleden is gerestaureerd. Met behulp van deze sluis kon het waterpeil in de polders geregeld worden. Bij dreigend gevaar werd de Zuider Legmeerpolder onder een laagje water gezet.

De Noorder Legmeerpolder valt binnen het door de Stelling van Amsterdam beschermde gebied. Bij oprukkende vijandelijke troepen zou de Zuider Legmeerpolder onder water gezet worden.

Damsluis bij Vuurlijn.

Damsluis

Halverwege de forten Kudelstaart en De Kwakel kwam een damsluis in de hoofdtocht van de polders om het inunderen te regelen. Deze in 1893 aangelegde damsluis is in 2009 helemaal gerestaureerd. Tussen de forten waren aan de dijk enkele plekken geschikt gemaakt om er batterijen op te stellen, hier konden als dat nodig was artilleriewapens worden geplaatst.

Batterij aan Vuurlijn.

Tussen Uithoorn en De Kwakel maakt de Vuurlijn op enkele plaatsen een ruime bocht. Hier kwamen in oorlogstijd batterijen te staan, achter de dijk die het zuidfront was van de Stelling van Amsterdam. Tussen de forten in Uithoorn, De Kwakel en Kudelstaart konden op verschillende plekken ter versterking geschut worden opgesteld. Het land aan de rechterkant kwam dan onder water te staan.

Batterij aan Vuurlijn.

Krayenhoff

De Vuurlijn anno nu maakt nog steeds een bocht bij zo’n vroegere batterij. Zo’n bocht is nog goed te zien bij een nieuwe woonwijk van Uithoorn die toepasselijk is vernoemd naar Krayenhoff (1758-1840), de arts en generaal die in de Franse tijd met het plan kwam een verdedigingslinie rond Amsterdam te leggen – dat werd de voorloper van de Stelling van Amsterdam die rond de vorige eeuwwisseling werd gebouwd.

Turf

Als je ver in de tijd terug gaat, zeg tot de middeleeuwen, dan zou je hier op een uitgestrekt moerasgebied hebben uitgekeken. Door slootjes te graven en zo het water uit het veengebied af te voeren, veranderden de pioniers het moerasland langzaam maar zeker in landbouwgrond. Later bleek het erg lucratief om de veengrond af te graven en als turf te verkopen, want de vraag naar brandstof was groot.

Bouwen aan fort bij De Kwakel. Op de foto uit 1906 zie je werklieden druk doende het fort bij De Kwakel te bouwen.

Watervlakte

Door al dat graaf- en baggerwerk dijde het Legmeer steeds verder uit. Rond 1680 golfde er één grote watervlakte tussen Kudelstaart en Uithoorn. En het pad dat van oudsher De Kwakel met Kudelstaart verbond, verdween onder water. Rond 1800 zag je hier hoogstens nog enkele eilandjes liggen.

‘Vratige wolf’

Tot overmaat van ramp brak ook af en toe het water van het Haarlemmermeer door de dijken en klotste het tot aan Bovenkerk en Uithoorn toe. In die jaren viel het besluit het Haarlemmermeer droog te leggen. Amsterdam kwam door de ‘waterwolf’ (het grote Haarlemmermeer) in gevaar.
In 1852 raakte door het pompen van kolossale stoomgemalen de bodem van het Haarlemmermeer in zicht. Maar toen maakten sommige deskundigen zich grote zorgen dat nu de Legmeerplassen zouden uitgroeien tot ‘een vratige wolf’ en het land tot aan de Amstel zou opslokken.

‘Allertreurigst ongeval’

Het Legmeer dat tussen Aalsmeer, De Kwakel en Bovenkerk lag, was inderdaad niet ongevaarlijk. Een landelijke krant meldde bij voorbeeld dat in april 1822 zich daar een ‘allertreurigst’ ongeval had voltrokken. Een onverwachte windvlaag had een zeilschuit omgeblazen. De zes Amsterdammers aan boord kwamen in het water terecht. Eén wist zich aan de ‘gewentelde schuit te redden’. Wat hij ook deed, het lukte hem niet de anderen te redden. Hij zag ze allen ‘in de golven verdwijnen’. Tot de slachtoffers behoorden een ‘geacht en ijverig huisvader en drie van zijn vier zonen’.

Dijk tussen beide Legmeerpolders.

De dijk die Noorder en Zuider Legmeerpolder scheidt. De foto is genomen nabij de damsluis. Links de Zuider Legmeerpolder die als de vijand in aantocht was onder water gezet kon worden. De auto rijdt over de Vuurlijn.

Dijk tussen beide Legmeerpolders.

Nachtelijke vispartij

In zijn ‘Amstellandsche Arkadia’ vertelt de wijnhandelaar en schrijver Daniël Willink (1676-1722) hoe Amsterdammers met boten naar o.a. Aalmeer voeren om er te vissen. Bij dergelijke nachtelijke vispartijen kon het zeer luidruchtig aan toe gaan. In de herberg bij het Legmeer ‘vindt men des zaterdags nachts in den zomer honderden menschen van allerlei slag, oud en jong, en onder deze geen klein getal die naaulijks kousaen en schoenen aan de benen en voeten, noch kleeren aan het lijf hebben’. Ze zongen zo’n nacht ‘de slegste soort van straatdeunen’.
Bij het aanbreken van de dag zag Daniël Willink ze met stokken en allerlei soorten ‘angelroeden’ het veen intrekken om de ‘visch te betrappen’.

Zuidfront Stelling van Amsterdam.

Het kaartje geeft aan hoe het zuidfront van de Stelling van Amsterdam liep van het fort bij Kudelstaart, gelegen aan de Westeinderplassen, zich via Uithoorn uitstrekte tot aan het fort aan de Winkel, bij de Vinkeveense plassen.

Zuidfront Stelling van Amsterdam.

Moeraskoorts

Rond de Legmeerplassen heerste moeraskoorts. Daarin kwam verbetering nadat de regering in 1873 de concessie had verleend om de Noorder Legmeerplas droog te malen. Daartoe werd allereerst het weggespoelde pad tussen De Kwakel en Kudelstaart hersteld. Dit zou de grens vormen tussen de Noorder en de Zuider Legmeerpolder. In 1877 viel de noordelijke plas droog, vijf jaar later de Zuider Legmeer.

Aan de voet van die dijk door de vroegere Legmeerplassen loopt nu de Vuurlijn. Van fort naar fort.

Publicatiedatum: 14/08/2014